Is dit normaal?

Zijn krachtdadig optreden is een trendbreuk met zijn voorganger. Niettemin zegt Eberhard van der Laan: 'Amsterdammers zijn ontzettend lieve mensen, ze horen het liever niet, daar zijn ze natuurlijk te stoer voor.'Door Marcel van Lieshout en Jaap StamFoto'sBarbara Bos

tekst Marcel van Lieshout en Jaap Stam en Foto¿s Barbara Bos

'Tijdens de herdenkingsbijeenkomst voor de vermoorde juwelier in West dacht ik: de volgende keer neem ik jullie mee! Een dag eerder had ik vergaderd met de raadscommissie Algemene Zaken over de openbare orde. Sommige gemeenteraadsleden spraken bijna ridiculiserend over preventief fouilleren dat ik heb ingevoerd in West. Alsof ik iets absurds had voorgesteld. Je mag je eigen standpunt hebben, maar dat zijn twee werelden.'


De vraag was: heeft u niet de neiging te zeggen: hoezo principes? Dit zijn de feiten en cijfers.


Het cijfer zegt dat van alle stadsdelen Amsterdam-West het op een na hoogste wapenbezit per vierkante kilometer heeft. Feit is dat beangstigend veel jongeren een wapen hebben. Feit is dat jongeren geneigd zijn dat wapen daadwerkelijk te gebruiken.


Ruim honderd dagen is Eberhard Edzard van der Laan (1955, Leiden) burgemeester van Amsterdam en in die tijd heeft hij het imago verworven van een law and order-bestuurder. Zelf haalt hij daar zijn schouders over op. Een harde? Hij spreekt in elk geval op zachte toon.


Maar inderdaad, erkent hij, als hem iets niet zint, zegt hij er wat van. Of liever, doet hij er wat aan. Hij vermoedt dat die neiging te maken heeft met zijn 'calvinistische inslag'. Of met zijn ervaring als ondernemer. Of: 'Doordat ik Amsterdammertje ben geworden.'


Dus krijgen raadsleden ervan langs als ze weer eens hun bezwaren tegen preventief fouilleren uiten. Een gevoelig onderwerp in Amsterdam, vooral omdat collegepartij GroenLinks principieel tegen is. Deze week sprak de deelraad van West zich er nog eens tegen uit.


Van der Laan is niet onder de indruk, hij gaat erover, en de gemeenteraad stemde in: 'De cijfers laten zien dat het helpt. Overal in de stad neemt het wapenbezit toe, behalve in de gebieden waar we fouilleren, daar neemt het af. Ik heb respect voor partijen die vanuit principes zeggen: nee, niet, nooit. Maar mijn voornaamste taak is de boel zo veilig mogelijk te maken.'


Van mening verschillen mag best, beklemtoont hij. 'Het is geen wondermiddel. Maar het is niet absurd om het in te voeren in een buurt die veel ellende heeft van overvallen.' Daarbij: 'Acht jaar preventief fouilleren, praktisch nul klachten. Omdat wij allemaal liever in onze privacy worden geschonden dan dat een van onze mede-Amsterdammers wordt neergeschoten.'


In Amsterdam werd al preventief gefouilleerd in de binnenstad, Zuidoost en Oost. Niet in West. 'De officiële uitleg was dat er andere dingen werden geprobeerd, zoals toezicht door straatcoaches. Maar er was ook een officieus verhaal: dat het stigmatiserend is. Mensen uit andere culturen (in West wonen veel Marokkanen, red.) worden niet graag gefouilleerd. 'Nou zeg ik: sorry, in Zuidoost (waar veel Surinamers, Antillianen en 'zwarte' Afrikanen wonen, red.) wordt wel gefouilleerd, waarom daar dan wel?'


Zuidoost, West, in die honderd dagen heeft hij de stad al in alle windrichtingen doorkruist. 'Heerlijk', vindt hij het. Ingezetene was hij al lang, maar nu de functie hem overal brengt ('In de zomer leek mijn agenda wel een Uitmarkt') is hij Amsterdam nog veel meer gaan waarderen.


