In veel gevallen is een acute astma-aanval bij kinderen onnodig

Jaarlijks belanden in Nederland zo’n 4.000 kinderen in het ziekenhuis met een acute astma-aanval. Maar het grootste deel daarvan is onnodig. Dat blijkt uit onderzoek van kinderarts Paul Brand en arts-onderzoeker Ted Klok van de Isala Klinieken.

Van onze verslaggeefster Maud Effting

Bijna tweederde van de kinderen met astma blijkt de ziekte niet onder controle te hebben. Een belangrijke oorzaak is dat veel ouders besluiten met de medicijnen voor hun kinderen te stoppen.

‘Vaak houden ze er na 1 of 2 maanden mee op’, zegt Brand. ‘Ouders hebben soms veel weerstand tegen het gebruik van medicijnen voor hun kinderen. Bovendien beseffen ze meestal niet dat astma chronisch is. Ze zien astma als iets wat het lichaam kan overwinnen, en ze denken dat dit niet kan als je medicijnen gebruikt. ’

Hij ziet het ook in zijn eigen ziekenhuis. ‘In twee jaar tijd hebben we zo’n 80 kinderen met astma-aanvallen opgenomen. Slechts één van hen gebruikte zijn medicijnen en was onder behandeling. De rest was gestopt met de medicijnen of had onvoldoende uitleg gekregen over het gebruik ervan.’

Kinderen komen in zo’n geval hevig benauwd binnen, vertelt hij. ‘Dan moeten we behoorlijk ingrijpen, vaak met paardenmiddelen. Doorgaans loopt het goed af. Maar zo’n ziekenhuisbezoek heeft grote impact op een kind.’ Uit internationaal onderzoek blijkt ook dat astma kinderen behoorlijk beperkt: zo zegt 40 procent minder te sporten dan ze zouden willen. Minstens 3 tot 4 procent van de Nederlandse kinderen heeft astma.

Jaarlijks overlijden naar schatting 1 à 2 kinderen in Nederland aan astma. Ouders denken vaak dat bezoeken aan de Eerste Hulp gewoon bij deze ziekte horen, zegt Brand. ‘Ik zeg niet dat het nooit meer gebeurt, maar met dagelijkse medicijnen verdwijnen de ernstige aanvallen grotendeels. Dan kunnen vrijwel alle kinderen met astma een normaal leven leiden.’

Meer over