In 'nachtmerrie' zijn volwassenen bizar en krom

Monique van de Ven, Antonie Kamerling, Willeke van Ammelrooy, Renée Soutendijk, Gert-Jan Dröge... ze doen allemaal mee in Eine kleine nachtmerrie, de nieuwe kinderserie die de VPRO op zondagochtend uitzendt....

Eine kleine nachtmerrie, Nederland 3, 10.40 uur.

Allemaal hebben ze wat met muziek. De één is pianolerares, de ander celloleraar, en het rijke echtpaar uit de derde aflevering ondersteunt minder bedeelde kinderen in hun muzikale carrière. Die volwassenen vertegenwoordigen een wereld die de kinderen, de hoofdrolspelers in deze serie, nog maar pas hebben betreden. In iedere aflevering staat er één kind centraal, plus één instrument. Emma wil met haar trommel bij de fanfare. Erik krijgt pianoles. En Susan heeft haar blokfluit nog niet zo lang verruild voor een saxofoon. De kinderen hebben de volwassenen nodig om hun instrument te leren bespelen.

Maar in Eine kleine nachtmerrie gedragen al die zogenaamde muziekkenners zich nogal bizar. Ze jagen het tempo op met op hol geslagen metronomen, vallen als roofdieren aan op de instrumenten van de kinderen of zien de jeugdige leerlingen aan voor hun eigen overleden wonderkind.

De zesdelige serie wordt nadrukkelijk aangekondigd als 'niet-pedagogisch'. De (jeugdige) kijkers komen per ongeluk best het een en ander te weten over muziekstukken, instrumenten of componisten, maar om feiten gaat het hier niet. Als de schijnbaar vriendelijke muziekleraar uit de tweede aflevering aan Christine uitlegt wat de onderdelen zijn van een cello, is hij ineens helemaal geobsedeerd door haar instrument. Edwin de Vries raakt de cello daarbij zo overdreven liefdevol aan, dat je helemaal vergeet te luisteren naar zijn uitleg.

Tegenover het overspannen gedrag van de volwassenen staat de fantasie van de kinderen. Het mannetje dat Christine tegenkomt in de hal van de muziekschool stelt zich voor als Igor. Streng voegt hij daar aan toe: 'Naar dé Igor, die ken je zeker wel?' Christine: 'Naar het ezeltje van Winnie de Pooh?' Woedend roept het mannetje: ''Barbaar', een vreemd woord, waarbij Christine moet denken aan het olifantje uit haar kinderboek: 'Babar?'

Met veel gevoel voor stijl en suspense verfilmde regisseur Ate de Jong de zes scenario's van Theo Nijland en Wanda Reisel. Veel donkere ruimtes met binnenvallend licht. Geraffineerde special-effects, zonder dat het resultaat te glad is.

In de eerste aflevering laat De Jong heden en verleden moeiteloos in elkaar overlopen. Twee oudere zussen, smakelijk gespeeld door Renée Soutendijk en Monique van de Ven, worstelen nog dagelijks met hun verleden als beroemd quatremain-duo. De jonge meisjes die zij ooit waren, staan telkens in levende lijve bij hen in de kamer, en doen net zo hard mee aan het belagen van die arme kinderen die op muziekles moeten.

Marijn van der Jagt

Meer over