Joop van Tijn

Er zijn weinig krantenverhalen die de tand des tijds weerstaan. 'Daarom vroeg ik bedenktijd voordat ik een bundel wilde maken met werk van Joop van Tijn', zegt Chris van Esterik die met de in 1997 overleden Van Tijn een boek over de socialist Jaap Burger had geschreven....

Van Esterik is kritisch, maar des te knapper is zijn respect- en liefdevolle portret dat hij als inleiding voor de bloemlezing schreef. Van Tijn was een van de meest briljante journalisten van zijn tijd. Hij was razend intelligent, had ontwapenende charme, was hartstochtelijk geïnteresseerd in politiek, vrouwen, poëzie, sport en vooral het leven. Politici vreesden, maar vertrouwden hem. Hij zelf was en bleef, zegt Van Esterik, een buitenstaander: geboren in Ba tavia (1938), zat in het Jappen kamp, kwam pas op zijn 13de naar Nederland en was jood. Hij zat vol wantrouwen, had een pijnlijk gevoel voor humor en zelfspot en kon domme mensen niet verdragen. Hij was als overtuigd socialist, zegt Van Esterik, ook elitist. Hij kon heel goed opschieten met politici als Hans Wiegel en Dries van Agt. Over Joop den Uyl wilde hij geen kwaad woord horen of schrijven, maar het zou Van Este rik niet verbazen als de papenhater Van Tijn uiteindelijk liever in het gezelschap van Van Agt verkeerde. De liefde voor taal, de schoonheid van het wielrennen, het relativeren en genieten van goed glas wijn hadden de twee buitenbeentjes gemeen. Den Uyls broodjes met het glas melk, slecht zittende pakken en mono maan doordrammen konden Van Tijn aardig irriteren.

Meer over