Indurain kan alleen door Indurain worden bedreigd

Het Tourpeloton dendert voort en Miguel Indurain geeft geen krimp. Of er nu wordt gejaagd op het vlakke of wordt aangevallen in de bergen, el hombre amarillo, de gele man, zit stoïcijns in het zadel en fietst rechtdoor naar zijn vijfde overwinning op rij in de Franse ronde....

Van onze verslaggever

GUZET NEIGE

De 82ste Tour de France is onmiskenbaar een levendige koers, maar de strijd om de eindzege is zo dood als een pier. Indurain is eenvoudig te sterk voor de concurrentie, waarbij vooral de klimmer Pantani en de alleskunner Jalabert fraaie nummertjes opvoeren. Bij zijn eerste Tourzege dulde de beste ronderenner sinds Hinault nummer twee Bugno nog op 3.31 minuten. Het jaar erop was het gat met Chiappucci al 4.35, in 1993 finishte Rominger op 4.59 en vorig jaar moest Oegroemov 5.39 toegeven op de onweerstaanbare Indurain.

Op zijn 31ste is de boerenzoon uit Villava in de kracht van een leven dat sinds 1991 vrijwel uitsluitend om de Tour de France draait. Indurain leeft 49 weken per jaar verstandig om zichzelf drie weken lang in Frankrijk te kunnen afbeulen.

Zijn naaste belager Zülle staat nu nog op 2.46 minuten, maar de Zwitser kan er donder op zeggen dat hij nog eens voor Indurain op de knieën moet. Gebeurt dat niet in de Pyreneeën, na de rustdag van vandaag nog twee etappes lang het strijdtoneel, dan toch zeker bij het meer van Vassivière waar zaterdag individueel tegen het uurwerk wordt gereden.

Indurain zelf vindt het niet zo verwonderlijk dat hij nog steeds elke Tour verbetert. De Zwijger legde zaterdag op zijn gemak uit dat de Tour vooral routine vergt. Alleen al omdat hij de enige renner in het peloton is die weet wat het is om de Tour te winnen, heeft hij een voorsprong op de concurrentie, zei Indurain.

De Spanjaard is bovendien fysiek zo sterk dat hij kan doen met de Tour wat hij wil. José-Miguel Echavarri vindt dat een beetje eng, want de ploegleider van Banesto vreest dat zijn kopman wel eens zou kunnen worden verslagen door een te onstuimige Indurain. Echavarri schijnt de viervoudige winnaar van de Tour de afgelopen week een paar keer tot kalmte te hebben gemaand. Indurain zou in zijn ogen te veel energie hebben verspild bij het dichten van de gaten met Zülle en Pantani, de winnende solisten in de Alpen.

Dat 'het Olifantje' gisteren in de Pyreneeën opnieuw de benen wist te nemen, tekent de klasse van de rasklimmer. Marco Pantani bleek vorig jaar al een verrijking voor de Tour, maar hoevel bergritten hij in deze Ronde ook gaat winnen, nummer één in Parijs zal hij vermoedelijk nimmer worden.

Een vederlichte klimmer als Pantani ontbeert nu eenmaal de paardekrachten niet nodig zijn om in vlakke (tijd)ritten overeind te blijven. Vandaar dat de nummer zeven van de algemene rangschikking verheugd reageerde op de suggestie van Tourbaas Leblanc om ook in de bergen bonificatiesprints in te lassen. Nog eerlijker zou Pantani het vinden als in de grote Ronden, die van Frankrijk, Italië en Spanje, standaard één vlakke en één klimtijdrit zou worden opgenomen.

De suggestie van de Italiaan is een zinvolle, ook al zal een koerswijziging van de rondedirecteuren hem nauwelijks kansrijker maken tegen de verschrikkelijke Indurain. Die past zijn trainingsschema's in geval van meer klimwerk tijdens de Tour gewoon wat aan zodat hij nog rapper omhoog fietst. De robuuste Indurain zal bergop onmogelijk een explosieve versnelling als Pantani kunnen plaatsen, maar vorige week heeft hij meer dan ooit laten zien welk een verwoestende snelheid hij kan ontwikkelen zodra zijn dieselmotor op toeren is.

Mocht Indurain volgend jaar, of het jaar erop, tot de conclusie komen dat het mooi is geweest, dan krijgt Pantani ongetwijfeld te maken met het fenomen Jalabert. De Fransman heeft zich dit seizoen verrassend ontwikkeld van een sprinter tot een alleskunner die zelfs in het hooggebergte tot demarrages in staat is.

De metamorfose van Laurent Jalabert is zo opmerkelijk dat het hem verdacht maakt. Vorig jaar verliet hij, na die verschrikkelijke crash in Armentieres, de Tour nog op een brancard. Komende zondag staat hij in Parijs vermoedelijk op het podium, met de groene trui om het schrale lijf en minimaal één ritzege op zak.

Binnen zijn Spaanse ploeg ONCE is de Fransman Jalabert de meest strijdlustige renner en hij wordt door zijn landgenoten langs het parkoers dan ook op handen gedragen. In het voorseizoen was Jalabert al de meest succesvolle renner met zeges in Parijs - Nice, Milaan - San Remo en de Waalse Pijl. Na de voorjaarsklassiekers nam hij een maand rust om de accu op te laden voor de Tour.

De hoogspanning die Jalabert daardoor weet op te wekken doen hem vliegen over de Franse wegen. In het kamp van de vijand, Banesto, zijn ze ervan overtuigd dat het geen zuivere koffie is die Jaja 's ochtends bij zijn petit dejeuner drinkt. Ploegleider Unzue zei het dit weekeinde gewoon hardop dat het onmogelijk is dat een renner druk in de weer is bij de tussensprints, op ritzeges jaagt, en zich aan een monsterontsnapping waagt.

Toen hem gevraagd werd wat hij precies met die opmerking bedoelde, antwoordde Unzue: 'Niks bijzonders, alleen dat het niet kan.' Maar wat hij werkelijk wilde zeggen was natuurlijk: 'Bij die Jalabert gaat 's ochtends de spuit er in en die hangt na de koers aan het infuus.'

Maar zolang de als derde geklasseerde Fransman niet positief plast, vallen hem en zijn zijn ploegleider Saiz niets te verwijten. En de kans dat in de urine van de Franse publiekslieveling iets ondeugdelijks wordt gevonden is uiteraard te verwaarlozen. Datzelfde geldt trouwens voor de plas van Indurain, want Miguel de Grote is onderhand net zo machtig als de Tour zelf.

Jaap Visser

Meer over