In Leerdam waren er geen twijfels

OP DE Forumpagina van zaterdag 6 april stelt Gerhard Hormann de vraag of een journalist altijd waarnemer moet blijven. Dit naar aanleiding van schermutselingen na afloop van de demonstratie van extreem-rechts in Leerdam....

WERRY CRONE; BERT VERHOEFF

Hormann noemt fotografen (onder andere ons) die zich afzijdig hielden op het moment dat een op de grond liggende rechts-extremist enkele rake trappen krijgt van tegen-demonstranten. Hoe komt het dat we helemaal niet ingrepen toen dat jochie van zestien, zeventien jaar in elkaar werd getrapt?

Een uur lang mocht extreem-rechts demonstreren op het plein in het centrum van Leerdam. Je ziet die domme koppen, je hoort hun weerzinwekkende gepraat en je weet: 'tuig'. Voorbeeldje. Twee van die koppen tegen elkaar bij het kantoor van een makelaar: 'Kaik, je ken hier ook huise kopuh.' 'En dan seker naas zo'n vieze Molukker wonuh. . ha, ha.'

Op grote afstand staan de tegendemonstranten, waaronder veel in Leerdam wonende Molukkers. Ze mogen een groot deel van hun centrum niet in omdat daar wordt gedemonstreerd.

Om één uur is iedere CD'er die met de trein reist terug op het station. Via een scanner horen we na meer dan een half uur het bericht dat sommige CD'ers op het volgende station de trein terug naar Leerdam hebben genomen. Misschien een onjuist bericht, misschien waren ze gewoon gebleven, in ieder geval hoorden ze na drie kwartier niet meer in Leerdam te zijn. Ze wilden dus bewust de tegendemonstranten provoceren, vertrouwend op de grote politiebescherming.

Op enkele honderden meters van het station komen plotseling twee kaalkoppen in paniek onze richting oprennen. De langzaamste wordt door de eerste achtervolger ingehaald en op de grond geworpen, waarna hij wordt getrapt en om de politie begint te kermen. De tweede achtervolger is een Molukse man die bovenop hem springt en één ding zeker weet: Als die jongen die onder hem ligt samen met dat andere tuig aan de macht komt, is het met hem en alle andere minderheden in dit land gedaan.

Daarom springt hij nog maar eens bovenop hem voordat Gerhard Hormann hem probeert weg te rukken en enkele seconden later de ME arriveert. De kaalkop staat op en loopt weg met een angstige blik, maar verder ongedeerd.

Fotografen moeten nieuws op een andere manier vergaren dan schrijvende journalisten. Voor ons geldt altijd en overal: je moet er bij zijn op het juiste moment. Hijgend aan komen hollen en de gebeurtenis net missen maakt jou op dat moment tot een mislukte fotograaf en de krant een nieuwsonderwerp armer. Voor correctie is plaats noch tijd. Een schrijvend journalist kan nog bij collega's te rade gaan, zijn aantekeningen aanvullen en zo zijn achterstand goedmaken. Zijn verhaal komt rond en de krant is gered.

De alertheid van de fotograaf moet zijn tweede natuur zijn en is het kenmerk van de ervaren fotojournalist. Ook in Leerdam prevaleerde in die luttele seconden het beeld via de zoeker boven het besef van 'wat is hier in hemelsnaam aan de hand?' De fotograaf schiet en in de schaduw volgen zijn gedachten. Een paar tellen en het beeld is weg.

De fotograaf is bij uitstek de waarnemer die het tot zijn beroepscode moet rekenen niet in te grijpen in welk tafereel of welke gebeurtenis dan ook. Elke interventie doet afbreuk aan het 'waarheidsgehalte' van de foto.

Zijn er dan geen situaties denkbaar waarin we de camera opbergen en de helpende hand bieden of besluiten het strijdtoneel te verlaten? Zeker wel, maar doet een dergelijke situatie zich in de Nederlandse praktijk wel eens voor?

Ondergetekenden behoren niet tot het legertje oorlogsfotografen dat de wereld rondtrekt om elke brandhaard te verslaan en bewust hebben gekozen voor het hardste nieuws dat gepaard gaat met menselijk leed, veel leed. Voor deze collega's geldt dat een zekere afstand onvermijdelijk is: overleven is in zekere zin ook hun opgave. Wij hebben deze weg nooit willen bewandelen.

Onze ambitie is niet om alleen maar spectaculaire geweldfoto's te maken. Maar als Leerdammers extreem-rechtse demonstranten niet alleen met een tegendemonstratie willen terugwijzen, maar zelfs de stad uit willen slaan, is dat wel nieuws. De keuze van de fotograaf is om daarvan verslag te doen. Zoals fotograferen altijd kiezen is.

Moet ik handelend optreden of blijf ik fotograferen? Is publikatie misschien schadelijk voor de betrokkene en is dat een zwaarder belang dan het belang van die foto? Moet je je als fotograaf laten gebruiken door een actiegroep die iets fotogenieks bedenkt om de krant te halen?

Iedere fotograaf zal voor zichzelf de grens moeten trekken waarna de redactie altijd nog kan beslissen iets wel of niet te publiceren.

Het excuus voor het fotograferen van de grootste verschrikkingen is altijd dat je de wereld moet laten zien hoe erg het is. De kracht van de fotografie! Misschien verandert er dan wat.

Niet zo lang geleden maakte een Nederlandse fotograaf in Ruanda een foto van James Nachtwey, erkend prijzenwinnaar bij World Press Photo. Hij stond zich met enkele collega's te verdringen op zoek naar de beste hoek om een stapel lijken te fotograferen.

Ontluisterend. Vooral ook door zijn woede toen hij besefte dat hij zelf werd gefotografeerd. Waarschijnlijk werd hij zo kwaad omdat hij zelf ook onzeker was, grote twijfels had over wat hij eigenlijk aan het doen was. Ellende fotografen om de wereld te confronteren. Zeker. Maar ook om te scoren. Met prijzen. Geld. Roem.

ALS JE een beetje bewust met je vak bezig bent moet je die twijfels ook hebben. Maar in Leerdam waren die twijfels er niet. Natuurlijk zouden we geprobeerd hebben iets te doen als die jongen echt in levensgevaar zou hebben verkeerd, maar de politie was dichtbij en eigenlijk vonden we het een keurig opvoedkundig pak slaag.

Het ingrijpen van Gerhard Hormann was mooi en ethisch. Niet ingrijpen was in dit geval net zo mooi en net zo ethisch.

Werry Crone

Bert Verhoeff

De auteurs zijn als fotojournalist verbonden aan respectievelijk Trouw en de Volkskrant.

Meer over