Juliette komt pas vrij als ze Philippe omkoopt

St. Raphaël is zomaar een plattelandsstadje in het noorden van Haïti - geen waterleiding, geen elektriciteit, geen riolering. Het is donderdag, marktdag....

Op de veranda van het politiebureau kijkt agent Philippe uit over het gekrioel op straat. Philippe staat er op de roerige dag zo goed als alleen voor. Van zijn vijftien collega's geen ander spoor dan hun uniformen, die over metalen bedden hangen. 'Geen idee waar ze zijn', zegt Philippe. Wel heeft hij gezelschap van Jean, die een camouflagepak draagt. Aan zijn koppelriem hangen een wapenstok en handboeien. Hij is geen agent, hij is 'een vriend', zegt Philippe.

De inventaris van het politiebureau bestaat uit een doorgeroeste archiefkast, een bureau met lege lades, een arrestantenboek, een pen en een toestel om een radioverbinding mee te leggen. Philippe staat er bij en kijkt ernaar. De accu van de radio is leeg. Contact met het hoofdbureau, drie uur autorijden verderop, kan hij al dagen niet meer maken. Soit, Philippe haalt zijn schouders op.

Het hagelwitte Commissariat oogde van de buitenkant nog zo imposant - de roodblauwe nationale vlag wapperde er fier boven het bordes. Maar binnen maken vier smoezelige, zo goed als lege kamers in één oogopslag duidelijk dat de Police Nationale d'Haïti in een deplorabele staat verkeert. En zonder middelen is het ondoenlijk de letter van de wet te volgen.

Ooit, in 1995, belichaamde het politiekorps de hoop op een beter Haïti. Amerikaanse soldaten verjoegen de generaals-annex-coupplegers en hielpen de democratisch gekozen president Jean-Bertrand Aristide weer aan de macht. Het oude politiekorps werd, evenals het leger, ontbonden. De orde zou voortaan worden gehandhaafd door een nieuw contingent agenten, dat streng doch rechtvaardig zou optreden. De Verenigde Staten leidden het nieuwe korps op, een taak die later werd overgenomen door de Verenigde Naties.

Aan de binnenplaats van het politiebureau in St. Raphaël ligt de cel. Achter de traliedeur zitten en liggen drie vrouwen en twee mannen. Een van hen heet Juliette, ze is een jonge, tengere moeder van drie kinderen.

Haar schoonouders hebben Juliette naar het bureau gebracht, zes dagen geleden. Achter haar naam in het arrestantenboek staat voies de fait, gewelddadigheden, zonder nadere toelichting. Het is in Haïti de meest opgegeven reden van arrestatie, een makkelijk excuus om iemand op te sluiten.

Gewelddaden waren er zeker, zegt Juliette. Haar man heeft haar samen met zijn ouders in elkaar geslagen. De reden: ze had voor de zoveelste keer geen geld om eten voor de kinderen te kopen. Ze hebben haar vervolgens naar het bureau gebracht om een tijdje van haar gezeur af te zijn.

Als bewijs toont ze blauwe plekken op armen en benen. Juliette zit al zes dagen in voorarrest, hoewel daar volgens de grondwet maar twee dagen voor staat. Philippe haalt zijn schouders op. Hij kan er niks aan doen, zegt hij. 'De rechtbank laat niets van zich horen.' Juliette, zo luidt het meest waarschijnlijk scenario, komt pas vrij als ze Philippe omkoopt. Hij heeft haar al tweehonderd gourdes gevraagt, tien euro.

De politie geniet geen enkel vertrouwen onder de Haïtianen. President Aristide, in 2000 na oneerlijke verkiezingen opnieuw tot president benoemd, liet vorig jaar een nieuw licht schijnen op de taakopvatting van de agenten. Dieven en overvallers, zei Aristide tijdens de beëdiging van nieuwe politieofficieren, zijn criminelen. Als je zo'n man pakt, hoeft hij niet berecht te worden, je kunt hem gewoon doodschieten.

Een reeks lynchpartijen overal in het land was het gevolg. De logica is simpel: wie een wapen heeft, schiet een inbreker eerst dood en belt dan de politie. Als de schutter over een wapenvergunning beschikt, worden er verder geen vragen gesteld.

Agent Philippe is twee jaar geleden vanuit het zuiden van het land naar St. Raphaël in het noorden gestuurd. De motivatie: een agent zonder familiebanden in de stad kan zich onafhankelijk opstellen. De praktijk: Philippe kent nog steeds bijna niemand in het dorp en kent in de omgeving nauwelijks de weg.

Aan zijn broekriem bungelt een pistool in een holster. 'Zo red ik me hier.'

Meer over