Je moet een beetje durven

Eddy Doorenbos moest notaris worden, maar werd de populairste Nederlandse jazz-zanger van na de oorlog. De bijna 80-jarige Gentleman of Swing treedt nog altijd vijf dagen per week op....

door Erik van den Berg

alloooo, zijn er ook Hollanders aan boord?' Niemand die opkijkt in de Boomerang Bar, waar zes in grijs gehulde heren in hun vingerhoedje whisky turen. In de hoek ritselt een Wall Street Journal. De barman poetst glazen, blik naar het plafond. Vanachter zijn vleugel ziet Eddy Doorenbos het geamuseerd aan: 'Niemand die ons verstaat vanavond.' Opgewekt zet hij Blue Skies in, een oudje van Irving Berlin ('Blue skies, smiling at me; nothing but blue skies, do I see').

Het is een gewone werkdag voor de Nederlandse 'Gentleman of Swing'. Vijf avonden per week speelt de onberispelijk geklede zanger-entertainer in het donkerrode pluche van het Sheraton Schiphol. Hij groet de binnenkomende gasten, maakt grapjes over zijn pianotechniek ('ik ben mijn favoriete begeleider') en put uit een immens repertoire van Broadway-liedjes, jazz-standards en andere evergreens.

Eddy Doorenbos wordt dit jaar 80, maar afgezien van zijn zilvergrijze coiffure is er weinig dat zijn leeftijd verraadt. Zijn bariton heeft nauwelijke iets van de swingende souplesse verloren die hem in de jaren vijftig de populairste Nederlandse 'charme-zanger' maakte.

Dat zijn publiek tegenwoordig niet in de eerste plaats voor de muziek komt, deert hem niet. 'De meeste gasten zijn moe, ze zijn net geland en vertrekken morgen weer vroeg', zegt hij tijdens de lichte maaltijd (groente en vis, en een glas Sancerre) waarmee hij zijn avond begint. 'Soms heb je gasten die een paar weken blijven. Die worden dan fans.'

Wallpaper music, hoorde Doorenbos eens over zijn muziek zeggen. 'Ze doen maar. Ik zit hier niet voor mijn succes, ik zit hier om te repeteren. Ik treed vijf avonden per week op. Heel wat bekende zangers doen het met minder. Daarom is mijn stem nog zo goed.' Hij beweegt zijn pianovingers: 'Il faut bouger. Ik speel de gastheer en spreek mijn talen. Ik kan ook thuis uit het raam gaan zitten kijken, maar dat lijkt me een stuk minder gezond.'

'Alles naar wens?', vraagt de ober, terwijl hij een pluisje van het tafelkleed plukt. 'Ja hoor Michiel', zegt Doorenbos; een klein toneelspel dat verraadt dat de zanger hier al vier jaar kind aan huis is. 'Zie je hoe goed ze voor me zorgen?'

Doorenbos is een survivor, een vertegenwoordiger van de naoorlogse soft swing, die de laatste bloei van de amusementsmuziek meemaakte, voor televisie en popmuziek het uitgaansleven voorgoed veranderden. Hij praat er zonder nostalgie over. 'Weet je nog wel oudje, dat hoeft voor mij niet.'

De muziek kreeg hij van huis uit mee. Een keurig Haags milieu: moeder notarisdochter, vader iets hoogs bij Shell. De populaire Telegraaf-dichter Clinge Doorenbos was verre familie. 'Henri Deterding, de topman bij Koninklijke Olie, was mijn vaders voogd, dus hij had alle kansen. Maar hij deed gekke dingen. Dan had hij een baan en dan weer niet. Hij is nog even secretaris van Colijn geweest. Op een gegeven moment is hij eruit gestapt. Hij begon zijn eigen cabaret, in de Boerenhofstede in Laren.'

