Analyse

Inval in museum Plein van Hemelse Vrede-protest Hongkong is volgende stap in uitwissen herinnering

Nadat onderwijsvakbonden, prodemocratische partijen en kritische kranten al onschadelijk zijn gemaakt met de Nationale Veiligheidswet, pakt Hongkong nu een oude doorn in het vlees van de Chinese Communistische Partij aan: de Hong Kong Alliance. Deze organisatie, opgericht om de herinnering aan het neerslaan van de democratiseringsbeweging in 1989 levend te houden, wordt steeds verder in het nauw gedreven.

Een bordkartonnen versie van Zhao Ziyang, secretaris-generaal van de Chinese communistische partij tijdens de studentenprotesten in Beijing, wordt in beslag genomen. De politie van Hongkong deed donderdag een inval in het museum van de Hong Kong Alliance. Beeld AP
Een bordkartonnen versie van Zhao Ziyang, secretaris-generaal van de Chinese communistische partij tijdens de studentenprotesten in Beijing, wordt in beslag genomen. De politie van Hongkong deed donderdag een inval in het museum van de Hong Kong Alliance.Beeld AP

Nadat dinsdag vier kopstukken van de Alliantie werden gearresteerd omdat ze weigerden de politie inzage te geven in de ledenlijsten en de financiën van de groep, viel de politie donderdag binnen bij het museum dat de Alliantie in 2014 opende. Althans, bij het gebouw, want het museum moest in april al sluiten, officieel wegens een probleem met vergunningen. Niet voor het eerst: in 2016 ging het museum dicht na klachten van de eigenaar van het gebouw over het feit dat de lift bezet was als iemand het museum bezocht. Pas in 2019 werd een nieuw onderkomen gevonden.

Verkocht het museum in 2014 nog USB-sticks met 6,4 gigabite aan historische documenten, die bezoekers uit het vasteland mee naar huis smokkelden, tegenwoordig worstelt de organisatie achter het museum om de herinnering aan het bloedbad op de vierde juni in 1989 in Hongkong zelf levend te houden. Van het museum is slechts een online versie over, bestierd door Chinese dissidenten in het buitenland.

‘Buitenlandse agent’

Bij de inval nam de politie 36 dozen en voorwerpen in beslag, zoals een vlammende kaars van bordkarton en originele spandoeken uit 1989. Ook werden invallen gedaan in de woning van een bestuurslid en een opslagruimte, en werden banktegoeden van de Alliantie bevroren. Deze acties vielen samen met de rechtszaak tegen twaalf activisten, onder wie een aantal kopstukken van de Alliantie, die terecht staan wegens andere overtredingen van de Nationale Veiligheidswet.

Volgens de Hongkongse autoriteiten is de Alliantie ‘een agent van buitenlandse krachten’. Banden met ‘buitenlandse anti-Chinakrachten’ zijn strafbaar onder de vorig jaar ingevoerde Nationale Veiligheidswet, maar de Alliantie weigerde mee te werken aan het onderzoek omdat de politie niet wilde zeggen om welke buitenlandse krachten het precies ging. ‘Ze kunnen niet zomaar zeggen dat we een buitenlandse agent zijn en dan eisen dat we van alles doen’, aldus plaatsvervangend voorzitter Chow Hang-tung.

Dat kan wel, want op niet meewerken aan een onderzoek in verband met de Nationale Veiligheidswet staat zes maanden gevangenisstraf en een boete van ruim 10 duizend euro.

Taboe

Hong Kong Alliance in Support of Patriotic Democratic Movements of China, zoals de naam van de organisatie voluit luidt, ontkent een buitenlandse agent te zijn. De organisatie is in 1989 opgericht door inwoners van Hongkong uit solidariteit met demonstraties voor democratie in Beijing en andere grote Chinese steden. Man van het eerste uur Lee Cheuk-yan geloofde dat vanuit een vrij Hongkong politieke verandering in China kon worden bewerkstelligd, waardoor de Hongkongse democratie op de lange termijn ook zou zijn veiliggesteld. Hij ging naar Beijing aan de vooravond van het bloedbad op het Plein van de Hemelse Vrede. Het dodental daarvan wordt geschat op honderden, mogelijk duizenden, maar duidelijk zal het nooit worden, want de Chinese regering geeft geen openheid. ‘6-4-1989’, de datum van het bloedbad op zijn Chinees geschreven, is een loodzwaar politiek taboe, waar de jongere generaties niets over weten.

De Alliantie hielp destijds leiders van de studentenprotesten het land uit en onderhield contacten met nabestaanden, zoals de Tian-an-Men-moeders. Toen al bestempelde partijkrant het Volksdagblad de Alliantie als een club die uit was op de val van de Chinese regering.

Afrekening

Nu lijkt de afrekening dichtbij. Tegen de bestuursleden van de Alliantie lopen zo veel rechtszaken op grond van de Nationale Veiligheidswet dat ze niet op één hand te tellen zijn. Woensdag werden drie bestuursleden en de organisatie zelf subversie ten laste gelegd. Alliantie-voorman Lee zit een gevangenisstraf van veertien maanden uit wegens zijn rol bij de straatprotesten in Hongkong van 2019, toen ruim een miljoen mensen demonstreerden tegen een voorgenomen uitleveringswet met China. Op dezelfde dag dat zijn museum werd leeggehaald stond hij terecht voor deelname aan een ‘illegale bijeenkomst’, samen met nog vijf leden die in 2020 toch een 1989-herdenking in het Victoria-park organiseerden. Ondanks een verbod wegens de coronamaatregelen kwamen ruim 20 duizend mensen op de bijeenkomst af.

Vier deelnemers kregen al celstraffen van 4 tot 10 maanden - volgens Amnesty International ‘een karikatuur van de rechtspraak’. In totaal zijn bijna veertig mensen aangeklaagd wegens hun betrokkenheid bij de herdenking. Die vormt samen met het 1989-museum een barometer voor de politieke vrijheid van Hongkong: zolang op de vierde juni in het Victoriapark de kaarsjeswake wordt gehouden, stelt de autonomie die Hongkong bij de machtsoverdracht in 1997 werd beloofd nog iets voor, vinden veel inwoners van Hongkong. Dit jaar mocht de herdenking echter weer niet, alweer wegens covid-19.

Meer over