'Je moet kinderen entertainen'

De Nederlandse zesjescultuur is te wijten aan de fixatie op cijfers, vindt geschiedenisleraar Jelmer Evers. Met zijn strijd voor meer vrijheid voor leerlingen én docenten werd hij onlangs uitgeroepen tot 'radicale vernieuwer' door weekblad Vrij Nederland en denktank Kennisland.

LIZANNE SCHIPPER

'Middelbaar, middelbare school, middelbaar, middelbare school, waarom lachen we hier niet.' Met ernstige gezichten zet een groepje scholieren een nog enigszins weifelende rap in, geschaard rond een bartafel in de kleurrijke hal van de Utrechtse 'vernieuwingsschool' UniC. Klassikale lessen zijn beperkt, leerlingen mogen zelf kiezen waar ze hun laptop mee naartoe nemen om solo of in groepjes opdrachten uit te voeren. Hier in de hal, in een van de comfortabel gemeubileerde overlegruimten of - bij beter weer - buiten. En toch ernstige gezichten?

'Het blijven pubers', zegt geschiedenisleraar Jelmer Evers (37). Met een energieke lobby in Den Haag pleit hij voor meer vrijheid in het voortgezet onderwijs. Voor de leerling om zijn eigen talenten te ontplooien, voor de docent om niet gehinderd door starre methodieken die gaven te kunnen aanboren.

U bepleit een individuele aanpak, maar heeft de leraar daar wel tijd voor?

'Nee, dat is het probleem. Met jaarlijks 750 lesuren per leraar staat Nederland, na de Verenigde Staten, aan de top van de OESO-landen (Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling red.). Daarmee komt de voorbereiding van lessen in de knel. Onderwijs is een creatief beroep. Je moet kinderen entertainen, ze uitdagen en je aanpak differentiëren, want ieder kind is anders. Door die vele lesuren, grote klassen en mentoraten van dertig leerlingen is daar geen tijd voor. Voor docenten een constante frustratie.'

Wat is het gevolg?

'Tijdgebrek dwingt de docent om bestaande methoden te volgen die leerlingen in een mal duwen. Als een beginnend docent aankomt, ligt er een dichtgetimmerd curriculum klaar. Er is nauwelijks ruimte om daar doorheen te breken. Mijn eerste baan was een harde leerschool. Al die pubers die niet willen, de tijdsdruk. Je snapt dat veel docenten afhaken. Ik dacht toen ook wel even: is dit het nou?'

Waarom bent u niet afgehaakt?

Tijdens mijn lerarenopleiding heb ik stage gelopen in Zuid-Afrika, in een township in Pretoria. Ik werd in het diepe gegooid. Leerlingen die in gangs zaten, wees waren, aids hadden. Daar heb ik geleerd hoe flexibel kinderen zijn, hoeveel ze kunnen en hoe leergierig ze zijn, onder de vreselijkste omstandigheden. De geest was uit de fles. Lesgeven is zó leuk.'

En die onwillige Nederlandse pubers?

'Die krijg je mee als je, in plaats van het traditionele boekje met vraagje, kiest voor creatievere methoden. Voordat ik bij UniC terechtkwam, kreeg ik op een tweetalige school in Rotterdam de kans om een nieuw curriculum te ontwikkelen. Ik ben gaan experimenteren met ict en games. De interactie die daarmee op gang komt, is fantastisch. Discussies, filmpjes en quizzen op Twitter en Facebook, dat werkt allemaal heel goed. De laatste jaren zet ik ook vaak instructiefilmpjes op YouTube, zodat ik tijdens lesuren extra tijd heb voor leerlingen.'

Dus ict is de oplossing?

'Uiteindelijk gaat het om aandacht voor het individuele kind, wat hij nodig heeft om zijn talenten aan te spreken. Wat voor de een werkt, werkt voor de ander helemaal niet. Sommige kinderen leren bijvoorbeeld veel liever uit een boek dan via een filmpje. Niet alleen de docent, ook de leerling heeft ruimte nodig om zijn werk goed te kunnen doen. Als het aan mij lag, zou zeker de bovenbouwleerling ook helemaal niet zo veel op school hoeven zijn. Waarom zou je niet thuis kunnen werken? School is geen kinderopvang.'

Kunnen kinderen die grote vrijheid wel aan?

'Een wijdverbreid misverstand over vernieuwingsonderwijs is dat iedereen alles mag. Dat is zeker niet zo. Als een leerling thuis wil werken, moet hij wel kunnen beargumenteren waar hij mee bezig is. Kan hij dat niet, dan gaat het niet door. Mijn ervaring is dat het merendeel van de kinderen het best aankan. Zij zijn vaak nog niet zo goed in plannen, maar dat is aan te leren. Het blijven natuurlijk pubers. Zeker in de derde en vierde kunnen ze soms nog aardig uit de bocht vliegen.'

Dan moet je de teugels even aanhalen?

'Nee, dan hebben ze juist nog meer vrijheid nodig. Deze kinderen zitten boordevol energie, zij kunnen niet goed stilzitten. Geef ze dingen te doen, zoals praktijkopdrachten. Onlangs heeft een groepje leerlingen een bank geadviseerd die een website voor jongeren had gelanceerd. Zij vonden die site helemaal niks. De bank heeft de campagne afgebroken en gaat nu met hun advies aan de slag.'

