Ingrepen in AWBZ zijn risicovol

De voorgenomen ingrepen in de almaar duurder wordende AWBZ - de volksverzekering voor ouderen- en gehandicaptenzorg - kunnen averechts uitpakken....

Deze waarschuwing geeft het Centraal Planbureau (CPB) in het dinsdag verschenen rapport Momentopname van de AWBZ, een analyse van de sterke en zwakke punten. De AWBZ is volgens het CPB veel klantvriendelijker geworden, maar ook veel duurder.

In de periode 2000 tot en met 2002 werd de AWBZ-zorg eenderde duurder: de kosten stegen jaarlijks met gemiddeld 11 procent. Die trend ging door. De AWBZ kostte in 2002 18,5 miljard euro. De premie daarvoor, die door de belastingdienst wordt geïnd, bedroeg 10,25 procent van het bruto-inkomen. In 2004 kost de AWBZ 21,7 miljard, de premie stijgt naar 13,25 procent.

Vanaf het jaar 2000 kwam er extra geld beschikbaar om de wachtlijsten in de AWBZ-zorg weg te werken. De zorg werd flexibeler. Voortaan was niet langer het beschikbare aanbod, maar de vraag naar zorg bepalend. Maar door deze ontwikkelingen ontstond een nieuw probleem: de kosten werden steeds moeilijker te beheersen, schrijven de rekenmeesters van het CPB.

Daarbij komt nog dat de zorgkantoren weinig oog hebben voor doelmatigheid en kwaliteit. Het gaat in feite om één verzekeraar per regio die de AWBZ-zorg in zijn werkgebied bepaalt. Door het tekort aan verpleeghuizen kunnen zij zich ook niet veroorloven te kiezen voor het meest efficiënte tehuis.

Het CPB verwacht dat thuiszorg en psychiatrie doelmatiger worden als ze in 2006 volgens plan worden opgenomen in de nieuwe basisverzekering, waarin verzekeraars met elkaar concurreren om lage premies. Maar anderzijds zullen volgens het rapport gemeenten beter dan verzekeraars in staat zijn om zorg, wonen en dienstverlening binnen hun grondgebied op elkaar af te stemmen. Daarmee zit het CPB op dezelfde lijn als staatssecretaris Ross van Welzijn, die werkt aan een wet die dat mogelijk moet maken.

Meer over