Toch aarzelde hij dit voorjaar of hij wel voor het burgermeesterschap moest opgaan. Zat hij niet in Den Haag om hét maatschappelijke vraagstuk in goede banen te leiden? Het calvinisme speelde weer op. 'Den Haag is grimmig. Ik had zorgen over wat er met de wijkbewoners, integratie en inburgering zou gebeuren. Ik dacht: is Amsterdam niet te leuk?'


Onder anderen de schrijver/historicus Geert Mak haalde hem over: 'Je lijkt wel een zendeling die altijd naar de ellendigste buitenpost moet.'


In Amsterdam is het er de laatste tijd anders ook niet bepaald rustig aan toegegaan. Onder zijn aanvoering verbrak de hoofdstad de samenwerking met de Surinaamse regering, nadat Bouterse tot president was gekozen. Amsterdam liet als eerste gemeente weten hoe de antikraakwet wordt uitgevoerd en botste met krakers. Die wil hij laten betalen voor schade bij ongeregeldheden. En Van der Laan pakt de vervlechting van de freefightgala's met de georganiseerde misdaad aan, zeker als ze worden georganiseerd in gebouwen van de gemeente.


Uw krachtdadig optreden is een trendbreuk met uw voorganger, Job Cohen, die meer van het wikken en wegen is.


'Ik geloof niet dat er een trendbreuk is. Job kon ook stevige dingen doen.'


Is het niet slecht gecast door de PvdA? Cohen in Den Haag en u in Amsterdam?


'Ben ik zo'n waardeloze burgemeester?'


We bedoelen het positief; uw natuur is geschikter voor oppositie voeren dan die van Cohen.


'Er wordt gedacht dat het één groot georganiseerd geheel is. Dat is niet zo. Ik heb een maand gedacht: ik word een van Jobs belangrijkste adjudanten. Dat dacht hij ook. Maar ik sta nu boven de partijen. Zullen we het over Amsterdam hebben?'


Waar bent u tegenaan gelopen op het gebied van de openbare orde en veiligheid?


Van der Laan staat op, beent naar zijn boekenkast. Als ze maar van me afblijven heet het onderzoek uit 2008 naar geweld tegen homo's in Amsterdam.


Hij slaat bladzijde 6 op en leest hardop voor: 'Verdachten van fysiek geweld zijn meestal jongens tussen de 17 en 25 jaar oud. De verdachten zijn even vaak van autochtoon-Nederlandse als van Marokkaanse afkomst (beide 36 procent). Aangezien van alle Amsterdamse jongeren tot en met 24 jaar 39 procent tot de eerste en 16 procent tot de tweede groep behoort, zijn Marokkanen oververtegenwoordigd als verdachten van de genoemde vorm van geweld.'


Hij klapt het boekje dicht en vervolgt: 'Je gelooft je ogen niet. Dit zou een normaal mens zo niet opschrijven. Eerst staat er dat het even vaak voor komt onder beide groepen, dan dat het slechts om oververtegenwoordiging gaat. Maar Marokkaanse Amsterdammers zijn tweeënhalf keer zo vaak betrokken bij homofoob geweld! Bij oververtegenwoordiging denk ik aan hooguit 130 procent. Dit onderzoek is 1 op 1 in de nota's van de gemeente terechtgekomen. Als dat de basis is voor beleid missen we de ernst van de situatie.'


Een tijdje geleden sprak Van der Laan in de Indische buurt een vrouw die aan de hand van gesprekken met schoolkinderen toneelstukken schrijft die worden opgevoerd op scholen. 'Help mij het geweld tegen homo's aan te pakken', vroeg hij. 'Dit is het moeilijkste probleem', zei zij. 'Dit zit zó diep, het is onbespreekbaar. Als ik doorzet, verlies ik de kinderen die ik juist wil helpen.'


