Infiltratie niet aan justitietop voorgelegd

De Nationale Recherche heeft een grootscheepse politie-infiltratie in een onderzoek naar een internationale drugsbende niet voorgelegd aan de justitietop. In de omvangrijke zaak-Tidore tegen het netwerk rond de Surinamer Piet W. werden acht politie-infiltranten ingezet in drie landen, en is actief geprobeerd 1.000 kilo cocaïne te verhandelen.

VAN ONZE VERSLAGGEVERS MERIJN RENGERS en JOHN SCHOORL

AMSTERDAM - De politie-infiltratie, in het vertrouwelijke strafdossier aangeduid als 'Taxi', was gericht op een van de verdachten in de zaak-Tidore - de Amsterdamse taxichauffeur Rico. Het aanvankelijke doel van de infiltratie was 'stelselmatig informatie inwinnen' over Piet W. Later werd getracht 'een pseudokoop' van drugs te doen. De politie probeerde in twee tranches 35 kilo en nadien 1.000 kilo cocaïne aan te schaffen. Toen Piet en Rico argwaan kregen werd de hele operatie afgeblazen.

Bij politiële infiltratie is justitie verplicht de zaak voor te leggen aan de Centrale Toetsingscommissie (CTC), samengesteld uit leden van het Openbaar Ministerie (OM) en de politie. Deze commissie adviseert op haar beurt het College van procureurs-generaal dat de leiding vormt van het OM.

De infiltratie is niet voorgelegd aan de CTC, en had dus ook geen goedkeuring van de top van het OM. Daarmee kan de operatie onrechtmatig zijn en in strijd met de procedures die gelden voor het hanteren van bijzondere opsporingsbevoegdheden.

Volgens Wim de Bruin, woordvoerder van het landelijk parket van het OM waar de zaak-Tidore onder valt, is er echter 'geen sprake van een politiële infiltratie'. Hij zegt dat er in deze zaak wel met politie-informanten is gewerkt, maar die hadden alleen een rol in 'het stelselmatig informatie-inwinnen'.

De Bruin zegt dat in deze zaak geen misdrijven werden gepleegd door politie-informanten en er om die reden ook niet gesproken kan worden van een echte politiële infiltratie. 'Daarom was er ook geen toestemming nodig van het College van procureurs-generaal', aldus De Bruin.

Advocaat Leon van Kleef, die Rico bijstaat, staat lijnrecht tegenover het Openbaar Ministerie. Hij beschouwt de operatie wel degelijk als een politiële infiltratie, vooral omdat de ingezette infiltranten veel verder gaan dan informatie inwinnen.

'Er wordt een compleet toneelstuk opgevoerd, waarin acht politie-infiltranten voorkomen en dan noem je het geen politiële infiltratie? Dit gaat toch veel verder dan informatie inwinnen', aldus Van Kleef. 'Mijn cliënt wordt uitgelokt om in een grote cocaïnedeal mee te draaien. Dat mislukt, maar het wordt hem wel ten laste gelegd.'

undefined

Meer over