JOHN CLEESE

EEN dubbele cultuur, een dubbele taal - dat is ook een dubbele moraal. En humor en zelfhaat. De Engelsen zijn nooit zichzelf kunnen worden, altijd in een tussenstaat gebleven, half Germaans, half Romaans, en de zo Germaanse reformatie heeft bij hen nooit volledig kunnen doorzetten....

Welke monsterlijke en perverse krachten zitten in de Engelsen verborgen? Ze kwamen in Monty Python tevoorschijn uit mensen en zelfs uit de grond: de vreselijkste gedrochten, zichtbare verbeeldingen van inwendige duistere machten. En vaak namen ze historische gestalten aan, want niet alleen het verleden, ook alle grote figuren eruit leven nog altijd in Engeland in het onderbewuste door. Macbeth is waarschijnlijk de drukste zielsverhuizer. Ik vind Monty Python de griezeligste televisieserie die ik ooit heb gezien. Ik heb er veel om gelachen, maar uit zelfbehoud en ook uit medelijden met die van zovele duivels bezeten Engelsen. John Cleese heeft de serie mede gemaakt. En het was duidelijk: de anderen beleefden er gewoon plezier, hij er een diabolisch plezier aan. Hij was de meest bezetene, wat alleen al uit zijn lichamelijke stijfheid bleek, want de satan houdt ook de ledematen in zijn greep, de bovenlip zelfs.

Bij Monty Python kwam de geest uit de fles en die moet als een wolkendek boven Engeland zijn blijven hangen. Maar hij nam in elk geval van één mens opnieuw bezit: Basil Fawlty. Wat John Cleese ook verder nog allemaal in zijn leven zal doen, hij blijft Basil. Hij is het natuurlijk. In talloze interviews heeft hij er alles aan gedaan zijn neurosen te vieren. Hij lijkt weinig plezier aan zichzelf te beleven. Zijn genoegen in zelfhaat is niet gering. Als Basil Fawlty kon hij zijn geluk in die haat niet op. Wat haatte hij? Natuurlijk allereerst zijn dubbelzinnigheid. Een andere geest, noem het de Romaanse, huist in dat Germaanse lichaam van hem. En als die eruit wil, verzet dat lichaam zich en grijpt de macht. En daar staat hij, met die kaarsrechte plooien in zijn gezicht, met die wanhopige ogen, met die lach die van het gezicht nauwelijks een kans krijgt, met dat lange lijf en die langste benen. (Hoe Germaans zijn die benen; zie hem de paradepas van de Duitsers nadoen). Maar de geest binnen werkt hard, stookt de haat op en het lichaam wordt steeds mechanischer, de hekel zo groot, dat de hele wereld gehaat wordt. Elke gast is een minderwaardig wezen, want ook Engels. En zijn vrouw is het meest Engels van allen. Vrouwen worden trouwens het meest gehaat, want zij roepen alle Romaanse geesten los en die moeten beheerst worden. En bij elke overspeligheid staat het hele puriteinse Germanendom op voor de veroordeling. De Engelsen straffen altijd zichzelf.

Is het haat? Het is nog meer verachting. En die is natuurlijk een vorm van zelfverachting. Al dat zelfbewuste gedoe - zie hem als een heerser achter de balie staan, een veldheer in afwachting van de slag - is schijn, want een poging de kwelling van de zelfverachting daarbinnen stil te houden. Wij moeten daar erg om lachen, want we hebben nog altijd meer kennis dan hij zelfkennis. En we wachten op de ontploffing van de woede, wanneer de buitenwereld het broze zelfvertrouwen aantast. Cleese of Fawlty leeft in een dubbele wereld, elke aflevering van Fawlty Towers is een dubbel verhaal: dat wat Basil denkt dat er gebeurt en dat wat in werkelijkheid gebeurt. En zo maakt de serie de Britse dubbelwereld prachtig zichtbaar.

De dubbelzinnigheid is er ook een van regels en vrijheid. De vrijheid is de geest in het lichaam en die moet beheerst worden, onderdrukt zelfs. Daarvoor zijn de regels. En alle regels samen vormen het model. Daaraan wil iedereen beantwoorden. Zo ontstaat het grootste toneelstuk van de westerse beschaving: de Engelse samenleving. Met hoofd- en bijrollen. Basil speelt de hoteleigenaar, die natuurlijk in alle beschavingen al een groot toneelspeler is, want hij ontvangt zijn gasten of hij werkelijk van ze houdt. Basil probeert dat laatste ook, zijn grootheid is dat hij voortdurend uit zijn rol valt: de woedende werkelijkheid wordt zichtbaar. Hij is de hotelier die zijn gasten veracht. Zoals het ook hoort! Misschien moeten we daarom zo lachen om Fawlty Towers: de schijn van het hotel- en restaurantwezen en daarmee van de maatschappij wordt erin opgeheven. We kijken naar de ruïnes die in elk gebouw verborgen zijn, we doorzien de morbiditeit van de comédie humaine. Het succes van de serie kan bewijzen hoezeer wij allemaal onszelf verachten en altijd de schijn ophouden.

