Kak

De trein gaat uit. Het idee is nu dat in twee, drie minuten weer een volle trein wegrijdt, als het even kan met een paar nieuwe passagiers, en met achterlating van de oude die van boord willen....

Het schijnt meestal nog te lukken ook, en dat is een klein wondertje. Vroeger was het zo dat uitgaand verkeer voorging. Ik geloof niet dat je die voorrangsregel onderwezen kreeg, het leek zo logisch. Opgeschoten jongeren waren er toen ook al, en die drongen soms voor. Maar dat was uitzondering: de regel werd bevestigd en die jongeren bleven er mooi opgeschoten bij.

Nu loopt een mijnheer met een regenjas van conservatieve snit eerst mij omver, dan het meisje dat uit wil stappen. Veertiger. Ministerie, schat ik. Een oudere dame volgt zijn voorbeeld, en zij wordt weer gestut door een stel dat aan de brilmonturen te oordelen ooit nog PSP heeft gestemd. 'Laat ons d'r uit', roept iemand van het uitgaand verkeer. De binnenkomers antwoorden met volharding en tandengeknars.

Ik ben er niet trots op dat ik als laatste naar binnen stap, ook niet heimelijk voldaan, 'de laatste der Mohikanen', dat soort zelfgenoegzaamheid. Nee, een regel waar je je in je eentje aan houdt, is geen regel meer. Da's eenzame gekte.

Etiquette, regels, omgangsvormen zijn gemaakt voor bange mensen. Zo zie ik dat. Het is een beschermingsfactor in het sociale verkeer, waar nu juist de zwakkeren, de smal geschouderden en de neurotici van profiteren. Iedereen weet dat het geen onverdeeld genoegen is wanneer mensen helemaal zichzelf zijn in het openbaar. Met eentiende van heel zo'n mens kom je ruim toe. Die zelfgekozen beperking heet etiquette.

Zo vanzelfsprekend als sociale wetgeving is voor het Nederlandse parlement, zo gewoon zouden goede manieren moeten zijn voor de straat. Typisch iets voor het PvdA-beginselprogramma, sociaal-democratie in de praktijk, paragraaf na paragraaf, hoofdstukken lang.

Is niet zo.

Etiquette heeft een rechtse roep. Nodeloos moeilijk doen om je te onderscheiden van anderen. IJskast in plaats van koelkast. Nooit 'smakelijk eten', nooit 'aangenaam'.

Die distinctiekant is het minst interessante aan het geheel. Rechtse kak, linkse kak, ieder kiest zijn eigen illusie. Maar de basics, die laag schuimrubber om de mens tegen het wolfachtige in hemzelf en anderen te beschermen, dat blijft een goed idee.

Ondertussen doet zich een onaangename correlatie voor; daar waar de sociale wetgeving het meest ontwikkeld is, zijn de omgangsvormen het verst te zoeken.

En Nederland wordt daarvan een steeds overtuigender voorbeeld.

Meer over