Jonge schol wil niet in de box blijven

Al vijf jaar is een groot deel van de Noordzee-kustwateren verboden gebied voor zware vissersschepen. De schol heeft daar echter geen baat bij gehad....

René Didde

OP de Noordzee tellen biologen op dit moment de nieuwe lichting schol, maar veel hoop dat ze een forse hoeveelheid jonkies in hun netten aantreffen, heeft dr. Adriaan Rijnsdorp niet. 'We zien al jaren dat de scholpopulatie sterk onder druk staat', zegt de Noordzeebioloog van het Nederlands Instituut voor Visserij Onderzoek (RIVO) in IJmuiden.

De overbevissing van bekende platvissoorten als schol en tong op de Noordzee is al jaren gaande, en even zo lang adviseren visserijbiologen dat de bevissing van de Noordzee omlaag moet. Het is een oud verhaal.

Nieuw is dat volgens tellingen van het RIVO herstel van de scholstand zelfs uitblijft in de beschermde ondiepe kustwateren van Texel tot aan het Skagerrak, bij de Kop van Denemarken. Dit gebied, de zogeheten scholbox, is al vijf jaar gesloten voor de grotere boomkor-kotters van de beroepsvissers.

'De scholbox blijkt niet de productieve kraamkamer en kweekvijver voor jonge vissen, zoals wij hadden gehoopt', zegt Rijnsdorp. 'Wij rekenden op een toename van de scholpopulatie met 25 tot 35 procent, maar zelfs van een goed jaar als 1996 met veel jonge scholletjes zie je nu weinig terug.'

Al vanaf het begin van de jaren twintig constateren biologen dat vissers - toen nog zonder grote sleepnetten - veel ondermaatse schol vangen. Deze jonge visjes zijn niet interessant voor de verkoop. Overboord zetten heeft geen zin, want eenmaal verstrikt in het net zijn ze al dood voor ze goed en wel boven water zijn.

Dat komt doordat de schol nogal stijf is en zich, anders dan de wat slankere en buigzame tong, niet gemakkelijk door de mazen van het net kan krullen, legt Rijnsdorp uit. Verruimen van de maaswijdte biedt geen soelaas, want dan ontsnappen ook alle grote tongen.

Vandaar dat na tientallen jaren soebatten vanaf 1989 in samenwerking met de visserij de scholbox werd ingesteld. 'Veel vissers zien zelf ook in dat ze met overbevissing en vangst van ondermaatse schol hun eigen broodwinning aantasten', zegt Rijnsdorp.

De eerst vijf jaar was het gebied alleen in het groeiseizoen - lente en zomer - gesloten, vanaf 1995 zat de scholbox het gehele jaar potdicht. Behalve voor schepen met een vermogen van kleiner dan driehonderd pk. Die mogen wel in de broedbak vissen.

Wie echter denkt dat deze vloot verantwoordelijk is voor het uitblijven van de groei van de kleine scholletjes, trekt volgens Rijnsdorp een te gemakkelijke conclusie. 'Het totaal aantal visuren in de scholbox is in tien jaar tijd met 87 procent teruggebracht.'

Ook illegale vangst door de grote kotters sluit Rijnsdorp uit. 'De controle van de kustwacht is intensief, en de boetes op overtreding van het vaarverbod in de scholbox zijn niet mals', weet Rijnsdorp uit eigen ervaring. Enige tijd geleden werd hij bijkans in de boeien geslagen toen hij met een grote Urker kotter met permissie van de autoriteiten de netten uitwierp in het Deense deel van de scholbox.

Eigenlijk zitten de biologen met de handen in het haar om het raadsel van de tegenvallende resultaten van de scholbox te duiden. Een plotselinge toename van de natuurlijke vijanden van de kleine schollen kan niet worden uitgesloten, maar lijkt onvoldoende verklaring. Ten opzichte van de jaren tachtig zijn de aantallen zeehonden en aalscholvers sterk toegenomen, en ook kleinere jagers als garnalen en krabben verschalken graag een scholletje in de ondiepe wateren. 'Ook haring, sprot of kwallen voeden zich met schollarven, maar een explosieve stijging daarvan nemen we niet waar.'

