Analyse

Italianen hebben weinig moeite met de verregaande inzet van een coronapas. Hoezo?

De Italianen voeren als eerste het coronatoegangsbewijs voor alle werkenden in. De maatregel gaat verder dan in de meeste andere landen, maar maatschappelijke weerstand is er nauwelijks. ‘We zijn pragmatisch.’

De decaan van de hogeschool Mons. Antonio Bello in Molfetta verwelkomt studenten voor hun eerste les, op 14 september. Mondkapjes worden in Italië nog met religieuze ijver gedragen. Beeld Getty Images
De decaan van de hogeschool Mons. Antonio Bello in Molfetta verwelkomt studenten voor hun eerste les, op 14 september. Mondkapjes worden in Italië nog met religieuze ijver gedragen.Beeld Getty Images

In het voorjaar van 2020 ging Italië als eerste land in Europa op slot, en niet zo’n beetje ook. Het land kende een van de strengste lockdowns van het continent, waar de bevolking zich zonder veel gemor naar schikte. De beelden van colonnes van legertrucks vol coronadoden in Lombardije maakten een einde aan elke discussie over de proportionaliteit van de maatregelen, nog voordat hij begonnen was.

Anderhalf jaar later is de gezondheidssituatie aanzienlijk beter, maar blijft de ernstige stemming van het begin van de pandemie nog altijd voelbaar. Toen het coronabewijs ingevoerd werd in de horeca gingen in Frankrijk wekenlang duizenden mensen de straat op. In de Italiaanse straten bleef het, op een paar kleine en luidruchtige demonstraties na, juist opvallend rustig.

‘Italianen zijn geen volk voor revoluties’, verklaart Domenico De Masi, hoogleraar sociologie aan de Sapienza Universiteit in Rome. Het moet wel heel ernstig zijn voordat de straten zich vullen, en vooralsnog komt de coronapas domweg niet hoog genoeg op het prioriteitenlijstje, zegt de socioloog. ‘We hebben een jeugdwerkloosheid van 28 procent, ruim 5 miljoen mensen leven in armoede.’

Met andere woorden: de meeste Italianen prijzen zich allang gelukkig als ze een werkplek hebben om hun coronapas te tonen. Bovendien zijn de Italianen sinds de eerste lockdown niet meer bang om het Europese buitenbeentje te zijn. Ook toen werden ze aanvankelijk voor gek verklaard, totdat bijna het hele continent hun voorbeeld – al dan niet in een ‘intelligente’ variant – schoorvoetend volgde.

Individuele vrijheid

Ook bij de invoering van de groene pas zijn zorgen over individuele vrijheid ondergeschikt aan de zorg voor het algemeen belang, ziet De Masi. ‘We blijven een katholiek en mediterraan volk, voor wie de gemeenschap belangrijk is.’ Toch waakt hij ervoor de Italiaanse houding al teveel te romantiseren: die is deels ingegeven door solidariteit met ouderen en zwakken, maar zeker ook pragmatisch.

De situatie is sinds het voorjaar aardig onder controle terwijl de economie – met uitzondering van discotheken en grote evenementen – op redelijke kracht doordraait. Als er een QR-code voor nodig is om zo ook in de winter door te kunnen gaan, zijn veruit de meeste Italianen bereid die prijs te betalen.

Zo’n 80 procent verklaart zich in peilingen voorstander van het coronabewijs. Een behoorlijk deel, variërend van 45 tot 65 procent, staat zelfs positief tegenover een algehele vaccinatieverplichting. Een verplichting wordt door de regering niet uitgesloten en zou in Italië niet helemaal nieuw zijn: het land stelde in 2017 al tien vaccinaties verplicht voor schoolgaande kinderen, omdat de dekkingsgraad voor onder meer de mazelen onder de kritische grens dreigde te dalen.

Het anti-green pass sentiment blijft in Italië tegenwoordig beperkt tot de uiterste rechterflank van de politiek. Een groot verschil met voor de pandemie, toen de links-populistische Vijfsterrenbeweging juist een aanjager van het antivax-sentiment was. Inmiddels is de beweging helemaal omgeslagen en benadrukt partijleider en oud-premier Giuseppe Conte voortdurend het belang van vaccinatie.

Eensgezindheid

Het is tekenend voor de eensgezindheid van de Italianen in de pandemiebestrijding. De angst voor het virus overschaduwt politieke verschillen, ook bij kiezers: Conte was na de eerste lockdown populair, maar toen hij in de winter plotseling plaats moest maken door Mario Draghi schaarde de meerderheid van de Italianen zich even moeiteloos achter hun nieuwe leider.

Ook zijn de Italianen, die hun mondkapjes nog steeds haast religieus dragen, relatief ijverig in het volgen van de regels. Daar stond het land voor de coronapandemie niet bepaald om bekend, erkent De Masi. ‘Maar deze regels gaan om leven en dood, en Italianen houden van het leven.’

Toch zou Italië zichzelf niet zijn zonder tegenstrijdigheden in de ogenschijnlijk zo brave omgang met de regels. Zo zijn discussies over handhavingscapaciteit het land bijvoorbeeld totaal vreemd: iedereen accepteert bij voorbaat dat regels niet volledig te controleren zijn en dat er altijd valsspelers bestaan.

Vanaf half oktober moet blijken hoe streng de controle op de coronapas voor werkenden wordt. ‘Op maandag is er strenge controle, dinsdag iets minder en donderdag helemaal niet meer’, voorspelt De Masi berustend. ‘Ook dat is Italië.’ Voor de regering is de graadmeter voor succes bovendien een heel andere. Zolang de green pass het percentage gevaccineerde Italianen verder omhoog stuwt, zal Draghi van gebrekkige controles niet wakker liggen.