In Tokio is kerst een sprookje

Ook het niet-christelijke Japan houdt van kerstextravagantie. De commercie pakt groots uit in Tokio. Maar de gemiddelde Japanner is terughoudend en smijt dit jaar niet met geld....

Als de avond valt verandert het winkel- en uitgaanscentrum Roppongi Hills in een plaatje. Over het Moripark ligt een deken van lichtjes die langzaam van kleur veranderen. En de chique Keyakizaka dori is net een glinsterend lint, door de blauwe kerstlichten in de takken van de bomen.

Het feeërieke schouwspel trekt duizenden mensen. Parkeerwachters in uniform, die zenuwachtig zwaaien met hun rode stokken, hebben moeite de lange stroom auto’s in goede banen te leiden. Van een Porsche, Ferrari of Aston Martin kijkt niemand op. De stoepen staan vol bezoekers die elkaar fotograferen met hun mobiele telefoons of uitrusten naast papieren tassen met nieuwe aankopen.

Tokio, een stad van twaalf miljoen inwoners, maakt zich op voor kerst. Bij de populaire ontwerpster Anna Sui in de Roppongi Tower is het dringen voor de paskamers. En aan de meterslange toonbank in de Louis Vuitton-‘tempel’ aan de Keyakizaka dori, waar een minuscuul notitieboekje al 25 duizend yen (175 euro) kost, is geen plek meer vrij. In de chocolaterie komt het personeel handen tekort. En voor de deuren van een restaurant, gespecialiseerd in pekingeend, staat een lange rij. ‘Eat and shop till you drop!’, luidt hier het motto.

Onder de 127 miljoen Japanners zijn nog geen twee miljoen christenen. De overigen zijn aanhanger van het shintoïsme of het boeddhisme, of zijn niet-religieus. Voor het overgrote deel van de bevolking heeft kerst dan ook geen spirituele betekenis, het lijkt vooral een welkome gelegenheid om te winkelen.

Shery Hoshi beaamt dat. ‘Het is typisch Japans om elkaar veel cadeaus te geven. Dat doe je als kind al, als je bij iemand gaat spelen’, zegt ze. ‘Kerst sluit dus goed aan bij onze gebruiken. En daar speelt de commercie gretig op in.’

In haar zitkamer komen twee culturen samen. Te midden van Japanse beeldjes en fotoportretten van familieleden in kimono staat een hoge kunstboom, beladen met ballen en lichtjes. ‘Wij vieren het nogal uitbundig, omdat onze kinderen dat leuk vinden. En ik hou van de sfeer. Maar voor de meeste Japanners is kerst vooral dé gelegenheid om een geliefde mee uit te nemen, en heeft het geen diepere betekenis. Het grote familiefeest is nog steeds nieuwjaar. Wél merk ik dat de aandacht voor kerst steeds meer toeneemt, dat zie je vooral aan de versieringen in de stad.’

De extravaganza van Roppongi Hills is inderdaad niet uniek. Ook in de minder pretentieuze wijk Shinjuku zijn kosten noch moeite gespaard om een optimale kerstsfeer te creëren en het winkelpubliek te verleiden. Het plantsoen bij het Starbucks-filiaal is veranderd in een blauw bos en op de winkelpromenade staan zeker twintig manshoge ornamenten: poorten, leeuwen, olifanten en sneeuwmannen, versierd met duizenden kerstlichtjes. Disneyland is er niets bij. Het Shinjuku-station braakt een onafgebroken stroom mensen uit en op de promenade kun je over de hoofden lopen.

Hier is ook gevestigd de Tokyu Hands, de HEMA van Japan en dé plek voor kerstartikelen. De firma verkoopt vooral nepbomen. Favoriet lijken de witte of rode exemplaren met takken waarvan de uiteinden vanzelf blauw of rood oplichten. Ze kosten 20- à 30 duizend yen (140 à 210 euro) per stuk. Een kerststal met het kindje Jezus valt nergens te bekennen. Wel zijn er verlichte rendieren die met hun hoofd knikken. In file lopen de mensen door de winkel.

Meer over