Indrukwekkende winstvoering

Ter gelegenheid van de zestigste verjaardag van oud-wereldkampioen Vjatsjeslav Sjtsjogoljev liet ik vorige week de partijen zien die de Moskoviet van Keller (Kiev 1960) en van Baba Sy (WK 1960) won....

Ton Sijbrands

Maar voorlopig richten we de blik op het WK 1960. Sjtsjogoljevs overwinning, drie ronden voor het einde van het (dubbelrondige) toernooi, op Baba Sy, de Senegalese wonderdammer die op dat moment aan de leiding ging, zou uiteindelijk van beslissende betekenis blijken. (De eindstand zag er, voor wat de eerste drie plaatsen betreft, immers als volgt uit: 1. Sjtsjogoljev 42 punten uit 26 partijen; 2. Baba Sy 41; 3. Koeperman 40.) Toch droeg ook de partij die Sjtsjogoljev in de eerste turnus van Koeperman won, in grote mate bij aan zijn succes.

Het is waar: Koeperman - Sjtsjogoljev was bij lange na niet de beste partij van de toernooiwinnaar. Het eerste gedeelte was namelijk onmiskenbaar voor Koeperman, de 38-jarige titelhouder, die met zijn sterke centrumspel de beste kansen naar zich toe trok.

'Normaliter' zou Sjtsjogoljev dan ook hooguit één punt aan deze ontmoeting hebben overgehouden. Maar in de tweede partijhelft raakte Koeperman zijn greep op de stand gaandeweg kwijt, waarop Sjtsjogoljev een tweetal gevoelige speldenprikken uitdeelde en het initiatief overnam.

En toen Koeperman ook in het dammeneindspel dat na de eerste tijdnoodfase op het bord was verschenen, minder trefzeker bleek dan zijn tweemaal zo jonge tegenstander, zette Sjtsjogoljev de partij zowaar in winst om! Dat deed hij op een wijze die ook anno 2000 nog altijd bewondering afdwingt.

Koeperman - Sjtsjogoljev

(WK 1960)

1.32-28 17-22 2.28x17 11x22 3.37-32 6-11 4.32-28 12-17 5.38-32 1-6 6.43-38 8-12 7.49-43 3-8

Sjtsjogoljev hanteert een - destijds - hyper-modern opbouwschema, dat beslist stijlvol oogt. Maar bij het nuchtere tegenspel van Koeperman blijkt het weinig tot niets op te leveren.

8.41-37 20-25 9.46-41 14-20 10.32-27 10-14 11.37-32 5-10 12.41-37 19-23 13.28x19 14x23 14.33-28

Verdrijft de tegenstander van het middenbord.

14...22x33 15.39x19 13x24 16.44-39 9-14 17.50-44 4-9 18.39-33 8-13 19.44-39

Een opbouw met 19.43-39(!) en 20.48-43(!) kwam minstens zo sterk in aanmerking. De tekstzet is minder ambitieus, omdat een eventuele gang naar de bordrand (24-30x30-35) nu zonder ernstige positionele gevolgen blijft.

Overigens zou bijna dezelfde stelling zich voordoen in de fraaie partij die Sjtsjogoljev in 1978 van Kats won. Met 9 op 8 en 43 op 44 volgde er toen 20.48-43 17-22 21.47-41 14-19 22.32-28 24-30 enz. met voordeel voor wit.

19...2-8 20.47-41 17-22 21.32-28 14-19 22.28x17 12x32 23.37x28 7-12 24.41-37 11-17 25.37-32 10-14 26.42-37 24-30 27.35x24 20x29 28.33x24 19x30 29.39-33 30x39 30.43x34 14-20 31.34-29?!

31.34-30 en 32.40x29 verdiende de voorkeur.

31...20-24 32.29x20 15x24 33.40-34 9-14 34.34-29 14-19 35.29x20 25x14 36.45-40?

Beter was 36.33-29. Weliswaar is wits overwicht na 36...17-22 37.28x17 12x21 zo goed als nihil, maar dat was altijd nog te prefereren boven de (te) trage tekstzet, waarmee hij het initiatief aan zijn tegenstander uitlevert.

