InterviewRoderik van Grieken

‘Je zag echte onderhandelingen bij de APB, niet het moddergooien van normaal’

Met genoegen keek Roderik van Grieken, voorzitter van het Debat Instituut, deze week naar de Algemene Politieke Beschouwingen: ‘In de afgelopen anderhalf jaar debatteerden Nederlandse politici niet zo inhoudelijk over beleid.’

Jesse Klaver (GL) en de ministers tijdens de Algemene Politieke beschouwingen in de tijdelijke Tweede Kamer. Het Debat Instituut riep Klaver uit tot winnaar van het debat. Beeld Freek van den Bergh / de Volkskrant
Jesse Klaver (GL) en de ministers tijdens de Algemene Politieke beschouwingen in de tijdelijke Tweede Kamer. Het Debat Instituut riep Klaver uit tot winnaar van het debat.Beeld Freek van den Bergh / de Volkskrant

Wat maakte deze APB volgens u interessant?

‘Het was een ander debat dan normaal, omdat een missionaire Kamer tegenover een demissionaire regering stond. Normaal gesproken levert het kabinet een begroting in, en vertelt de oppositie in de Algemene Politieke Beschouwingen wat daar mis mee is. Nu was de begroting min of minder hetzelfde als die van vorig jaar, en zei de regering op voorhand dat de Kamer één miljard euro naar eigen idee mocht investeren. Dat is uiteindelijk zelfs twee miljard geworden. Daardoor zag je echte onderhandelingen, in plaats van dat moddergooien van normaal.’

Maakte dat het debat sterker, in uw ogen?

‘Ik vond het verfrissend. Je kreeg een soort inkijkje aan de onderhandelingstafel, zo zitten de partijen straks ook aan de formatie-tafel bij elkaar. Sowieso hebben we de afgelopen anderhalf jaar eigenlijk geen inhoudelijke debatten gezien. Eerst door het coronavirus, daarna omdat een demissionaire regering veel belangrijke besluiten voor zich uit schuift. Nu konden we eindelijk eens zien waar partijen voor staan, waar de inhoudelijke verschillen zitten.’

Merkte u aan Mark Rutte dat hij op dit moment een demissionaire regering leidt en de hulp van de Kamer nodig heeft voor de begroting?

‘Niet echt. In het begin had hij het lastig, bijvoorbeeld toen Jesse Klaver een paar kritische vragen stelde. ‘Ik snap niet dat u zo gepikeerd reageert’, zei hij toen. Daar had hij de verhoudingen even niet goed door. Daarna ging het als vanouds, zoals we Rutte kennen. Dat kwam ook door de sfeer van het debat. Het werd almaar gemoedelijker. Op een gegeven moment zei Rutte zelfs dat hij Klaver ‘heel lief’ vond.

Het Debat Instituut riep Klaver uit tot winnaar van het debat. Wat maakte hem zo goed?

‘Op woensdag zat zijn eerste termijn sterk in elkaar. Hij was daar met Esther Ouwehand (PvdD) en Gert-Jan Segers (ChristenUnie) de beste spreker, vonden wij. Wij lezen de teksten altijd even terug, omdat de interrupties soms de speeches flink kunnen ontregelen. Dan lees je een toespraak die een duidelijk beeld schetst waar het land volgens hem heen moet. Dat bracht hij woensdag al bevlogen over.’

‘Daarnaast had Klaver ook op de tweede dag vaak goede interrupties bij Rutte. Er zijn twee soorten interrupties: die om de premier aan te vallen, of die om de hand naar hem uit te steken, om dingen te bereiken. Hij koos duidelijk voor het tweede. Daarmee boekte hij succes.’

Zou zijn achterban juist niet willen dat hij Rutte flink aan de tand voelt, na zo’n bewogen politiek jaar en het weigeren van twee linkse partijen in de formatie?

‘Dat weet ik niet. Je kunt je afvragen of zijn kiezers nog wel zitten te wachten op dat gemoddergooi. GroenLinks wil uiteindelijk ook meeregeren. Sowieso denk ik dat mensen daarmee klaar zijn. Mensen willen een regering hebben, die de politiek belangrijke beslissingen voor het land neemt. Dan helpt het als de Kamer een constructieve houding heeft.’

Hoeveel zin heeft het om iemand tot winnaar van het debat uit te roepen? Elke politicus heeft een ander doel bij de APB, en moet debatteren vanuit andere omstandigheden.

‘Dat is een goede vraag. De situatie van Klaver is totaal anders dan die van Sophie Hermans van de VVD. Dat maakt deze vergelijking altijd heel moeilijk.’

‘Wij hebben deze debat-prijs ooit bedacht om aandacht te vragen voor hoe je met de juiste woorden een verschil in de politiek kunt maken. Retorica doet ertoe bij dit soort debatten, de kiezers verwachten ook dat een politicus welbespraakt zijn of haar ideeën kan neerzetten. Door retoriek is het voor de burger inzichtelijk waar de meningsverschillen tussen partijen zitten, en hoe ze tot elkaar komen. Daardoor is het relevant.’

Meer over