Gaat het ook wel eens mis?

'Zeker, er zijn leerlingen die echt meer structuur nodig hebben. Zij stappen soms over naar een andere school. Andersom krijgen we hier ook leerlingen die op andere scholen niet aarden.'

Hoe vond u het zelf op de middelbare school?

'Saai. Ik ben een laatbloeier, presteerde erg gemiddeld op school. Er had denk ik wel meer in gezeten als er meer aandacht was geweest voor wat ik wilde, wie ik was. Een kind wil gezien worden, dat onderkent het reguliere onderwijs te weinig. Mijn overtuiging is dat onder de juiste omstandigheden ieder kind goed kan leren.'

Toch ligt de gemiddelde vwo-examenscore bij UniC, die als zogeheten vernieuwingsschool goed aansluit bij uw ideeën, te laag.

'Klopt, dat moet beter. De resultaten moeten op orde zijn, maar we zijn op de goede weg. Ik vind dat we in Nederland zijn doorgeschoten in de fixatie op eindexamencijfers. Scholen worden daarop afgerekend en gaan, om onzekerheden uit te bannen, het lesprogramma nóg meer dichttimmeren. Niet alleen werkdruk duwt docenten in een mal, dat geldt ook voor het outputsysteem. Daarmee stoot je creatieve docenten af en houd je de middenmaat over. Focus liever op de kwaliteit van docenten, in plaats van ranglijstjes te maken.'

Dan komt het met de cijfers vanzelf goed?

'Het gaat erom de kwaliteit van leerlingen recht te doen. Nu moeten de resultaten van schoolexamens en het eindexamen overeenkomen, terwijl de schoolexamens andere vaardigheden toetsen. Stel dat een leerling geweldig opgaat in een creatieve opdracht, maar voor zijn eindtoets maar een 6 haalt. Als ik hem voor die opdracht een 8 geef, word ik aan het eind van de rit afgerekend op het verschil. Verwijt is dan dat ik een te hoog cijfer heb gegeven. Deze aanpak werkt de zesjescultuur, waarover zo wordt geklaagd, in de hand. Daar komt nog bij dat het gemiddelde eindexamencijfer in Nederland een 6,3 is en uitschieters naar het gemiddelde worden toegehaald. Met één fout zit je al op een 8,9. Men mag niet excelleren.'

Vindt u dat er te veel nadruk ligt op feitenkennis?

'Een van onze leerlingen maakt prachtige documentaires over de crisis. Vertel me niet dat die niet excelleert! Maar zo'n talent mogen we niet meten. Wat ik vooral belangrijk vind, is dat kinderen leren zelfbewust te zijn. Toen ik aankwam bij UniC viel me op hoe goed leerlingen duidelijk kunnen maken waarom ze bepaalde dingen doen. Sommigen willen gewoon hun papiertje halen en vinden een 6 als eindcijfer genoeg. Zij steken hun energie liever in het opzetten van een eigen bedrijfje of in hun portfolio voor toelating tot de kunstacademie. Dat kan heel terecht zijn.'

Er wordt nu al gebromd over de geringe feitenkennis bij scholieren. Dreigt die met meer nadruk op creativiteit en sociale vaardigheden niet verder af te kalven?

'Daar zou ik niet voor zijn, feitenkennis blijft nodig. Laatst heb ik mijn leerlingen de opdracht gegeven om in een essay antwoord te geven op de vraag: was alleen Hitler schuldig aan de Holocaust? Het vereist een behoorlijke basiskennis om hiermee aan de slag te gaan, de goede informatie te zoeken en een gestructureerd betoog op te zetten. Geen eenvoudige opdracht, die veel individuele begeleiding vergt.'

Daarvoor heeft de leraar geen tijd. Hoe nu verder?

'Ik denk dat uiteindelijk genoeg massa ontstaat voor verandering. Op dit moment zijn docenten nog compleet afwezig op beleidsniveau, terwijl zij toch het meest verstand hebben van onderwijs. Langzaam maar zeker eisen zij meer ruimte op. Sociale media werken daarbij emanciperend. Zo kijken docenten meer naar elkaar dankzij lessen op YouTube. Zij gaan experimenteren, zoeken elkaar op in hun kritiek op het systeem. De overheid levert een achterhoedegevecht.'

CV JELMER EVERS

Geboren op 21 februari 1976

1995-2001 Geschiedenis, specialisatie Internationale Betrekkingen aan de Universiteit Utrecht

2001-2002 Postdoc Internationale Betrekkingen, Clingendael

2003-2004 Lerarenopleiding U-Teach, stage in Zuid-Afrika

2004-2005 Geschiedenisleraar Anna van Rijn College, Nieuwegein

2005-2009 Geschiedenisleraar Wolfert van Borselen, Rotterdam

Sinds 2009 Geschiedenisleraar UniC, Utrecht

Sinds 2009 Lid van diverse netwerken om onderwijsvernieuwing te propageren, zoals Het Kind, Stichting BeroepsEer en Stichting Leraren met Lef.

2013 Crowdfunding-actie voor boek Het Alternatief

Jelmer Evers is getrouwd en heeft twee zoons.

undefined

Meer over