De burgemeester drong aan: 'We zullen wel moeten. Kleine kinderen krijgen thuis een verhaal te horen wat niet spoort met hoe wij willen samenleven.' Een week later kreeg hij een mail: ze gaat een toneelstuk maken over homoseksualiteit. 'Je moet me wel helpen', schreef ze.


Van der Laan: 'Andrée van Es, die over diversiteit gaat, Lodewijk Asscher, die over de scholen gaat, en ik hebben nu bedacht dat we langs alle scholen gaan. Dat werk verdelen we met de stadsdeelvoorzitters. Alle scholen, dat zijn er 400, doen we in één jaar. We moeten laten zien dat het ernst is.'


Terugkijken op wat zijn voorganger Cohen heeft gedaan of nagelaten, doet Van der Laan niet. 'Achterstallig onderhoud is overal. Ik heb als minister ongetwijfeld ook achterstallig onderhoud nagelaten.'


Daar heeft niemand last van, uw ministerie van Wonen, Wijken en Integratie is toch opgeheven.


Hij lacht uitbundig, trekt dan een zorgelijk gezicht. 'Dat voorspelt weinig goeds voor de wijken en ik denk ook voor de woningcorporaties. Echt, het voelde alsof ik burgemeester van die veertig wijken was. Ik heb die mensen beloofd: we moeten dit tien jaar volhouden, we laten jullie niet in de steek.'


Terugkijken kan niettemin leerzaam zijn, weet hij. 'Mijn moeder heeft theologie gestudeerd, ik had een homoseksuele broer.' In Rijnsburg en Katwijk ('strenggelovigen') ging moeder de boer op om over homoseksualiteit, abortus en euthanasie te praten. 'Vanuit het geloof. We hebben het over de jaren zestig!'


Nog als minister, twee dagen voor de val van het kabinet, kwam hij er tijdens een werkbezoek in uitgerekend zijn geboortestreek bij toeval achter dat ook zijn vader gevoelige problemen niet uit de weg ging. Hij ontmoette een door zijn vader opgeleide arts. Die vertelde dat Van der Laan senior de drijvende kracht was achter de werkgroep Suïcide door homoseksuele jongeren van streekartsen. 'Dan zie je hoe kort geleden het is waar wij vandaan komen. Als we nu niets doen, zitten we straks naar de herhaling te kijken.'


Homofobie windt junior nog steeds op. 'Maar we gaan niet preken, we gaan doen.'


Uw voorganger werd van meet af aan duidelijk gemaakt door de wethouders dat hij maar over heel weinig dingen ging. Hoe is dat u vergaan?


'Dan moet ik mijn pretoogjes verbergen. Ik ben verantwoordelijk voor openbare orde en veiligheid en een paar bijzondere dingen, maar verder ben ik dienend aan de wethouders. Ik bemoei me wel met hen, zo zit ik in elkaar. Dat noem ik hulp. Dat moet ook zo beleefd worden natuurlijk.'


Zijn de wethouders blij met uw hulp?


'Jawel, maar ik merk dat het wennen is dat de burgemeester zijn mening geeft. We moeten naar elkaar toegroeien.'


U heeft een natuurlijke drang om uw mening te geven.


'Ja, dat is ook wel een beetje een valkuil voor mij. Dat is een groot woord, maar ik kan niet toekijken als iets niet goed gaat. We zijn met z'n allen het college. Ik heb ook niet de neiging over competentie te beginnen als we in het college praten over openbare orde en veiligheid. Zo van: daar gaan jullie niet over. Maar ik moet er goed op letten. Want het is anders dan wanneer je minister bent.'


Daar klinkt enige spijt in door. Het lijkt of u het af en toe jammer vindt dat u diplomatiek moet zijn.


'Ik herinner me een bijeenkomst ter gelegenheid van het 70-jarig bestaan van het weekblad Vrij Nederland. Ab Klink had net zijn brief geschreven, de linkse kerk was redelijk opgewonden over de perspectieven die zich weer leken te openen. Toen werd aan mij de vraag gesteld: wat vind je ervan? Ik heb me erg op de vlakte gehouden. Dat vond ik niet leuk om te doen. Maar: ik ben de burgemeester van iedereen.'


