Internet als zeepkist

Schrijfster Karin Spaink publiceerde op haar website informatie die in Amerika verboden werd. Omwille van de vrijheid van meningsuiting. De VS kunnen er niets tegen doen....

IEDERE zondagmiddag verzamelen zich in de noordoostelijke hoek van het Londense Hyde Park een stel zonderlingen die vanaf zeepkisten de meest curieuze toespraken houden. Aan deze exercitie van vrije meningsuiting lijkt niemand zich te storen.

Op Internet kan iedereen een digitale zeepkist beklimmen. Het verschil met Hyde Park is alleen dat Internet verder reikt dan de menselijke stem. Internet kent letterlijk geen grenzen en dat is niet alleen erg handig maar soms ook lastig. Zo is in Nederland het doen van racistische uitlatingen verboden, terwijl dergelijke taal in een land als de Verenigde Staten veelal beschermd wordt door de vrijheid van meningsuiting.

Die verschillen tussen landen willen nogal eens tot een stoelendans van verboden materiaal leiden. Zo plaatste een gevluchte Britse geheim agent vorige zomer zijn in Engeland strafbare onthullingen op een Franse computer. De Fransen op hun beurt hadden weer problemen met een boek over voormalig president Mitterrand. Dat werd in 1996 meteen na verschijning verboden, maar dook vervolgens in andere landen op Internet op.

Actieve vervolging van mensen die zich weinig gelegen laten liggen aan lokale wetgeving is vrijwel onmogelijk. Dat bleek vorige week weer eens toen de Nederlandse schrijfster Karin Spaink een kopie op haar website plaatste van een omstreden Amerikaanse anti-abortus site. De bewuste site is een soort scorebord voor de aanslagen op abortusartsen en omvat een namenlijst van praktiserende medici. Met verschillende aanduidingen wordt aangegeven of de artsen vermoord, gewond of ongeschonden zijn. Een Amerikaanse rechtbank oordeelde in een civielrechtelijk proces, aangespannen door onder meer enkele op de site genoemde artsen, dat de lijst bedreigend was. Hij deelde een boete van honderd miljoen dollar uit.

Spaink liep met haar solo-actie, waarmee ze op wilde komen voor de vrijheid van meningsuiting, nauwelijks risico. De macht van de Amerikaanse rechter reikt niet tot haar voordeur en de kans dat de Nederlandse justitie zich over de zaak zou buigen was vrijwel nihil. Wel riep ze de toorn van Nederlandse Internet-gebruikers over zich af. Zo trakteerde een onbekende gebruiker haar op een koekje van eigen deeg door haar identiteit aan te nemen en vervolgens gedetailleerde persoonsgegevens - waaronder haar geheime nummer - online te plaatsen. Met als resultaat dat Spaink haar actie binnen enkele dagen staakte en de kopie verwijderde.

Overigens is het niet uitgesloten dat de schrijfster en haar medestanders uiteindelijk nog gelijk zullen krijgen als de zaak voor het hoogste Amerikaanse rechtscollege komt. Het belangrijkste criterium voor het vonnis was namelijk niet de vraag of de lijst bedreigend was maar of degenen die op de lijst stonden zich door de vermelding bedreigd voelden. Het was juist deze richtlijn die in Amerikaanse juridische kringen wenkbrauwen deed fronsen. Het rechtbankvonnis staat daarnaast mogelijk ook op gespannen voet met de praktijk van de Amerikaanse justitie om bij wijze van preventie namenlijsten op Internet te plaatsen van mensen die veroordeeld zijn wegens seksuele misdrijven en uit de gevangenis zijn ontslagen. Een kinderlokker op vrije voeten zou wellicht ook een beroep kunnen doen op het vonnis.

Er is een stroming voorvechters van de vrijheid van meningsuiting die meent dat het probleem eenvoudig kan worden opgelost door alle informatie op Internet louter te zien als data en niet te kijken naar de inhoud. Ze huldigen de opvatting dat woorden op zich nimmer schade aanrichten, ongeveer zoals de Amerikaanse wapenlobby argumenteert dat het niet de wapens maar de mensen zijn, die doden.

Echt stand houdt die opvatting niet omdat het bijvoorbeeld ook zou betekenen dat je geen software mag gebruiken die erop is gericht computervirussen - bij uitstek bestaande uit data - te bestrijden.

Bovendien keert deze groep zich tegen beperkingen zonder de voordelen van juridische regelingen in te zien. Een wettelijke regeling bepaalt namelijk niet alleen wat níet mag, maar vooral ook wat juist wel mag. Het uitblijven van een regeling en dus van een legale status leidt er namelijk toe dat de macht over informatie deels in handen wordt gegeven van pressiegroepen. Zo heeft het Simon Wiesenthal Center de afgelopen maanden in Canada tientallen extreem-rechtse Internet-sites uit de lucht gekregen door druk uit te oefenen op de providers. Praktisch is dat weliswaar toe te juichen maar het is de vraag of het in het algemeen zo verstandig is om pressiegroepen de dienst uit te laten maken in het op Internet ontstane schemergebied tussen legaal en illegaal.

De enige echte oplossing lijkt het realiseren van een mondiale regeling. Maar dat is vrijwel onmogelijk. Zoals de van terrorisme verdachte Bin-Laden zich kan verschuilen in de Afghaanse bergen, zo is er altijd wel een computersysteem te vinden waar data-asiel verkregen kan worden. En aangezien landen het al niet eens kunnen worden over de uitstoot van CO2 , valt er van een internationale benadering van het informatie-probleem nauwelijks iets te verwachten.

Ondertussen valt wel enige hoop te putten uit het zelf-corrigerende karakter van Internet. Als de media er geen aandacht aan besteden, leest niemand het verboden boek over Mitterrand, bezoekt niemand verboden nazi-sites. Ze zijn te vinden via zoeksystemen, maar ook daar komt wellicht verandering in. Als gevolg van de aanwassende informatiestroom schakelen zoeksystemen over op andere criteria. Een van jongste en meest aansprekende voorbeelden daarvan is Direct Hit (www.directhit.com). Dit systeem filtert op basis van relevantie door te kijken welke sites daadwerkelijk bezocht worden. Sites die nauwelijks publiek trekken eindigen onderaan de ranglijst. Doodzwijgen wordt daarmee een effectief middel op Internet, dat zo zijn eigen Hyde Park Corner creëert. Je mag alles zeggen, maar de kans dat er iemand naar je luistert als je al te baarlijke nonsens verkoopt, wordt met de dag kleiner.

Meer over