INTERNATINAAL STRAFHOF; Water bij de wijn en olie op het vuur

VIER WEKEN al wordt in het zomerse Rome gepraat over de oprichting van een internationaal strafhof. Maar overeenstemming over de belangrijkste onderdelen van het statuut is nog volstrekt niet bereikt....

Betekent dit dat vijf weken - want zo lang duurt de vergadering van 159 landen - eigenlijk te kort is voor dit WK van de internationale diplomatie? Ja. En nee.

Ja: het beoogde strafhof wordt zo'n belangrijk instituut, dat de wereldgemeenschap het zich niet kan veroorloven het hof te grondvesten op een broddelwerkje. Menigeen neemt in Rome het woord 'revolutionair' in de mond om de betekenis van het hof te schetsen. De allergrootste boeven, ook wanneer ze generaal of minister zijn, blijven niet langer ongestraft.

Hoeksteen van de internationale betrekkingen, zei de Bosnische VN-ambassadeur Muhammed Sacirbey, zal niet langer de politiek zijn, maar het recht. Bovendien zal het hof aanmerkelijk de soevereniteit van staten beperken.

Mede daarom lopen de visies sterk uiteen. Sommige staten trachten aantasting van hun soevereiniteit tegen te gaan door de rol van de aanklager in te perken. Door het hof geen zeggenschap te geven over misdrijven die in binnenlandse conflicten worden begaan. Door de Veiligheidsraad te laten fungeren als sluis.

Nee: Er wordt al jaren gepraat over het hof. In 1993 stuurde de International Law Commission een ontwerp-statuut naar de Algemene Vergadering van de VN . Sindsdien is over de tekst gediscussieerd, onder andere in zes voor-zittingen .

Bovendien kunnen landen hun verschillen alleen overbruggen bij gratie van tijdsdruk. Pas als de klok bijna is uitgetikt, zullen zij water bij de wijn doen. Geef de diplomaten vijf maanden, en ze zullen tot op de twintigste dag van de vierde maand niets meer doen dan de zelfde standpunten herhalen.

Op dat scharniermoment ongeveer bevindt de Romeinse conferentie zich. Dinsdag deelde de Canadese voorzitter Philippe Kirsch een eerste tussenbalans rond. Het was een stuk met veel opties en keuzemogelijkheden - hom én kuit bleven mogelijk.

Kirsch hoorde de reacties aan en verwerkte die in een al wat definitiever ontwerp-statuut, dat hij gister aan het eind van de dag zou verspreiden. Hij adviseerde de onderhandelaars om tegen hun ministers te zeggen in het weekeinde bij de telefoon te blijven. Ongetwijfeld begint dus maandag het grote slotgevecht over macht en onmacht van een internationaal strafhof - if any.

Inmiddels hebben de VS hun hakken in het zand gezet. Donderdag kwam de Amerikaanse onderhandelaar David Scheffer met een 'discussiestuk' dat niet erg getuigde van bereidheid tot compromis. Als de rechtsmacht van het hof, schreef hij, te 'universeel' wordt, dan zijn de Verenigde Staten genoodzaakt 'zich actief te verzetten tegen dit hof'. Actief verzet! Dat kan een gezellig slotdebat worden.

Het stuk van Scheffer bevatte een interessante wending in het Amerikaanse standpunt. De VS zijn bereid iets in te schikken als het gaat om de rol van de Veiligheidsraad, maar houden sterk vast aan het instemmingsrecht van staten. Een staat die het verdrag tekent mag beslissen over meewerking aan een strafzaak wegens oorlogsmisdrijven en misdaden tegen de menselijkheid. Alleen in geval van genocide heeft het hof automatisch jurisdictie, aldus het Amerikaanse standpunt.

Eerder leek het erop dat de Amerikanen juist sterk vasthielden aan een rol voor de Veiligheidsraad, waarin zij immers recht van veto hebben. Het instemmingsrecht was een soort wisselgeld, dat gaven ze bijna letterlijk toe.

Met deze Amerikaanse switch tekent zich een coalitie af die de positie van de zestig 'gelijkgezinde' staten (die een krachtig, onafhankelijk hof willen) kan verzwakken.

Ontwikkelingslanden als India hangen erg aan het instemmingsrecht, maar zijn fel tegen bemoeienis van de Veiligheidsraad - die beschouwen zij (terecht) als een politiek orgaan. Door Scheffers wending zijn zij dichter bij de VS komen te staan. 'Ik had nooit gedacht nog eens de dag mee te maken dat India het op een internationale conferentie op vrijwel alle punten eens is met Amerika', begon de Indiase onderhandelaar Rama Rao donderdag zijn bijdrage aan het debat.

Waar de wonderlijke dynamiek van de vergadering het strafhof eind volgende week zal brengen is niet te voorspellen. Maar misschien hadden de gelijkgezinden er beter aan gedaan al eerder een compromis te zoeken over de positie van de Veiligheidsraad. De argumenten voor bemoeienis van de raad zijn namelijk lang niet onzinnig.

De Veiligheidsraad kan - met al haar machtsmiddelen - het strafhof een positie garanderen die het anders moeizaam moet bevechten. De raad kan helpen verdachten op te pakken, zoals bij het Joegoslavië-tribunaal. En de raad kan fungeren als buffer tegen een grote stortvloed aan klachten over schendingen van mensenrechten. Hoe ernstig ook, daarvoor is het hof niet bedoeld.

In ruil daarvoor zou het instemmingsrecht kunnen worden geschrapt, en zou de rechtsmacht over binnenlandse conflicten gehandhaafd kunnen blijven. Want juist die twee clausules bieden schurken-regimes de kans een lange neus te trekken naar de rechter.

Rob Vreeken

Meer over