Commentaar

Kaf en koren in Molenbeek

Veel terreurdaden hebben een connectie met de Brusselse gemeente Molenbeek. 'Daar wordt de strijd gewonnen of verloren.' Twee Belgische commentaren.

Een politieactie in de Brusselse deelgemeente Molenbeek Beeld anp
Een politieactie in de Brusselse deelgemeente MolenbeekBeeld anp

De Standaard

De aanslagen vonden vrijdagavond plaats in Parijs, maar de ogen, en de beschuldigende vingers, wijzen vandaag naar België, meer bepaald Molenbeek.

De onmiskenbare link met België mag geen verwondering wekken: we zijn verhoudingsgewijs het land vanwaar de meeste geradicaliseerde jongeren naar de oorlog in Syrië zijn getrokken. Dat betekent dat er een voedingsbodem is, maar ook dat er netwerken zijn waarop potentiële terroristen van elders een beroep kunnen doen.

Dat maakt het perspectief voor ons land nog somberder. En er was al zoveel reden tot pessimisme. Het kan immers wel zijn dat Islamitische Staat de strijd verlegt naar Europa omdat het op het terrein in Syrië zware klappen krijgt. Maar dat verandert niets aan de vaststelling dat na Parijs alles anders is. De bereidheid en het vermogen om op grote schaal, gelijktijdig en zonder aanzien des persoons toe te slaan, zijn op monsterachtige wijze aangetoond. Net zoals in steden als Bagdad, Beiroet of Kaboel moeten wij met een stijgende frequentie van willekeurige aanslagen rekening houden.

De bedoeling van de terroristen en zeker van de beramers die hen ijskoud de dood instuurden, is ondubbelzinnig. Ze willen dat onze samenleving verkrampt en zich verschanst achter twijfelachtige barrières. Ze willen dat we ons terugplooien en overal bedreiging en gevaar zien. Ze willen dat er tussen moslims en niet-moslims een nog diepere kloof wordt uitgegraven.

Het drama is dat hen dat ook nog lijkt te lukken. Berichten dat een of meer terroristen zich in de asielstroom hebben verscholen om Europa binnen te komen, ondergraven het al zwakke draagvlak voor de spreiding van erkende vluchtelingen.

Ook als 99,9 procent van hen op de vlucht is voor het gevaar dat IS in hun regio betekent, blijven er in het overblijvende eentiende procent voldoende individuen over die ons, onze vrijheid en onze tolerantie met grof geweld willen aanvallen. De neiging om hen allemaal te wantrouwen zal onvermijdelijk verder toenemen.

De tegenstanders zijn onder ons. Het succes dat we kenden met het oprollen van de terreurcel in Verviers, blijkt helaas efemeer. De vijand kan zich van zulke tegenslagen verbijsterend snel herstellen en harder dan ooit toeslaan. De toestand is meer dan zorgwekkend.

Een hardere aanpak dringt zich op, maar houdt ook risico's in. Een jarenlang scheefgegroeide toestand zoals in Molenbeek kan niet één-twee-drie worden gekeerd. Samenwerking tussen de verschillende bestuurslagen is nu geboden. De strijd wordt gewonnen of verloren in Molenbeek.

Bart Sturtewagen, opiniërend hoofdredacteur van De Standaard

Bart Sturtewagen, opiniërend hoofdredacteur van De Standaard. Beeld
Bart Sturtewagen, opiniërend hoofdredacteur van De Standaard.Beeld

De Morgen

'We moeten niet bang zijn, we moeten wel alert zijn.' Zo reageerde Françoise Schepmans, burgemeester van Sint-Jans-Molenbeek, in januari toen mannen uit Molenbeek omkwamen bij een antiterreuractie in Verviers. Eerder verbleef Mehdi Nemmouche, die in 2014 de moordpartij pleegde op het Joods Museum in Brussel, in Molenbeek, net als een van de daders van de terreuraanslag in Madrid in 2004. Ook de man die in augustus een aanslag probeerde te plegen op de Thalys, had ondergedoken geleefd in Molenbeek.

Nu blijkt dat minstens twee daders van de aanslagen in Parijs in Brussel en Molenbeek zouden hebben gewoond. Molenbeek krijgt het dus niet voor elkaar om het kaf van het koren te scheiden onder zijn inwoners. Niet nu, niet de afgelopen vijftien jaren.

Minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon wil nu orde op zaken stellen. Hij wil de gemeente 'opkuisen'. Inlichtingendiensten vertellen hoe zij te weinig kunnen infiltreren in extremistische kringen wegens een gebrek aan de juiste profielen binnen hun personeel. Als blijkt dat België cruciale informatie miste in het Parijse drama omdat Brussel met zijn 19 gemeenten en versnipperde politiediensten coördinatie en opvolging van mensen en info mist, dan zal Jambon meer mogen 'opkuisen' dan Molenbeek alleen.

Jambon en zijn collega's staan voor de opdracht problemen aan te pakken zonder een hele bevolkingsgroep te stigmatiseren of te raken aan de westerse waarden en openheid. Een gemeente 'opkuisen' hoeft niet, de juiste mensen oppakken en berechten wel. Grenzen sluiten hoeft ook niet, de mannen en vrouwen die in staat zijn tot deze gruweldaden wonen hier al. Dat bewijzen de aanslagen in Parijs. Wie het aandurft de Syrische vluchteling die zich onder de daders bevond, het bewijs te maken van een falend Europees vluchtelingenbeleid, heeft enkel tot doel de samenleving nog meer te polariseren.

De islam als godsdienst veroordelen hoeft ook niet. Wel de imams aanpakken die ongestoord kunnen aanzetten tot haat. De extremisten die via allerhande kanalen jongeren opruien moeten worden gestopt.

Europa mag de naïviteit van zich afschudden. Er moet nu ook gehandeld worden. Repressief door elke vorm van intolerantie ten opzichte van de westerse waarden aan te pakken. We moeten niemand bang maken. Maar we moeten ook niet langer naïef zijn. Alert zijn volstaat niet. We moeten niet bang zijn. Van geen godsdienst, van geen vluchtelingen maar ook niet van onze eigen kracht om het vanaf nu anders aan te pakken.

An Goovaerts en Lisbeth Imbo, hoofdredacteuren De Morgen

An Goovaerts en Lisbeth Imbo, hoofdredacteuren De Morgen Beeld
An Goovaerts en Lisbeth Imbo, hoofdredacteuren De MorgenBeeld
Meer over