De verleiding blijft groot wél iets te zeggen, juist omdat u ook overal iets van vindt.


'Ik moet dat eronder krijgen, en ik krijg dat er ook onder. Een kleine worsteling zal het wel blijven. In de komende zes jaar zal niemand mij op partijpolitieke standpunten kunnen betrappen.'


U heeft van de wethouders nog niet te horen gekregen: bemoei je er niet mee?


'Eh, jawel... op punten waarvan ik dat zelf ook wel vind, maar ik dacht: als ik nou die en die wethouder help met zus en zo, dan kan hij daar alleen maar blij om zijn. Je moet elkaar op het schild hijsen.'


U begon in Amsterdam met een groot feest: de huldiging van het Nederlands elftal. U hoefde daarvoor alleen de complimenten in ontvangst te nemen.


'Ja, dat was geen ondankbare taak. Maar ik ben wel afgeweken van het scenario dat zei: als Oranje tweede wordt geen boottocht. Jullie hebben het nu over complimenten, maar ik ben tot op de middag van de huldiging voor gekke henkie uitgemaakt. Een gemeenteraadslid twitterde: straks staan er tien mensen uit Brabant. Er kwamen 600 duizend mensen op af! Dat was wel een beetje mazzel.'


Wat hem nu al opvalt is dat de gemeentelijke ambtenarij niet zo vastgeroest is als velen denken. 'Ik heb nog nooit zo'n improvisatietalent gezien.' Althans, als er 'a sense of urgency' is. Maar er is nog veel te verbeteren.


'Als nieuweling heb je het recht te vragen: is dit normaal?' Die vraag echoot nu al door het stadhuis. 'Ik denk dat als ik onverhoopt een hartaanval krijg, en ze een grafopschrift moeten verzinnen, dat ze erop schrijven: is dit normaal?'


Van der Laan is twee keer getrouwd en heeft vijf kinderen. Hij groeide op in Rijnsburg. Zijn vader was huisarts en raadslid voor de ARP. Hij heeft de naam eropaf te gaan, dat deed hij als raadslid al, en zijn geluidsfrequentie stelt hij af op zijn gesprekspartner. Als een omstander hem weer eens de voor politici zo bekende typering toevoegt, zegt hij: 'Hoezo zakkenvuller? Ik heb de hele dag gewerkt en zet me 's avonds ook nog in voor de stad. Wat heb jij vandaag gedaan?'


U bent onlangs tussen twee vechtende rozenverkopers in de Utrechtsestraat gesprongen.


'Ik was niet de enige. Dat deden nog vier, vijf mensen. Dat was een ideale situatie: die jongens hadden niks in te brengen. Ze waren hard aan het vechten, maar het probleem was snel opgelost. Lef? Misschien ben ik wel onnozel.'


Hoe is het om de meest aanraakbare bestuurder van de stad te zijn?


'Geweldig leuk, je krijgt zo veel terug. Amsterdammers zijn ontzettend lieve mensen, ze horen het liever niet, daar zijn ze natuurlijk te stoer voor.


'Weet je wat grappig is? In het begin had ik bij de ambtsketen het gevoel: het is wel een beetje bijdehand als je dat ding omhangt, dus doe het zuinig. Ik heb gemerkt dat mensen dat als een teleurstelling ervaren.


'Nu denk ik: ze hebben er recht op. Dat hoorde ik van iemand die een burgemeester kent in een klein plaatsje in Engeland. Die zit in een rolstoel en heeft voortdurend de keten om. Aan haar werd gevraagd waarom ze dat deed. Daar hebben ze recht op, zei zij. Ik ben een lerend wezen en hang hem voortaan vaker om.