Maar waar zijn die scholletjes dan gebleven? Rijnsdorp weet het niet. De bioloog kan slechts twee, sterk tegenstrijdige, hypothesen voor het fenomeen aandragen. De eerste verklaring heeft te maken met de gestaag stijgende temperatuur van het Noordzeewater. 'Het laatste decennium is de temperatuur met enkele tienden van graden gestegen. En hoe hoger de temperatuur, hoe hoger de sterfte onder de schollarven', zegt Rijnsdorp. 'De scholletjes zouden ook uit de ondiepe scholbox kunnen zijn gezwommen, op zoek naar dieper en kouder water.' Binnen de box zwemmen overigens wel wat meer zeldzame hondshaaien rond, die waarschijnlijk wél profiteren van het gesloten gebied.

D

E tweede hypothese is ronduit intrigerend. 'De schol zou de visserman kunnen zijn gevolgd naar dieper water', meent Rijnsdorp. 'De boomkorren woelen weliswaar met zware kettingen de zeebodem om, en dat doet veel soorten als zeesterren, poliepen, krabbetjes en organismen van een lagere orde de das om, maar in deze vers geploegde bodem vestigen zich onmiddellijk allerlei snelgroeiende pioniers als worm- en schelpdiertjes. Die vormen een goede prooi voor de jonge schol.'

Ben Daalder, platvisser te Texel en voorzitter van de Federatie van Visserijverenigingen, gelooft in de laatste hypothese. 'De meeste schol vangen we op de grens van de scholbox. Ze zwemmen ons gewoon achterna, mijnheer.' Onverwijld openstellen van de scholbox, omdat de kraamkamer toch niet werkt, gaat Daalder evenwel te ver.

'We willen in nauwe samenwerking met het RIVO een experiment opzetten, waarin we de scholbox in kwadranten verdelen', zegt de visser. In sommige delen van de scholbox mogen de boomkorren, ook de zware jongens, bij wijze van proef intensief vissen, andere delen doen zij slechts één keer per jaar aan. Elders mogen alleen de kleintjes komen, en weer andere gedeelten van de scholbox worden geheel gevrijwaard van visserij. 'Als we dan na enkele jaren nog steeds geen sluitende verklaring hebben voor het uitblijven van jonge schol in de scholbox, dan mag van de zaak van mij worden opgedoekt.'

In tegenstelling tot Rijnsdorp van het RIVO vindt Daalder niet dat er sprake is van overbevissing van schol en tong. Hij spreekt zelfs van een 'rustig niveau van visserij'. Zelfbeperking van de visvangst tot zelfs onder de toegestane quota om in deze tijd, waarin op menige dis steeds vaker vis prijkt, de prijs hoog te houden, wijst Daalder van de hand. 'Eén strenge winter en weg is je schol. De visstand laat zich niet zo gemakkelijk reguleren. Wanneer de prijs bovendien te veel stijgt, halen veel mensen tong of schol van de menukaart af. Dat hebben we al vaker meegemaakt.'

Stichting De Noordzee in Utrecht wijst erop dat de scholbox een experiment is waar niet te snel over valt te oordelen. 'Er is in 1993, pal voordat de scholbox werd gesloten, enorm geragd', weet drs. Michel Langendijk. 'Uit recente studies blijkt dat soorten zich slechts langzaam herstellen van een periode van overbevissing. Misschien is dat een verklarende hypothese voor het uitblijven van jonkies in de scholbox.'

De stichting bestrijdt de 'vers geploegde akker-hypothese' niet. 'Tong en schol kunnen profijt trekken van de boomkorren, maar je creëert wel een eenzijdige visvijver voor louter commercieel aantrekkelijke soorten', zegt Langendijk. 'De rog en de haai, en het grote tweekleppige schelpdier de Noordkromp, die wel 125 jaar kan worden, zijn van het zeetoneel verdwenen. De vissers moeten de scholstand op een duurzame manier instandhouden.'

Meer over