Is 'Tsjechische Trump' nog te stoppen?

'Babišconi' wordt de Tsjechische minister van Financiën Andrej Babiš wel genoemd door zijn politieke vijanden. Net als de voormalige Italiaanse premier beschikt hij over een miljardenfortuin, bezit hij enkele kranten en een televisiekanaal en zet hij de politiek in zijn land op zijn kop. Hij dreigt nu de regeringscoalitie op te blazen uit woede over wetsvoorstellen die zijn zakelijke belangen bedreigen.

Babis maakt een selfie met de Griekse Yanis Varoufakis. Beeld reuters
Babis maakt een selfie met de Griekse Yanis Varoufakis.Beeld reuters

De eigenzinnige zakenman stormde in 2013 het politieke toneel op, toen hij met zijn anti-corruptiepartij ANO (Actie van Ontevreden Burgers) in één klap bijna eenvijfde van de stemmen haalde. Maar na twee jaar samenwerken met de sociaal-democraten en de christen-democraten begint Babiš genoeg te krijgen van zijn coalitiepartners. Wat hij hen vooral kwalijk neemt is dat een deel van hun parlementariërs overweegt een voorstel van de oppositie te steunen om bedrijven, die voor meer dan 10 procent in handen zijn van bewindslieden, uit te sluiten van overheidsopdrachten.

Ook mogen bewindslieden en overheidsfunctionarissen niet meer dan 40 procent van de aandelen van een bedrijf in handen hebben. Voor Babiš zou dat betekenen: kiezen of delen. Hij bezit Agrofert, een van de grootste ondernemingen in het land. Het zakenimperium van Babiš telt ruim 200 bedrijven, met 34 duizend werknemers in achttien landen.

Trump

De zakenman/minister vindt dat zijn coalitiegenoten hem een 'vuile streek' leveren. 'Ze wisten wie ik was, toen we over de coalitie onderhandelden. Maar nu is het opeens een probleem', klaagde hij eerder deze week. 'Ik begin me af te vragen of deze coalitie kan blijven voortbestaan.' Volgens premier Bohuslav Sobotka, een sociaal-democraat, zijn de voorgestelde maatregelen nodig omdat er 'steeds meer miljardairs de politiek in gaan'. 'Ik geloof dat het belangrijk is dat er een duidelijke scheiding is tussen politiek en zakenleven, zodat het niet mogelijk is politieke, zakelijke en media-belangen te vermengen.'

Het rommelt al langer binnen de regeringscoalitie, bevestigt Carlos Reijnen, docent Oost-Europese Studies aan de Universiteit van Amsterdam. 'De sfeer is flink verpest, ook door de taal die Babiš en zijn collega's bezigen. Daarmee jagen ze de andere politici tegen zich in het harnas. Wat dat betreft heeft Babiš wel wat van Donald Trump, al maakt hij het niet zó bont.'

Babiš doet weinig moeite zijn minachting voor premier Sobotka te verbergen. 'Hij zit in een fijne positie, zonder verantwoordelijkheid voor wetten. Die moeten de ministers maken', merkte hij schamperend op in een recent interview met de Financial Times.

null Beeld epa
Beeld epa

Kranten

Volgens Reijnen is het niet uitgesloten dat de regeringscoalitie uiteenklapt. 'De coalitiepartijen staan er alle drie redelijk goed voor in de opiniepeilingen, zeker de ANO ('ano' betekent 'ja' in het Tsjechisch) van Babiš. De miljardair is veruit de meest populaire politicus in het land, ook al wordt hij achtervolgd door beschuldigingen dat hij vroeger voor de StB, de geheime politie van het communistische bewind in Tsjechoslowakije zou hebben gewerkt.

Babiš wijst erop dat een rechtbank hem in het gelijk heeft gesteld: de beschuldigingen tegen hem zijn ongegrond. Volgens Reijnen is de zaak daarmee nog niet helemaal afgedaan. Het ligt voor de hand dat hij in de communistische periode als directeur van een staatsbedrijf dat in het buitenland opereerde wel degelijk contacten met de StB had. Hoe dan ook, het lijkt allemaal af te glijden van de ANO-voorman, zoals hij zelf ooit al voorspelde: 'Het kan de mensen niets schelen. Hoeveel dissidenten waren er in Tsjechoslowakije? Tweeduizend, op een bevolking van vijftien miljoen.'

De oppositie beschuldigt Babiš ervan dat hij zijn kranten - hij bezit de twee belangijkste kwaliteitskranten Lidové noviny en Mlada fronta DNES - gebruikt om zijn politieke rivalen te ondermijnen, maar volgens Reijnen valt daar in de praktijk weinig van te merken. 'Die kranten schrijven ook redelijk kritisch over hem.'

'De staat is geen bedrijf'

Dat de traditionele politici zich bedreigd voelen door Babiš en zijn ANO is wel zeker. 'Veel burgers zijn de corruptie zat. Daarom scoort Babiš ook goed met zijn anticorruptiebeweging', zegt Reijnen. Volgens hem heeft Babiš niet helemaal ongelijk als hij zegt dat de wetsvoorstellen tegen hem gericht lijken. 'Het politieke establishment hoopt daarmee populistische politici die van buiten komen buiten de deur te houden.' Maar tegelijkertijd zijn het bepalingen waartegen Babiš als leider van een beweging die de corruptie wil aanpakken, eigenlijk moeilijk bezwaar kan hebben. 'De wetsvoorstellen zijn een reactie op de corruptieschandalen die zich de afgelopen jaren hebben voorgedaan in Tsjechië.'

Ook als de coalitie dit conflict overleeft, betwijfelt Reijnen of de regering nog een lang leven beschoren is. De sociaal-democraten voeren openlijk campagne tegen Babiš die zij ervan beschuldigen dat hij geen oog heeft voor de sociale gevolgen van zijn strenge financiële beleid. 'De staat is geen bedrijf!' is de leuze waarmee de sociaal-democraten campagne voeren voor de regionale verkiezingen later dit jaar.

De sociaal-democraten zijn ervan overtuigd dat Babiš erop uit is de regering ten val te brengen en zelf terug te keren als premier van een nieuw kabinet. Maar Babiš bezweert dat hij geen ambitie heeft om premier te worden. 'Ik ben diep ongelukkig in de politiek. Het heeft mijn leven verpest', klaagde hij in tegenover de Financial Times. En voor de post van premier zou hij hoe dan ook geen belangstelling hebben: 'Ik word liever vice-premier met als taak de ministers aan te sturen. De premier kan dan buitenlands beleid doen, het land vertegenwoordigen en toespraken houden. Dat zou perfect zijn.'

null Beeld epa
Beeld epa
Meer over