John Hume en David Trimble gelauwerd Vrede in N-Ierland goed voor Nobelprijs

John Hume was verschrikkelijk blij toen hij hoorde dat hem en David Trimble de Nobelprijs voor de Vrede was toegekend....

BERT WAGENDORP

Van onze correspondent

Bert Wagendorp

LONDEN

Om negen uur vrijdagochtend maakte Francis Sejersted in Oslo bekend dat John Hume, de 61-jarige Noord-Ierse politicus die wordt beschouwd als de vader van het vredesakkoord, de Nobelprijs voor de Vrede had gewonnen. Hume moet de prijs, bijna twee miljoen gulden, delen met David Trimble, de Noord-Ierse premier. Zo was het mooi verdeeld. Hume is een gematigde nationalist, Trimble is een sinds kort gematigde unionist.

Hume hoorde het nieuws in zijn huis in Derry - Trimble noemt die stad liever Londonderry. 'Dit is niet alleen een prijs voor David Trimble en mijzelf', zei hij. 'Het is een beloning voor alle mensen in Noord-Ierland en voor alle partijen. Deze prijs zal het vredesproces enorm versterken.'

David Trimble lag nog te slapen in Amerika toen Sejersted de winnaars bekendmaakte. Trimbles perschef Paul McErlean liet vanuit Denver weten dat Trimble nog van niets wist en te kennen had gegeven dat hij niet voortijdig gewekt wenste te worden, zelfs niet als hij de Nobelprijs voor de Vrede had gewonnen.

'John Hume is steeds de duidelijkste en van de Noord-Ierse politieke leiders de meest consistente politicus geweest in zijn inspanningen voor een oplossing', schreef de vredesprijscommissie in haar rapport. 'En David Trimble heeft op kritieke momenten tijdens het vredesproces grote politieke moed getoond. Als het hoofd van de Noord-Ierse regering, heeft hij de eerste stappen genomen in het opbouwen van het wederzijdse vertrouwen waarop een blijvende vrede gebouwd moet worden.'

'Er zijn geen waardiger winnaars', zei de Britse premier Blair. 'Deze prijs is een aansporing om ook de resterende problemen op te lossen.' 'Deze prijs heiligt de vrede tussen Ierlands twee belangrijkste tradities', zei de Ierse premier Ahern. 'Deze prijs gaat naar de twee mensen die hem het meest verdienen', zei minister voor Noord-Ierland Mo Mowlam.

In New York was Sinn Feins leider Gerry Adams al wakker. Nee, hij was niet teleurgesteld dat het Nobelprijscomité hem had gepasseerd, ondanks zijn wezenlijke bijdrage aan het vredesproces. 'Ik ben heel blij voor John Hume en ik hoop dat David Trimble de verantwoordelijkheid die bij deze prijs hoort, zal accepteren', zei Adams.

Maar David Trimble dan? Was die niet blij? David Trimble sliep nog, maar Ken Maginnis, een van de leidende figuren in zijn partij, de UUP, was wel wakker, ontnuchterend wakker zelfs.

Voorbarig, zei Maginnis. 'Deze prijs is voorbarig. Ik had graag gezien dat deze prijs was toegekend op basis van een veel steviger vrede. Ik ben bang dat dit een beetje genant is voor David Trimble, die zich een aanzienlijk aantal critici in het protestantse kamp van het lijf moet houden. Ik zie niet graag dat deze prijs als een handicap gaat werken.'

Veel unionisten, bedoelde Maginnis, vinden dat Trimble hen heeft verraden met het tekenen van het vredesakkoord. Moet hij daarvoor de Nobelprijs krijgen?

Ian Paisley, van de democratische unionisten die helemaal niets van het vredesakkoord moeten hebben, was ook niet blij. 'Het comité van de Nobelprijs voor de Vrede heeft weer eens laten zien dat het een farce is. Deze mensen hebben helemaal geen vrede bereikt, het zijn helemaal geen vredestichters. We hebben een namaakvrede, geen echte vrede.'

Het was de tweede keer dat de Nobelprijs voor de Vrede naar Noord-Ierland ging. In 1977 werd hij toegekend aan Betty Williams en Mairead Corrigan, twee vrouwen die aan de basis hadden gestaan van de Women's Peace Movement, een beweging die gedurende enkele maanden in 1976 grote vredesdemonstraties organiseerde in Belfast.

Die Vredesprijs leidde tot drama's. Williams en Corrigan besloten tot woede van de andere leden van hun organisatie het Nobelprijsgeld zelf te houden. Daarna kregen ze verschrikkelijke ruzie. Williams emigreerde naar Florida, de vredesbeweging viel ruziënd uit elkaar en Noord-Ierland ging door met de Troubles alsof er nooit massademonstraties waren geweest. Het Nobelprijscomité was naar verluidt erg teleurgesteld.

En toen was David Trimble eindelijk wakker. Was hij blij? Natuurlijk wel, een beetje. 'Maar ik hoop dat deze prijs niet voorbarig is', zei hij. 'We weten dat we de ingrediënten voor vrede hebben, maar we zijn er nog niet helemaal zeker van. Nogmaals, ik hoop maar dat deze prijs niet voorbarig zal blijken te zijn.'

Meer over