Ingehaald door de Chinese auto

De exportplannen van de Chinese auto-industrie zijn een serieuze bedreiging voor Europese en Amerikaanse autofabrikanten.

AMSTERDAM - Dat zegt Fiat-bestuursvoorzitter Sergio Marchionne in The Wall Street Journal. Hij waarschuwt zijn Europese en Noord-Amerikaanse collega's hun toekomstplannen niet te veel te baseren op de groei die ze momenteel in Azië beleven.


Nu produceren Chinese autobedrijven nog vrijwel uitsluitend voor de binnenlandse markt, maar al zouden ze maar 10 procent van hun productie gaan exporteren, dan zijn de problemen voor de opkrabbelende westerse merken al niet te overzien.


De afgelopen weken presenteerde de ene na de andere westerse autofabrikant glorieuze groeicijfers. Belangrijkste reden voor de groei: de export naar China en India.


De Fiat Group pikte ook een graantje mee. Door de goede prestaties van de Amerikaanse dochter Chrysler boekten de Italianen een nettowinst van ruim een miljard euro in het tweede kwartaal van 2011.


De Aziatische expansie is voor westerse autofabrikanten echter verre van duurzaam, zegt Marchionne. Nu vinden vooral de luxere Europese auto aftrek bij welgestelde Chinezen. Het grote geld valt echter te verdienen aan de massaproductie voor de groeiende middenklasse. In de slag om de prijsbewuste consument zijn de westerse auto-industrieën bij voorbaat kansloos als ze het moeten opnemen tegen de goedkope auto's van Chinese en Indiase makelij.


Ook kwalitatief worden de Chinese en Indiase autofabrieken met de dag concurrerender. Zes jaar geleden werd de Chinese Landwind nog uitgehoond toen de goedkope SUV tijdens botsproeven letterlijk levensgevaarlijk bleek. Nu hebben Chinese en Indiase autofabrieken alle kennis bij elkaar gekocht om een dergelijke blamage bij de volgende poging de Europese markt te veroveren te voorkomen.


Zo is Volvo inmiddels volledig eigendom van het Chinese Geely. Jaguar en Landrover zijn overgenomen door het Indiase Tata. De productie van verscheidene Europese topmerken is naar de fabrieken van Chinese bedrijven overgeplaatst. SAIC uit Shanghai kocht de failliete boedel van MG Rover.


De investeringen in de kennis van de zieltogende westerse autofabrieken blijken nu zo effectief, dat Marchionne waarschuwt: het tijdstip waarop de Europese en Amerikaanse auto-industrieën zelfs op hun thuismarkten niet meer veilig zijn voor het Chinese gevaar komt met rasse schreden dichterbij.


'De Chinezen hebben plannen om significante hoeveelheden auto's te gaan exporteren. Als we op onze thuismarkten niet competitiever worden, dan lopen we ook hier grote risico's.' Nu beschouwen veel autofabrikanten de successen op Aziatische markten ten onrechte als 'natuurlijke compensatie' voor de moeizame prestaties op de westerse markten.


De Fiat Group is inmiddels begonnen met de voorbereidingen op de concurrentieslag met de Chinezen en de Indiërs. Speerpunt is de 'productieve dialoog' die Marchionne momenteel zegt te voeren met de vakbonden om de productiekosten naar beneden te brengen.


De topman poogt te profiteren van de angst van zowel de Italiaanse als de Amerikaanse bonden voor nieuwe massaontslagen. In ruil voor bevriezing van de lonen biedt Marchionne zijn werknemers aan auto-onderdelen die nu door externe toeleveranciers worden gemaakt, weer in de eigen fabrieken te gaan produceren.


Het is nog onduidelijk of de bonden op het voorstel in gaan.


Automerken als Audi en BMW vieren triomfen op de Aziatische markten. Maar laat de westerse auto-industrie zich daarop niet blind staren, waarschuwt de Fiat-topman.


10%


Meer over