Is Bloks ambitie het Rijk af te slanken haalbaar?

Minister Blok wil het Rijk in vier jaar met een kwart laten krimpen. Maar leidt dat tot minder uitgaven?

Minister Stef Blok, verantwoordelijk voor de rijksdienst, heeft geleerd van de fouten van zijn voorgangers. Die hadden bijna allemaal de ambitie om de overheid kleiner te maken. Maar hoe druk je dat 'kleiner' uit? Door te bepalen hoeveel minder ambtenaren er bij het Rijk zouden moeten werken, was decennialang het antwoord. Nooit doen, weet VVD'er Blok nu. Zijn maatstaf is geld. Blok gaat het Rijk daarom verkleinen van 17 miljard euro in 2010 naar 13 miljard in 2018.


De minister zegt niet, zoals zijn voorgangers zouden hebben gedaan, dat hij de omvang van het Rijk gaat verkleinen van 150 duizend naar tussen de 138 duizend en 132 duizend voltijds arbeidsplaatsen. Het is andersom. Die ambtenarenreductie, zo legt Blok uit in zijn Hervormingsagenda Rijksdienst, is nu eenmaal het 'onvermijdelijke' gevolg als het Rijk 4 miljard euro minder uitgeeft.


Een overheid is een dienstverlener. Het kapitaal van zo'n dienstverlener bestaat uit ambtenaren. De fixatie op het aantal mensen is logisch als het over het krimpen van de rijksoverheid gaat. Maar sinds 1995 is onduidelijk hoeveel ambtenaren daar precies werken. Dat komt omdat steeds wat anders onder 'het Rijk' werd verstaan. Nu hoort bijvoorbeeld een zelfstandig bestuursorgaan (ZBO) zoals De Nederlandsche Bank of het Kadaster er weer wel bij en dan weer niet.


Tegelijk veranderde ook de meeteenheid. Dan ging het om het aantal ambtenaren, toen weer om arbeidsplaatsen, formatieplaatsen en nu om fulltime equivalents (fte's). Waar dat toe leidt, bleek in 2007. Het kabinet Balkenende IV had toen een nulmeting nodig om te kunnen bepalen met hoeveel arbeidsplaatsen hij het Rijk kleiner wilde maken.


'Die nulmeting is tot drie keer toe herberekend', zegt Gijs van Loef, een Blaricumse oud-wethouder die de omvang van het Rijk al jaren nauwkeurig in de gaten houdt. Volgende week verschijnt zijn tweede boek hierover. 'De derde nulmeting was 26 duizend fte minder dan de eerste', berekende Van Loef. 'Dus er waren ineens 26 duizend ambtenaren verdwenen, op papier dan.'


Blok stelt het Rijk in zijn Hervormingsagenda op 150 duizend fte's. Ruim driekwart daarvan zijn uitvoerende ambtenaren, zoals bij de Belastingdienst. Alle verdwijnende banen zitten in de uitvoering, weet Van Loef. 'Maar juist die ambtenaren kunnen niet worden gemist. Wel de beleidsambtenaren van alle ministeries.' Want in een gedigitaliseerde en gedecentraliseerde samenleving is een departementale beleidsambtenaar compleet verouderd, zegt de rijksoverheidwatcher. 'Maar omdat die departementale ambtenaren, de harde schil rond de politieke besluitvorming, niet in eigen vlees snijden, stellen ze het beleid zo vast dat de banen verdwijnen in de uitvoering.'


Gezien de mist rondom de inkrimping van het Rijk gemeten in mensen is het begrijpelijk dat minister Blok dit wil uitdrukken in bespaarde euro's. Hoe haalbaar is zijn ambitie? Zeer lastig, blijkt uit onderzoeken van de Algemene Rekenkamer en het Centraal Planbureau (CPB). Ook de vakbonden weten zeker dat Blok het Rijk niet of nauwelijks verder kan laten krimpen. Simpelweg omdat er geen vlees meer op de botten zit. En ook omdat Blok de overheid niet alleen goedkoper, maar ook nog eens beter, scherper en klantvriendelijker wil maken. En aantrekkelijker om voor te werken.


Het CPB geeft de bonden gelijk: Blok rekent zich rijk. De rekenmeester van het kabinet houdt de minister voor dat hij meer wil bezuinigen dan in de gunstigste situatie mogelijk is - de situatie waarin ambtenaren precies doen wat de politiek hen opdraagt. Bovendien, zegt het CPB, is het onmogelijk tegelijk te bezuinigen en de Nederlandse rijksoverheid tot de wereldtop te laten behoren, zoals de ambitie van Blok luidt. 'Simpelweg korten op het budget', stelt het CPB, 'volstaat niet voor efficiencywinst.'


De Algemene Rekenkamer deed er deze maand nog een schepje bovenop: Blok bezuinigt met een blinddoek. De controleur van de rijksfinanciën stelt vast dat de bewindsman ruim de helft van zijn bezuinigingen niet kan onderbouwen. Sowieso twijfelt de Rekenkamer aan de haalbaarheid van alle voorgenomen bezuinigingen. Daar heeft het goede redenen voor. Uitgerekend bij het ministerie van Blok, dat alle andere ertoe moet bewegen te bezuinigen om het Rijk kleiner te maken, nemen de problemen in de bedrijfsvoering toe.

Meer over