Kamer 707 spookt

HANS BOUMAN

Alice Hoffmans roman De derde engel is opgebouwd uit drie kundig met elkaar verbonden delen. Ze zijn respectievelijk gesitueerd in 1999, 1966 en 1952, en in alledrie speelt een hotel in de Londense wijk Knightsbridge een rol van betekenis.

In het eerste deel maken we kennis met Maddy Heller, een wat labiele advocate uit New York, die naar Londen afreist om daar het huwelijk bij te wonen van haar oudere zuster Allie. Hopeloos verliefd op haar aanstaande zwager, Paul.

Maddy betrekt een kamer in het Lion Park Hotel, waar ook haar moeder ooit logeerde als jong meisje. Daar maakt ze kennis met een melancholische oude man die zich elke avond laat vollopen in de hotelbar. Ook hoort ze over de geest die kamer 707 onveilig maakt, elke avond om half elf.

Vervolgens springt het boek 33 jaar terug in de tijd, naar het verhaal van Frieda, die als kamermeisje in het Lion Park gaat werken. Ze krijgt een relatie met een van de hotelgasten, een aankomende rockster met een voorliefde voor heroïne.

Ook in 1966 spookte het al in kamer 707, en Frieda is een van de weinigen die de kamer durft binnen te gaan.

Het slotdeel vertelt over de 12-jarige Lucy, die met haar vader en stiefmoeder in Londen is om een huwelijk bij te wonen. Logeeradres: het Lion Park Hotel. Lucy raakt betrokken bij een relatiedrama tussen drie personen, en als een van de brieven die ze moet overbrengen in verkeerde handen valt, raakt er een geest uit de fles.

Zoals in de meeste van haar boeken maakt Hoffman in De derde engel gebruik van metafysische elementen. Die belichamen de impliciete boodschap van de roman, maar dwingen je niet in spoken te geloven. Hoffman gelooft vooral in mensen.

Alice Hoffman: De derde engel.

Uit het Engels vertaald door Josephine Ruitenberg en Emmy van Beest. Orlando; 312 pagina's; € 18,95. ISBN 978 90 229 5999 2.

undefined

Meer over