Doorenbos weet nog hoe zijn vader hem op z'n schouders naar bed bracht, terwijl hij liedjes speelde op de gitaar. 'De nare dingen, de ruzies en de latere scheiding van mijn ouders, herinner ik me niet meer. Allemaal verdrongen zeker.' Nog een herinnering: 'Ik lig tegen de boezem van een vrouw en iemand speelt klassieke muziek. Ik voelde een rilling van geluk. Het was een vrouw met een heel mooi gezicht. Ik zie haar lach nog voor me. Gek hè? De twee dingen in mijn leven waar ik het meest van hou, de vrouw en de muziek, die heb ik toen al intens ervaren.'

Eddy moest notaris worden, net als zijn grootvader. 'Maar ik had geen zin in wetboeken.' Het werd de zeevaartschool in Delfzijl. Door de oorlog kon hij de opleiding niet afmaken. De muziek trok. Hij speelde goed gitaar ('alles zelf geleerd') en kreeg zijn eerste professionele baan in de Maui-Islanders, een kwintet van gitarist Han de Willigen dat als Hawaii-muziek vermomde swing speelde. 'We traden op met zo'n bloemenslinger om, een lei. Dat was mode toen.'

Glenn Miller en Bing Crosby waren zijn idolen. 'En in Nederland had je Jan de Vries, een zanger met een prachtige uitspraak, een van de beste die we hebben gehad.' Doorenbos hecht aan een goede articulatie. 'Nederlandse zangers zeggen vaak koet, maar zo hoort het niet.' Hij doet het voor: goo-ood, met een kuiltje in het midden.

Engels repertoire was tijdens de bezetting verboden. 'We hebben wel invallen gehad, dat we achterom moesten vluchten. Het mocht van de Duitsers niet swingen hè?' Direct na de oorlog vertrok hij op de bonnefooi naar Brussel, om op te treden voor de Amerikaanse troepen.

In de officer's club in Dijon ontdekte hij dat hij meer kon dan gitaarspelen. 'Han de Willigen zei tegen me: vooruit, zing nou eens. Ik kon heel goed harmony zingen, maar solo durfde ik niet. Voor die Amerikaanse soldaten heb ik toen Nelly Grey gezongen, een soort country-liedje.'

Hij zingt het voor, een stukje vis aan zijn vork: 'Oh my darling Nelly Grey, they have taken her away, and I'll never see my darling anymore. Ze wordt nog blind ook, een enorm drama. Kreeg ik me toch een applaus! Sindsdien begon ik een beetje te durven.'

In januari 1947 brak Doorenbos' grote succestijd aan, als lid van het Miller Sextet (later The Millers), een lichtvoetig swinggezelschap met gitarist Ab de Molenaar en vibrafonist Coen van Nassau. 'Wij waren dé groep in Nederland. En dat zeg ik niet omdat ik erin zat.'

oorenbos zou tot 1961 Miller-lid blijven. Hij maakte tournees door Europa en reisde naar Indonesië, waar hij optrad voor Shell-werknemers. 'Wilde je zo iemand een hand geven, keek die schichtig naar de man naast hem want die was be-láng-rijk-er. Vreselijke sfeer. Tegenwoordig is het gelukkig niet meer zo.' Lacht: 'Of komt het weer terug?'

Met Pia Beck had hij een engagement in de Amsterdamse Cockpit Bar, ('where good friends meet'). Rijk de Gooyer was er vaste klant. 'We zijn nog steeds goeie vrienden.' Doorenbos zong afwisselend Engels en Nederlands (Als Sterren Flonk'rend Aan De Hemel Staan) en werd in muziekblad Rhythme uitgeroepen tot beste Nederlandse zanger. John de Mol sr. deed het ook goed, maar was volgens Doorenbos geen echte concurrent. 'Ik voelde me altijd de beste, qua swing dan hè.'