'Het burgervaderschap is heel mooi. Als je het goed doet, kun je er zelf beter van worden. Door de norm: je bent van iedereen - daar moet je heel zuiver in zijn - word je je nog bewuster van wat je doet. Doordat je open staat voor iedereen, wordt de band met anderen sterker.'


U maakt soms de indruk geïrriteerd te zijn door opmerkingen van raadsleden die vooral voor de tribune zijn bedoeld.


'Voor mij wordt iets een ergernis als ik merk dat er wordt geframed. Als mensen tekeer gaan tegen iets wat ik niet heb gezegd. Je draait het een kwartslag om en daar ga je op inhakken. Dat valt in Amsterdam oneindig mee, vergeleken met wat ik in Den Haag heb gezien.'


Leeft u dan juist niet op? Kunt u zelf lekker tekeer gaan.


'Dat hoor ik vaker, dat ik er graag heftig tegenin ga. Het komt waarschijnlijk doordat ik 25 jaar advocaat ben geweest, dat ik gewend ben zo te reageren. Maar ik vind het helemaal niet leuk.'


Hoe vindt u dat Amsterdam het nieuwe kabinet tegemoet moet treden?


'Dat is aan de wethouders. Als burgemeester probeer ik ervoor te zorgen dat de lijnen open blijven.'


Helpt het dan als je het kabinet verwijt uit rancune te handelen, zoals wethouder Asscher heeft gedaan?


'Ja, dat denk ik wel. Ze weten dat Lodewijk een zakelijke en constructieve bestuurder is. Ze voelen dat in deze stad zorg zit waaraan lucht moet worden gegeven. Ik weet dat hij allang weer met Rutte heeft ge-sms't.'


Deelt u zijn zorg?


'Ik moet mij een beetje op de vlakte houden. Mijn diplomatieke antwoord luidt dat ik in het regeerakkoord dingen zie waarvan ik zeg: er kan iets op ons afkomen dat niet goed is voor de Amsterdammers. En ik kom dingen tegen waarmee we ons voordeel kunnen doen.


'Ik denk dat geen haar op het hoofd van - ik noem vier willekeurige voorbeelden - Donner, Opstelten, Teeven en Leers eraan denkt om aan bepaalde knoppen van de rechtsstaat te komen waarvan ik vind dat je er niet aan moet komen. Misschien dat een enkele gedoger van de PVV ze verder opengedraaid wil zien, maar zij gaan niet één standje mee. Dat is mijn vertrouwen in hen individueel.'


Iets heel anders: wat is er waar van het verhaal dat u vroeger aan de kost kwam door te kaarten in de kroeg?


'Dat wordt ontzettend overdreven, maar ik heb het wel een tijdje gedaan. In Brussel, waar ik een paar maanden medicijnen heb gestudeerd. Mijn stamkroeg had een cafébaas die heel goed kon kaarten, maar een kroegbaas kan niet elke avond winnen van zijn klanten. Dus de ene avond speelde hij, de andere avond liet hij mij spelen.


'Hij leerde mij goed kaarten, manillen, Belgisch hartenjagen, een enkele keer pokeren. Weet je wat het geheim was? De mensen met wie ik speelde dronken zich helemaal suf aan de whisky. Ik dronk cola. Om middernacht kon ik op verlies staan, maar vier uur later had ik gewonnen.'


Fotografe Barbara Bos volgde Eberhard van der Laan tijdens de eerste honderd dagen van zijn burgemeesterschap. Op deze pagina's een selectie.


CV

1955geboren in Leiden


1974


gymnasium B


1983


studie rechten (cum laude)


1984-1992


advocaat bij Van Doorne en Sjollema/Trenité Van Doorne


1992-2008


medeoprichter en partner bij Kennedy Van der Laan


1990-1998


lid gemeenteraad Amsterdam (PvdA)


1993


fractievoorzitter. In 1994 lijsttrekker


2000-2001


voorzitter programmacommissie PvdA


2006


informateur college Amsterdam


2008-2010


minister Wonen, Wijken en Integratie


2010


7 juli 2010 burgemeester Amsterdam


Meer over