En hoe werkt dat door! Als Cleese in een spot mij van het gevaar van roken tracht te overtuigen, steek ik altijd meteen een sigaret op. Want dat wil hij natuurlijk. Leve de verwoesting, weg met de schijn. Dat hij een van de grote adviseurs van het bedrijfsleven werd - en ook daarmee is hij zeer rijk geworden - was haast vanzelfsprekend. Verkopen kan alleen in een schijnwereld, een toneelstuk, in het spel van bedrieger en bedrogene. Hij moet heel wat zakenlui rolvast hebben gemaakt. En als hij de videobanden van zijn eigen cursussen ziet, moet hij in een luid gelach ontploffen, want de grootste bedrogenen zijn de cursisten. Ze hebben allemaal in het restaurant van Fawlty Towers gegeten en even gedacht in een echt restaurant te zitten, met volwaardig voedsel.

0H OE het Cleese in zijn privé-leven is vergaan, weet ik niet. Hij is een aantal jaren in therapie geweest en schreef daarna een hilarisch boekje waarin hij het hele therapeutenwezen ontmaskerde. Heeft zijn lichaam zich vrijgemaakt uit de dwangbuis van de gereglementeerde beschaving die de Engelse is? Is daarmee zijn grootste kracht, die van de voortdurende tweestrijd, opgeheven? Ik vreesde het bij het zien van de film A Fish called Wanda. De humor was weg, de geestigheid en dwaasheid kwamen ervoor in de plaats en hij leek een soepel lichaam te hebben gekregen. De duivel was uitgedreven. Je moet wel een zeer diepe zelfverachting hebben om tot die zelfmoord te komen.

Juist de uitzichtloosheid van zijn inzicht heeft Basil en Cleese groot gemaakt en zeer humoristisch: hij blijft steeds in dezelfde strikken haken. En die heeft hij nog zelf gespannen ook. Hij weet zich het slachtoffer van zichzelf. En met enige graagte. Vrij van masochisme is hij niet. Van sadisme trouwens ook niet. De zelfkweller is ook een meester van de wreedheid. In zijn behandeling van de Spaanse hulpbediende, van de Duitsers die bij hem komen eten - een scène die op het randje is en de bijna-krankzinnigheid van de gekwelde verraadt. Maar die moet het toch weer zeer mooi vinden dat wij daarom lachen, zij het met prikkeldraad rondom onze bek.

Het is niet leuk humorist te zijn. Want er is geen derde kant aan de medaille. De pret is voor de anderen, van wie je dan maar hoopt dat ze gekneusd van het lachen achterblijven. Het is het minst leuk een Engelse humorist te zijn. Want dan moet je helemaal jezelf zijn of spelen wie je geacht wordt te zijn en dat is hetzelfde. Daar sta je, barstend van de emoties, maar de explosies hebben in de zaal plaats. Een Engelse humorist is een therapeut die zelf steeds zieker wordt, want steeds meer zichzelf.

Ik heb weinig humoristen zo bewonderd als Cleese. Ik heb met weinig mensen zo'n medelijden gehad als met Basil Fawlty. Want het noodlot is hij zelf voor zichzelf. En ook de strijd tegen dat persoonlijke noodlot is vergeefs. En je bent zo wreed je eigen geschiedenis steeds te verlengen. Soms denk ik wel eens aan hem. Hij moet nog altijd zijn hotel hebben en is nog altijd even vitaal in woede, wreedheid en zelfhaat, nog altijd opgesloten in dat stalen harnas van de Engelse beschaving. En hij is tegen Europa, dat de Engelsen dwingt hun dubbelzinnigheid op te heffen. Dat is zelfmoord. Zet Cleese op de krijtrotsen van Dover, als een standbeeld. Niemand zal meer het land binnen willen, want zoveel hoogmoedige verachting als hij daar te zien heeft, kunnen alleen de Engelsen zelf verdragen.

Hij heeft de laatste jaren enkele keren gezegd zich steeds minder Engelsman te voelen. God, hij raakt genezen. Dat is de dood van Engeland, dat even eenzijdig zal worden als wij. En dat is ook: humorloos.

Meer over