nieuwsPolitiecultuur

Informatiedienst politie kampt met angstcultuur en ongewenst gedrag

De informatiedienst (DLIO) van de politie kampt met een verstoorde werksfeer en een angstcultuur. Ongewenst gedrag als pesten, discriminatie en intimidatie worden niet aangepakt, en veel leidinggevenden hebben ‘beperkt mensgerichte managementvaardigheden’. 

Politieagenten surveilleren op station Rotterdam Centraal. De kans op een aanslag in Nederland of op Nederlandse belangen in het buitenland blijft substantieel.Beeld ANP

Dit blijkt uit een onderzoek van KPMG, in opdracht van politiechef Jannine van den Berg. DLIO, de Dienst Landelijke Informatie Organisatie, richt zich voornamelijk op heimelijke, internationale informatie-inwinning rond de zware, georganiseerde misdaad. De dienst was onder meer cruciaal bij het opsporen van hoofdverdachte Ridouan T. in het liquidatieproces Marengo.

Van den Berg vermoedt dat het cultuurprobleem niet alleen bij DLIO speelt, maar ook elders binnen het politiekorps heerst. Zij wil daarover ook met andere politiechefs en de korpsleiding een debat. Aanleiding voor het onderzoek waren aanhoudende klachten binnen de informatiedienst over machtsmisbruik, vriendjespolitiek, onprofessioneel gedrag van leidinggevenden en discriminatie.  Er werken bijna duizend mensen. Sommige werknemers lekten alarmerende berichten naar de pers. Begin dit jaar werden vier leidinggevenden van hun functie gehaald.   

KPMG-onderzoekers hebben de afgelopen maanden 101 gesprekken gevoerd met (voormalige) medewerkers en leidinggevenden van de politiedienst, en de bijna duizend medewerkers geënquêteerd. De respons op de enquête is met 61 procent bovengemiddeld hoog, stellen de onderzoekers. Uit hun vragenlijst blijkt dat 253 werknemers het afgelopen jaar 611 incidenten hebben waargenomen, variërend van vriendjespolitiek (188 meldingen), machtsmisbruik (141 keer gemeld), pesten (62 keer) tot seksuele intimidatie (14 meldingen) en alcohol- en druggebruik tijdens het werk (tien keer). Sommige incidenten werden meerdere keren gemeld.

Gebrek aan transparantie

‘Dit aantal incidenten zijn er fors meer dan wat wij doorgaans verwachten’, schrijven de onderzoekers in hun rapport. Het voortrekken van collega’s en machtsmisbruik worden het meest genoemd. Concrete voorbeelden van integriteitsschendingen zijn kleineren, opportunistisch gedrag van de teamchef, fraude met betrekking tot verantwoording van gewerkte uren, misbruik van de dienstauto, liegen en roddelen.

Het roddelen en de angstcultuur komt door een gebrek aan transparantie over de besluitvorming, concludeert KPMG. Het is voor medewerkers onduidelijk wat de onderliggende redenen zijn van keuzes en besluiten, zowel bij de aanstelling van nieuwe leidinggevenden, het toewijzen van nieuwe functies of de aanpak van klachten. ‘Daardoor geven medewerkers er een eigen invulling aan, wat een cultuur van roddelen versterkt.’

Ook ontbreekt het bestraffen van ongewenst gedrag. Dit komt doordat ‘veelvuldig wordt afgeweken van geldende afspraken of toezeggingen’ zonder dat dit consequenties heeft. Hierdoor ontstaat volgens de onderzoekers het beeld van willekeur of vriendjespolitiek. Medewerkers die ongewenst gedrag aankaarten, voelen zich door hun leidinggevende niet altijd gesteund of worden zelfs actief tegengewerkt.

Onderlinge ‘familiecultuur’

Veel leidinggevenden zijn in de politieorganisatie doorgegroeid op basis van hun vakinhoudelijke kennis, en hebben weinig managementvaardigheden opgedaan met betrekking tot het welzijn van de werknemers. Daardoor, en door de vele wisselingen op leidinggevend niveau, zijn werknemers tegenover de leiding komen te staan en heerst een onderlinge ‘familiecultuur’. Daarbinnen durven collega’s elkaar of leidinggevenden niet aan te spreken op ongewenst gedrag: ‘Binnen een familiecultuur is het moeilijk om kritisch op elkaar te zijn, uit angst de goede relatie met collega’s op het spel te zetten en daardoor buiten de groep te vallen.’ Melders van incidenten zijn dan ook als verraders bestempeld.

Verder kampt de politie nog steeds met de gevolgen van de ingrijpende reorganisatie, waarin 26 korpsen tot één Nationale Politie werden samengesmeed. Op plekken waar geen aandacht is besteed aan het herinrichten van een afdeling of team in lijn met de landelijke voorschriften, zijn medewerkers erg kritisch op de bedrijfscultuur, de onderlinge sfeer en het heersend gebrek aan vertrouwen.

Lees ook

Had de politie door alle liquidaties en boerenprotesten nog wel genoeg aandacht voor haar eigen mensen?
Zelf kwam ze er niet uit, en daarom liet politiechef Jannine van den Berg een extern onderzoek uitvoeren naar de bedrijfscultuur bij haar dienst. Daar bleek van alles mis. En wie erover durfde te klagen lag eruit. Dat moet ze nu zien te veranderen. Het onderzoeksrapport is een ‘steekvlam’, zegt Van den Berg. 

Meer over