reportage

Jonge digitale nomaden verruilen Rusland voor Istanbul: ‘Ik doe sinds 2012 mee aan protesten’

Tienduizenden jonge Russische ict’ers zijn sinds de oorlog in Oekraïne begon in Turkije neergestreken. Maar of ze er kunnen blijven? Terug kunnen ze in elk geval niet, want velen van hen waren in Rusland actief in de oppositie. ‘Voor ons was het geen optie om niets te doen.’

Rob Vreeken
Russische ict’ers zijn na de uitbraak van de oorlog in groten getale naar Turkije getrokken. Beeld Nicola Zolin voor de Volkskrant
Russische ict’ers zijn na de uitbraak van de oorlog in groten getale naar Turkije getrokken.Beeld Nicola Zolin voor de Volkskrant

Als Anton CoBAC binnenkomt, een populaire ruimte voor coworking in Istanbul, hoort hij alleen maar Russisch om zich heen. Net zo is dat in Espresso Lab aan de Istiklal, de drukste winkelstraat van de Turkse metropool. Ook hier zit het vol jonge Russen, allemaal met een beker latte of macchiato achter een laptop.

De 27-jarige Anton is een van hen, de tienduizenden digitale nomaden uit Rusland die sinds het begin van de oorlog in Oekraïne hun land hebben verlaten en in Turkije zijn neergestreken. ‘Turkije is een van de weinige landen waar je vanuit Rusland nog eenvoudig heen kunt’, zegt Anton (geen foto, geen achternaam, om voor de hand liggende redenen). ‘Een paspoort volstaat. En door de val van de lira is het hier niet al te duur.’

Anton schat dat al enkele honderdduizenden van zijn landgenoten de afgelopen paar maanden Rusland hebben verlaten, en hun aantal blijft toenemen. Tienduizenden gingen naar Georgië en Armenië, een veelvoud daarvan naar Turkije. De meesten verblijven in Istanbul en Antalya, de kustplaats in het zuiden die sinds lang voor Russen een populaire vakantiebestemming is. In Antalya, waar ook Oekraïners neerstreken, zijn de huren voor nieuwkomers sinds het begin van de oorlog verviervoudigd.

Voor een groot deel gaat het om jonge ict’ers. ‘Anders dan bijvoorbeeld artsen of advocaten kunnen wij ons werk meenemen’, zegt Anton. ‘Bovendien verdienen ict’ers naar verhouding goed in Rusland. De meesten hebben gespaard en konden wat geld meenemen.’

Geen verblijfsvergunning

De vraag is hoe lang Anton en zijn 29-jarige vriendin Lisa, een data-analist, daarmee toe kunnen. Hun Russische bankpassen werken niet in Turkije, ze kunnen nauwelijks geld overmaken. Met hun in Rusland verdiende salaris kunnen ze alleen hun lopende verplichtingen dáár voldoen.

Belangrijker nog is de vraag hoelang ze in Turkije kunnen blijven. ‘We hebben een toeristenvisum voor drie maanden’, zegt Lisa. ‘Die tijd is bijna om. We kunnen spoedig uitgezet worden.’ De meeste Russen hebben een ikamet (verblijfsvergunning) aangevraagd, maar de twee kennen niemand die er al een heeft gekregen. Sommigen hebben te horen gekregen dat hun aanvraag is afgewezen.

De bureaucratie brengt hun geregeld in een catch 22. Anton: ‘Om een ikamet te krijgen, heb je een Turkse bankrekening nodig. Maar om een bankrekening te openen, moeten we een ikamet hebben.’ Illegaal in Turkije verblijven is niet wenselijk, voor de individuele Rus noch voor de hele groep. ‘Maar als we niet kunnen blijven, wat dan? Het is moeilijk ergens anders heen te gaan. Zonder creditcard kunnen we zelfs geen vliegticket boeken.’

Teruggaan naar Rusland is geen optie. ‘Waarschijnlijk worden we dan gearresteerd’, zegt Anton. Hij en Lisa waren de afgelopen jaren politiek actief. Op straat en online leverden zij kritiek op de corruptie, de inperking van vrijheden en andere uitwassen van het Poetin-regime.

Straatprotesten organiseren

‘Ik doe sinds 2012 mee aan protesten. Na de bezetting van de Krim in 2014 ben ik er echt diep ingedoken.’ Hij steunde Aleksej Navalny en hielp straatprotesten te organiseren nadat de oppositieleider een documentaire had uitgebracht over de corruptie van toenmalig premier Dmitri Medvedev. ‘Het was een informeel netwerk. Zodra je je organiseert, worden de risico’s groter.’

Het netwerk omvatte veel ict’ers uit St.-Petersburg, waar Anton en Lisa tot voor kort woonden, en Moskou, de stad waar Anton vandaan komt. ‘Soms hadden we succes, hoe klein ook. Na de protesten tegen de vervalste parlementsverkiezingen van 2019 stelden we een petitie op. Daarna werden arrestanten vrijgelaten. De ruimte voor oppositionele activiteit is de laatste tien jaar extreem klein geworden. Dus als de ict-gemeenschap in staat is één persoon uit de gevangenis te halen, is dat al een enorme overwinning.’

Na de invasie van Oekraïne kwamen de activisten meteen in touw. Petities werden online gezet, tienduizenden ict-specialisten werden benaderd. Anton was een van de eerste ondertekenaars, ruim 33 duizend volgden. De lijst was openbaar, met naam en toenaam, zelfs dat van het bedrijf waar mensen werkten. ‘We dreigden het werk neer te leggen als de oorlog niet zou stoppen’, zegt Lisa. ‘Dat zou op z’n minst een deel van het internet in Rusland platgooien.’

Maar toen kwam Poetin met wetten om elk protest te smoren. Het gebruik van het woord ‘oorlog’ kon vijftien jaar celstraf opleveren. De petitie werd offline gehaald, menig activist pakte z’n koffers.

Onvoorstelbare invasie

‘Niemand van ons had een invasie voor mogelijk gehouden. Velen hebben verwanten in Oekraïne. Lisa heeft Russische familieleden in Odesa en Kyiv. Die hadden geen enkele behoefte door het Russische leger ‘bevrijd’ te worden. Voor ons was het geen optie om niets te doen en het gewone leven voort te zetten. Maar als je wel iets doet, ga je de gevangenis in.’

De trek naar Turkije en andere landen heeft – nu ook letterlijk – de afstand vergroot tussen de jonge ict’ers, met hun internationale oriëntatie, en het omvangrijke deel van de Russische bevolking dat meer naar binnen gericht is. Velen van hen geloven de officiële propaganda.

‘Vooral de ouderen, helaas’, zegt Anton. ‘Tijdens de Sovjet-Unie waren zij jong, ze hadden de beste jaren van hun leven. Je kunt niet de emotionele kant van het debat winnen met feiten. En veel ouderen vatten het persoonlijk op dat mensen in Oekraïne en de Baltische staten niets met Rusland te maken willen hebben. Mijn moeder is gemengd Russisch-Oekraïens. Toch staat ze aan de kant van de regering. Ik bel haar vaak. Maar wat ik ook zeg, ik kan haar niet overtuigen.’

Meer over