Islamitische of christelijke olifant

Islam en democratie

Volgens Martin Sommer 'is er over de islam en democratie iets fundamenteels te bespreken' (O&D, 25 mei). Maar met zijn opmerking dat hij nog nooit iemand van de SGP met een bebloed slagersmes heeft gezien, blokkeert hij meteen een open, genuan- ceerde discussie. Die stellingname getuigt ook van een gebrekkig historisch inzicht en is natuurlijk koren op de molen van Geert Wilders c.s.

Kennelijk heeft Sommer zich niet zo erg verdiept in de achterliggende oorzaken van de opkomst van het radicale, gewelddadige islamfundamentalisme. En in de rol van het christelijke Westen daarbij. In zijn The Clash of Barbarisms (2006) gaat de Frans-Libanese politicoloog Gilbert Achcar nader in op de ontwikkelingen in de jaren vijftig van de vorige eeuw. Toen werd de opkomst van het republikeins, progressief Arabisch nationalisme met steun en medewerking van het Westen de kop ingedrukt.

Daardoor ontstond er ruimte voor een radicale politieke islam die door de meeste mensen in moslimlanden werd verfoeid. Die radicalisering kon slechts opkomen door de uitschakeling van de progressieve tegenkrachten, aldus Achcar.

Met de Franse oriëntalist Gilles Kepel verwerpt Achcar dan ook de stelling dat islam en democratie onverenigbaar zijn. De zo door Sommer gewenste discussie zou dus opnieuw gevoerd kunnen worden, maar de frustraties en belemmeringen uit het verleden lijken mij niet zo gemakkelijk weg te nemen. Sommer zal dus iets anders moeten verzinnen.

Rein Heijne, Rotterdam

Islamitische olifant

Dat Arnon Grunberg op de voorpagina (Voetnoot, 28 mei) de islamitische olifant, die Martin Sommer een paar dagen eerder in deze krant signaleerde, tot een mug reduceert, verruimt in elk geval de actualiteit tot een wat breder perspectief, maar het ongebreideld wegrelativeren van Bert Wagendorp op pagina 2 in zijn column 'Islamdebat' (Ten eerste, 27 mei) laat mij diep zuchten.

Volgens Wagendorp hebben geld en roem rare dingen gedaan met de tot de islam bekeerde voetballer Ribéry met als gevolg dat hij zijn zoon de naam Seif al Islam heeft geven - Zwaard van Islam.

Het lijkt mij toch alleszins redelijk te stellen dat ook religieuze opvattingen mensen tot rare namen en daden kunnen inspireren.

Het verschijnsel dat Nederlandse moslimjongeren als jihadisten naar Syrië afreizen, doet hij af met 'een paar jongeren'. In dezelfde krant lezen wij dat driekwart van de Nederlandse moslims deze jongeren als helden ziet. Misschien geen islamitische olifanten, maar in elk geval wel islamitische volkshelden.

Het islamdebat hoeft volgens Wagendorp nooit te worden gevoerd. Alle incidenten van de laatste weken zijn kennelijk bij voorbaat op zichzelf staande bedrijfsongevallen. Shoot the messenger.

W.Abbing, Rotterdam

Arrogantie

A. Mullink (O&D, 28 mei) meet religie af aan het geweld van kleine minderheden. Die zijn niet representatief en wat betreft het christelijk geloof: christelijke waarden leiden tot afkeuring van de zonde, maar niet van de zondaar.

Ze zetten net zo min aan tot geweld als de voetbalregels aanzetten tot spelbederf en voetbalvandalisme. Alleen verkrachting van die waarden leidt ertoe, maar dat zegt meer over de mens. Ook negeert hij de grote bijdrage van het christendom aan de beschaving.

Verder wijt hij de problemen rond de integratie aan de 'joods-christelijke arrogantie', waardoor anderen zich minderwaardig zouden voelen. Dat is onjuist, want het christelijk geloof erkent de principiële gelijkwaardigheid van alle mensen.Tot slot meent hij dat seculier denken de beste garantie is voor vooruitgang. Maar juist dat leidde tot het grootste kwaad in de geschiedenis: rassenwaan en klassenwaan.

A.van Daal, Overloon

Vreemdelingen

Wilders zegt op te komen voor de joods-christelijke samenleving. Volgens hem wordt die te gronde gericht door de komst van immigranten, van islamieten. Als hij en anderen de Bijbel eens aandachtig lazen, kwamen ze herhaaldelijk aansporingen tegen als: 'Handhaaf recht en gerechtigheid, red wie beroofd werd uit de handen van de onderdrukker, buit vreemdelingen niet uit, pleeg geen geweld tegen hen' (Jeremia: 22,3). Ook toen bleven mensen in woord en daad opkomen voor een vreedzame samenleving.

Wopke Bleeker, Amersfoort

undefined

Meer over