Je geliefde afpellen

WINEKE DE BOER

Het werk van de Franstalige Belg Bernard Quiriny (1978) mag in Frankrijk dan voor veel reuring zorgen, in Nederland kenden we hem nog niet. Daarkomt nu verandering in: bij uitgeverij Voetnoot verschenen vier verhalen van zijn hand, gekozen en mooi vertaald door Hilde Keteleer, onder de titel Vleesetende verhalen (een selectie uit Quiriny's tweede verhalenbundel Contes carnivores).

Een titel die tot de verbeelding spreekt. En aan verbeeldingskracht heeft Quiriny geen gebrek. In deze bundel beoefent hij met verve het genre van het fantastische verhaal, in de voetsporen van Borges, Poe, en, om in zijn eigen taalgebied te blijven, Guy de Maupassant.

Quiriny maakt bijvoorbeeld gebruik van de raamvertelling: een beproefde 19de-eeuwse methode om een verhaal waarachtiger te laten lijken. 'Bloedsinaasappel' is zo'n verhaal in een verhaal. Een macabere geschiedenis waarin een prachtige dame in plaats van huid een dikke sinaasappelschil heeft. Haar minnaar pelt haar af, een sensuele aangelegenheid. De ochtend erna verkeert de vrouw echter in staat van ontbinding, ze kan haar minnaar nog net vragen om haar leeg te drinken. Hij gebruikt er een rietje voor.

Vernuftiger is het verhaal over een spraakverwarring onder de Yapoe-indianen. Een taalwetenschapper doet in 'Imbrogliopolis' verslag van zijn onderzoek: 'De Yapoegemeenschap is gebaseerd op misverstanden en de Yapoes doen onder alle omstandigheden hun best om er zoveel mogelijk te creëren.' Hun taal is voor een buitenstaander even onbegrijpelijk als voor henzelf.

Quiriny lijkt hier de draak te steken met taalwetenschappers die afreizen naar het Amazonegebied om indianentalen te bestuderen. Maar het is een vriendelijke parodie. Een pleidooi voor meer raadselachtigheid in onze onttoverde wereld. Dat is deze Belg wel toevertrouwd.

Bernard Quiriny: Vleesetende verhalen.

Uit het Frans vertaald door Hilde Keteleer.

Voetnoot; 97 pagina's; € 9,-.

ISBN 978 90 7806 878 5.

undefined

Meer over