John F. Kerry gooide net op tijd het roer om

Kerry is er in zijn presentatie aanzienlijk op vooruit gegaan. Maar net als Bush moet hij het niet hebben van een overrompelende persoonlijkheid. Van wat dan wel?

Het was een bitterkoude dag in januari in Des Moines, Iowa. Een handvol aanhangers van presidentskandidaat Kerry had in afwachting van de bus van hun favoriet op straat een tafeltje ingericht met daarop een gaskomfoor. Als de baas zou arriveren, zouden er lekkere hotdogs zijn voor iedereen en het zou gezellig zijn en het zou zeker bijdragen aan de imponerende zegetocht van hun held.

Maar het komfoor deed het niet en het water was bevroren en er waren geen voorbijgangers en toen de bus arriveerde stapte er een zichtbaar vermoeide man uit die niet wist dat hij eerst hotdogs moest eten voordat hij naar binnen mocht vluchten.

Het tafereel was symptomatisch voor de campagne van de 60-jarige presidentskandidaat en senator uit Massachusetts, John Forbes Kerry.

Hij had er twintig jaar over gedaan voordat hij zich kandidaat had gesteld. Op grond van zijn ervaring en reputatie in de Amerikaanse politiek gooide hij hoge ogen; op papier zag alles er goed uit. Maar het werd niks en weinigen gaven begin dit jaar nog een dubbeltje voor Kerry's kansen. De kandidaat kwam niet uit de verf – te stijf. Zijn team draaide niet lekker – te veel ruzie.

Howard Dean zou met zijn lepe campagne tegen het establishment eerst Iowa winnen en daarna New Hampshire en dan was het gebeurd met de koopman KerryGeen dag te vroeg gooide Kerry het roer om. Het belangrijkste was vermoedelijk dat hij de leiding van zijn campagneteam ontsloeg. En omdat hij toch niets meer te verliezen had, zette hij al zijn geld en inspanningen op Iowa.

Het is niet te zeggen of het eigen herwonnen levenskracht was of het plotselinge dramatische falen van Dean, hoe ook, zijn ster rees. Het verrassende succes van Iowa lokte met al het mediageweld dat ermee gepaard ging het succes van New Hampshire uit dat op zijn beurt... Enfin, net als in de sport maakt in de politiek succes onoverwinnelijk.

Hij heeft de bus ingeruild voor het vliegtuig. De Boeing 737 is voor het gemak reeds uitgevoerd in het rood, wit en blauw van de Amerikaanse vlag. 'John Kerry president' staat op de romp, als onomstotelijk feit.

Kerry heeft zijn afkomst niet mee. Rijke ouders (zijn moeder was een Forbes), particuliere scholen, Yale University, vertrouwd met alle gemakken van de Amerikaanse upperclass. Als politicus behoort hij tot de stijve soort. Hij heeft een lang, betrekkelijk emotieloos gezicht. Als hij tegen je praat is het alsof hij een toespraak houdt.

Maar ook op dit vlak hebben de dingen een toverachtige wending genomen. Niet dat hij ooit een Clinton zal worden die in een vollezaal iedere aanwezige het gevoel kan geven dat hij hem persoonlijk toespreekt. Maar Kerry is in zijn presentatie er aanzienlijk op vooruit gegaan. Zijn zinnen lopen beter dan voorheen, hij lijkt op zijn gemak. Maar net als Bush moet hij het niet hebben van een overrompelende persoonlijkheid. Van wat dan wel?

Van zijn staat van dienst, als weliswaar links georiënteerde, maar solide senator die al drie keer is herkozen. En van zijn reputatie als held van de Vietnamoorlog, in dubbel opzicht.

In het begin van de jaren zeventig ging hij voorop in het verzet tegen de vastgelopen oorlog. In de jaren zestig had hij zich als luitenant in de marine buitengewoon moedig getoond. Twee dagen voor de verkiezingen in Iowa meldde zich bij Kerry's campagneteam een man uit Oregon. Hij zei dat luitenant Kerry met gevaar voor eigen leven in de Mekongdelta zi¿jn leven had gered en dat hij nu iets terug wilde doen.

De man vloog naar Iowa en deed zijn verhaal voor een zaal en voor de camera's. Kerry zei dat in zijn plaats iedereen hetzelfde zou hebben gedaan. Het was een sterke zet. Je voelde dat de mensen in de zaal en de televisiekijkers, dat iedereen bij zichzelf dacht: zou inderdaad George Bush dat ook hebben gedaan?

Kerry keert zich krachtig tegen Bush, zoals trouwens de meeste Democratische kandidaten een sterk op de persoon van Bush gerichte campagne voeren. Het gaat om de verkwanseling van Amerika's reputatie in de wereld, het gaat over de belastingverlaging voor de rijken.

Maar direct onder de oppervlakte ligt pure weerzin: Bush die in 2000 de verkiezingen heeft gestolen, moet niet nog eens voor die diefstal beloond worden.

Kerry voedt dat sentiment, zoals Dean dat doet en Edwards en Clark. Kerry scoort goed met de slogan: 'Zo vader, zo zoon. Eén termijn!' Democratische kiezers schrijven hem de hardheid toe die nodig zal zijn om Bush te verslaan. De Republikeinen zijn vermaard om hun intimiderende kracht.

Het ziet ernaar uit dat John Kerry mag bewijzen dat hij daartegen is opgewassen.

Meer over