Justitie eist 20 jaar cel en tbs tegen mastzitter

Het Openbaar Ministerie heeft donderdag voor de rechtbank in Den Bosch tegen Dennie J. twintig jaar cel en tbs met dwangverpleging geëist wegens drievoudige moord. 'Je zult branden in de hel, sneller dan je denkt', whatsappte hij juni vorig jaar zijn chatvriendin Sanne uit Cuijk. Twee dagen later voegde hij volgens justitie de daad bij het woord.

DEN BOSCH - 's Nachts goot Dennie (toen 23) twee jerrycans met benzine en diesel uit in de woonkamer en onder aan de trap van het huis waar Sanne (14) woonde met moeder Anita (46) en zus Ilse (17) .

Hij stak de boel in brand en vertrok via de achterdeur, die hij open liet staan. Een buurvrouw werd wakker van geschreeuw en belde 112. Toen de brandweer arriveerde, stond het huis al in lichterlaaie. De hitte was zo groot dat de brandweerlieden niet naar binnen konden. Later vonden ze de drie slachtoffers. Ze waren om het leven gekomen door koolmonoxidevergiftiging en schade aan de organen wegens de enorme hitte.

'Waarom heeft dit afschuwelijke drama moeten gebeuren?', vroeg de officier van justitie zich af voor de rechtbank in Den Bosch. Wat stelde die relatie nou eigenlijk voor tussen een 23-jarige autistische, depressieve jongeman en een 14-jarig meisje dat op Facebook en whatsapp wisselende contacten met vriendjes had? 'Sanne was voor hem tot mythische proporties uitgegroeid. De emoties bouwden zich op tot agressie, hij wilde een daad stellen.'

Dennie J. had meteen spijt. Hij belde in paniek zijn zus: ik heb iets ergs gedaan, ruzie met Sanne, ik heb het huis in de hens gezet. Hij ging kijken bij het brandende huis. Hij klom in een 30 meter hoge zendmast en wilde springen. Zijn leven had heen zin meer zonder Sanne, zei hij tegen agenten die hem pas na negen uur praten met een hoogwerker naar beneden konden halen.

Twee weken eerder was hij ook al eens in dezelfde zendmast geklommen om een einde aan zijn leven te maken. Hij had ernstige psychische problemen en kreeg ambulante begeleiding door zorginstelling Trajectvol. Zijn behandelaars vonden zijn situatie zo ernstig dat ze opname in een kliniek adviseerden. Maar de psychiater van de GGZ vond dat niet nodig.

Achteraf gezien was dat een grove inschattingsfout. Volgens zijn advocaat Ton van Elk de Freese meende de GGZ dat de problemen van Dennie vooral te maken hadden met zijn woonsituatie: hij was eerder die maand met ruzie vertrokken uit het huis van zijn moeder en bivakkeerde op een camping. Na de brandstichting kondigde de Inspectie voor de Gezondheidszorg een onderzoek aan. Een IGZ-woordvoerder wilde daarover gisteren niets zeggen, 'omdat de casus-Cuijk nog onder de rechter is'.

Dennie J. heeft een moeilijke jeugd gehad, is sociaal-emotioneel zwakbegaafd (maar praktisch-technisch 'bovengemiddeld') en gaat slecht met tegenslagen om. Hij heeft een autistische en antisociale persoonlijkheidsstoornis: 'een gevaarlijke combinatie' die kan leiden tot agressie en strafbaar gedrag, aldus het oordeel van de psychiater. Tijdens de brandstichting was hij verminderd toerekeningsvatbaar.

Heeft u het gedaan, en waarom, wilden de rechters weten. Dennie J. mompelde slechts: 'Dat weet ik niet meer.' Of: 'Zoiets doe ik niet.' Meestal zweeg hij of haalde hij zijn schouders op. Bij de verhoren heeft hij ontkend.

Zijn advocaat vroeg vrijspraak wegens gebrek aan overtuigend bewijs. In de cel heeft Dennie J. geprobeerd zelfmoord te plegen, via brandstichting en het maken van een strop. 'Wilt u nog steeds dood?', vroeg de rechtbankvoorzitter. 'Ja', knikte de verdachte.

De rechtbank doet 9 april uitspraak.

undefined

Meer over