The Millers openden hun eigen dancing De Wieck op de Rotterdamse Westblaak ('de meest luxueuze club die ons land rijk is', schreven de kranten) en het succes leek niet op te kunnen. 'Het was een mooie tijd, maar nogal alcoholisch. You gotta go to the States, riepen ze weleens. You'll make a helluva lot of money! Terwijl ik nauwelijks de deur nog kon vinden. Er kwam niks van.

'Ik het begin zag ik mensen lachen en dacht ik: wat is er nou zo geestig? Als je zelf ook wat drinkt en je zit in de sfeer, begrijp je het beter. Met Ab de Molenaar kon ik vreselijk lachen. Later bleek die man twee liter jenever op een avond weg te werken. Hij is op z'n 64ste gestorven.'

De fut was eruit. De Wieck sloot in 1961, The Millers vielen uiteen. Doorenbos voelde de concurrentie van de opkomende beatmuziek. 'Op den duur verdiende ik honderd gulden in de week. Nederland was een beetje armoedig hè, low budget allemaal. De tijd dat artiesten en voetballers veel zijn gaan verdienen, kwam later pas. Ik ben te vroeg geboren, zeg ik weleens.'

De ober komt het tafeltje afruimen, het wordt tijd voor de muziek. Maar wacht, liever eerst nog een witte wijn ('drie per avond en voor de rest water').

In 1965 was zijn huwelijk op de klippen gelopen. Op uitnodiging van Pia Beck ging Doorenbos naar Spanje, waar Beck werkte aan de Costa del Sol. 'Met driehonderd gulden en mijn contrabas ben ik in de trein gestapt.' Spanje werd een keerpunt. Hij leerde er zijn nieuwe vrouw Micky kennen, met wie hij nog steeds samen is, en ontdekte dat hij ook aardig kon schilderen.

'Monochrome dingetjes, veel beige en blauw. Beetje zon, bootje erop. Ik noemde het neo-figuratief, dat klonk goed.' Zijn doeken vielen in de smaak bij de jetset van Marbella. 'Ik verdiende er goed mee, meer dan met m'n muziek. Op het laatst stond ik van 's ochtends vroeg tot 's avonds te schilderen. Daar kreeg ik toch ook weer genoeg van.'

Sean Connery kocht werk van hem, 'die golfde bij me in de buurt', en ook Anita Ekberg en Gina Lollobrigida werden klanten. 'Ik kon het heel goed vinden met Don Jaime de Mora y Aragon, de broer van koningin Fabiola. Die zei altijd: If I could play the piano and sing like you, Frank Sinatra would be my butler.'

Eddy Doorenbos heeft zijn Spaanse avontuur afgesloten. Hij pendelt elke avond op en neer naar zijn woonplaats Barendrecht, zingt op privéfeesten in de Achterhoek en piekert over nieuw repertoire, op verzoek van Universal in Parijs, dat 'plannen' met hem heeft.

Thuis laat de rustige oude dag evenzeer op zich wachten. Samen met zijn vrouw Micky ('eigenlijk Micheline, maar dat doet zo aan autobanden denken') heeft hij de zorg voor zijn 8-jarige kleinzoon op zich genomen. Zijn dochter is manisch-depressief en kan de opvoeding niet aan. 'Jeremy is een gelukkig mannetje. Maar af en toe is het wel kabaal in huis.'

In de Boomerang Bar speelt Doorenbos zijn vingers los. 'Thank you, thank you and goodnight', roept hij tegen elven, alsof hij in Las Vegas staat. 'My helicopter is waiting, I have to fly back to San Francisco now.' Aan de bar laten de whiskydrinkers een applausje klinken. 'Fantastic', zegt de zanger - toch ook een beetje tegen zichzelf.

Eddy Doorenbos treedt vrijdag op tijdens het North Sea Jazz Festival in Den Haag.

Vanaf september speelt hij elke werkdag om 8 uur in Hotel Schiphol Sheraton. Zijn cd What A Kick To Sing verscheen op Field Work Studios/FWS.

Meer over