It's the teacher, stupid

Met de Onderwijsagenda vestigt de Volkskrant de aandacht op problemen in het onderwijs. Dat werkt niet. Zet de leerkracht voorop en kijk nu eens naar wat er dagelijks wel goed gaat.

Ferry Haan

Het onderwijs staat volop in de belangstelling. De Volkskrant probeert met een ambitieus initiatief de ‘Onderwijsagenda’ te bepalen. De 30 grootste ‘problemen’ zijn geselecteerd en zullen aandacht krijgen. Ik bespeur bij collega’s (en bij mezelf) irritatie. Het onderwijs kan deze aandacht namelijk missen als kiespijn.

Koude douche
Alle aandacht gaat namelijk uit naar de zaken die niet deugen. Net alsof er nooit een commissie Dijsselbloem is geweest, krijgt het onderwijs opnieuw een koude douche met alle fouten die in het verleden zijn gemaakt. Dat weten we nu toch wel?
We zijn een paar wilde onderwijsvernieuwingen verder, maar vanaf nu zijn de scholen zelf verantwoordelijk voor het ‘hoe’. Den Haag gaat nog slechts gaan over het ‘wat’ van de vele eisen die aan het onderwijs worden gesteld.
Duidelijke afspraak.

Weer problemen
Toch moeten weer dertig problemen worden aangepakt. Ik ben de laatste die zal zeggen dat het in het onderwijs allemaal op rolletjes loopt. Tegelijkertijd heb ik net als veel anderen, een beetje genoeg van al het negativisme. Ik denk dat het onderwijs baat heeft bij een positieve aanpak. Bekijk eens wat er allemaal goed gaat en probeer dat uit te bouwen tot iets beters.
Dit is ook de aanpak die een docent zal kiezen, wanneer hij 30 problemen moet oplossen bij een leerling. Blijven hangen in wat er allemaal mis gaat, is zelden productief.

Waar is de docent?
Nu we het over de gemiddelde leraar hebben, waar is die eigenlijk in de Onderwijsagenda? Niet of nauwelijks in het panel van wijzen. Welgeteld één lerares uit het basisonderwijs is aangeschoven. Andere docenten (voortgezet onderwijs, mbo en hbo) zijn afwezig. Docenten roeren zich natuurlijk wel, maar dan vooral als reageerders op de 30 problemen. Docenten stemmen massaal, zo is mijn indruk.

Gekaapt
Het grootste probleem op de Onderwijsagenda is dan ook de bureaucratie in het onderwijs. Op de tweede plaats staat de omvang van de klassen. Dit zijn klachten uit de sector zelf. Ouders zullen bureaucratie nooit als eerste noemen, wanneer ze aan het onderwijs denken. Wanneer je er over nadenkt, is het eigenlijk wel grappig, dat docenten de Onderwijsagenda kapen. Ze halen de achterstand dubbel en dwars in.
De toekomst van het onderwijs is wat mij betreft ook in handen van de docent. De school die de naam ‘competentiegericht onderwijs’ kreeg, maar die in de praktijk betekende dat mbo- en hbo-leerlingen nauwelijks nog een docent zagen, is onderweg naar de uitgang. Contact tussen docent en student blijkt niet te vervangen.

Leerling werkt voor leerkracht
Dagelijks merk ik dat veel leerlingen niet zonder docent kunnen. Slechts een kleine minderheid van de leerlingen is zo gemotiveerd, dat de docent overbodig is. Deze leerlingen zijn intrinsiek gemotiveerd. Voor de meeste leerlingen komt de motivatie echter van buiten. Soms van ouders, maar meestal van een leerkracht. ‘Die leerlingen werken voor jou’, is een uitspraak die ik veel hoor. Dit geldt vooral voor de wat minder getalenteerde leerling.

Goede docent
Goede, inspirerende docenten zijn cruciaal in het onderwijs. De docent stimuleert, coacht, inspireert en corrigeert zijn leerlingen. Maar waaraan herken je de goede mensen? Niet per se aan een bevoegdheid tot lesgeven. Een universitaire opleiding helpt, maar geeft ook geen garantie.

Liefde
De Franse schrijver Daniel Pennac beschrijft in zijn boekje ‘Schoolpijn’, misschien wel de belangrijkste eigenschap die een docent geschikt maakt voor zijn vak: liefde voor zijn leerlingen. Door liefde gaat een leerkracht positief aan de slag met leerlingen die 30 problemen tegelijk hebben. Ook de Amerikaanse journalist Thomas Friedman verwijst in de bestseller ‘De aarde is plat’, naar een succesvolle school in de Verenigde Staten die alleen docenten aanneemt met het hart op de goede plek. Dit beleid werd kortgeleden ook in Nederland bevestigd. Niet de rekenmethode, maar de docent bepaalt of lagere schoolleerlingen leren rekenen of niet. Hoe kan het ook anders.

Tragisch
Met al het bovenstaande is het tragisch dat de docent zo slecht betrokken is bij alle zaken die zijn werk aangaan. Behoud maar eens liefde voor het vak en de leerlingen, wanneer scholen tot grote anonieme instellingen fuseren of wanneer je zelf niet betrokken bent bij ingrijpende veranderingen. Alle punten op de Onderwijsagenda die de docent centraal stellen, krijgen mijn stem. Tegen alle opstellers van onderwijsagenda’s en andere nobele initiatieven zou ik vrij naar Bill Clinton willen schreeuwen: ‘It’s the teacher, stupid!’.

Meer over