Ik wil hier overigens op een verrassende parallel wijzen. Zouden we namelijk in de stand na 36.33-29 schijf 45 naar veld 40 verplaatsen, dan prijkt er een stelling uit de competitiepartij Clerc - Badal 1994 op het bord! En daarin bleek Clerc, dankzij het feit dat 17-22x21? uitgeschakeld was (38.29-24! enz. met dam), wel degelijk doorslaggevend voordeel te hebben. Zo volgde er 36...17-21 37.48-43 14-20 38.28-23! 19x28 39.32x23 6-11 40.40-35 20-25 41.31-26 11-17 42.37-31 18-22 43.43-39 13-18 43.39-34 8-13 44.35-30 en wit won.

36...18-23!

Zou Koeperman te laat hebben onderkend dat hij nu niet 37.40-34?? mag spelen wegens 37...23-29! +? Men kan het zich nauwelijks voorstellen. Toch moet de titelhouder zich ergens hebben vergist, want nu is het Sjtsjogoljev die plotseling in het voordeel komt!

Voor een uitvoeriger bespreking van de komende fase verwijs ik overigens graag naar Sjtsjogoljevs autobiografische boekje Van nieuwkomer tot kampioen (Moskou 1969) èn naar het artikel dat Johan Bastiaannet in augustus 1990 in het maandblad DAMMEN publiceerde.

37.31-27 14-20 38.36-31 17-21!

Koeperman krijgt een tweede tegenslag binnen drie zetten te incasseren: zwart beantwoordt 39.31-26? niet met 39...20-24 enz. maar met de doorbraak-combinatie 39...19-24(!!), 40...20-25 en 41...25x45.

39.48-43 21-26 40.28-22!

De beste verdediging. Al brengt zwart nu wèl een klaverblad-opsluiting op het bord:

40...12-17! 41.22x11 6x17! 42.43-39 17-21 43.33-28 20-24 44.40-34!

Zie diagram

44...24-29! 45.34-30 19-24 46.28x19 24x35 47.19-14 35-40 48.14-10 40-45 49.10-4(?)

In hevige tijdnood verzuimt Koeperman de remise-afwikkeling 49.38-33! 29x38 50.32x43 21x41 51.10-4 26x37 52.4x47, waarna zwart geen verweer meer heeft tegen het schema 53.43-38!, 54.38-32! en 55.47-41 =.

49...13-18!! 50.4x22 45-50!

Zo dwingt zwart in elk geval materiaalwinst af. Toch is het evenwicht nog niet beslissend verbroken. Zoals namelijk door Koepermans secondant Kaplan werd aangegeven, kan wit zich staande houden met 51.22-6! 50x47 52.27-22! Aan 52...21-27 heeft zwart dan niets (bijvoorbeeld 53...16x18 54.37-32! = of 53...16x36 54.22-18! =), zodat niet duidelijk is wat hij nog tegen de remise-dreiging 53.22-18! kan uitrichten.

Maar ondanks het feit dat hij voor zijn 51ste zet liefst veertig(!) minuten bedenktijd uittrok, komt Koeperman met een foutief plan op de proppen:

51.22-4? 50x47 52.27-22 29-34!

Sjtsjogoljev versmaadt terecht een tweede schijf: veel liever haalt hij een tweede dam!

53.22-18 47-29! 54.4-9

Op 54.4-10 maakt zwart de dreiging 55.32-27 = onschadelijk door hetzij naar 7, hetzij (zelfs) naar 1 te slaan.

54...29x12!

Maar dit is juist wèl de enige zet: op 54...29x7/1? had wit de remise-combinatie 55.32-27! en 56.9-3/25 enz. laten volgen.

55.9-14 12-7!

Pareert de dreiging 56.32-27 enz. =.

56.31-27 34-40 57.14-25 7-12!!

Enkel en alleen door zijn dam opnieuw op veld 12 te posteren, kan Sjtsjogoljev de dreiging 58.37-31! enz. = ontzenuwen.

58.25-14

Vlecht voor de zoveelste maal een remise-dreiging (59.37-31 =) in de stand, voor de zoveelste maal tevergeefs:

58...12-18!

Sjtsjogoljev wikkelt af naar een 4x2 eindspel, dat hij met indrukwekkend vaste hand tot winst zal voeren.

59.14-3 18x48 60.3x45 48-30! 61.32-28 30-13! 62.45-23 26-31 63.23-10 13-18 64.10-14 31-36 65.14-3 21-26 66.3-14 26-31 67.14-5 18-4(!) 68.28-23 31-37!

Hier staakte Koeperman de strijd: 69.23-18, wits laatste strohalm, verliest door 69...4x27! 70.5x46 36-41 +.

Meer over