In het Prado is omstreden vorst en godsdienstfanaticus een mecenas en kunstverzamelaar; Kopstuk van Filips-expositie komt uit Gouda

Zijn metershoge portret wappert in tweevoud naast de hoofdingang van het Prado-museum. Binnen vult het origineel een heel trapgat. En in de catalogus is het tot schutblad gepromoveerd om nog eens te onderstrepen wie de ster van de expositie in Madrid is: Filips van Gouda....

Van onze correspondent

Cees Zoon

MADRID

De tekening van koning Filips II heeft meer dan vierhonderd jaar verstopt gelegen in het archief van de Hervormde Gemeente in Gouda. Voor het eerst na al die tijd is hij daaruit te voorschijn gehaald om overgebracht te worden naar Madrid.

Daar heeft het werkstuk van meester Dirck Crabeth een ereplaats gekregen in de tentoonstelling over Filips als mecenas en kunstverzamelaar. Een passende keuze, want bij deze mega-expostie hoort een werk van deze enorme omvang: maar liefst tien meter hoog en anderhalve meter breed is deze Filips.

Het is alles Filips II wat de klok slaat in cultureel Spanje dit jaar. Met een eindeloze reeks exposities herdenkt men de vierhonderdste sterfdag van de omstreden vorst. Die exposities moeten, net als de stroom conferenties en nieuwe publicaties, een ander licht werpen op de man die in onze vaderlandse geschiedenis te boek staat als een tiran en die ook voor de rest van Europa doorgaat voor een toonbeeld van intolerantie en godsdienstfanatisme.

Eerder dit jaar werd dat beeld al bijgesteld in het Escorial, het grote klooster-paleis buiten Madrid dat Filips liet bouwen om vandaar zijn onmetelijke rijk te besturen.

Filips was in werkelijkheid een verlicht man, heette het, een kunstminnaar en boekenlezer, met een grote belangstelling voor de laatste ontwikkelingen in de wetenschap.

De expositie Felipe II. Un príncipe del Renacimiento (Filips II. Een vorst van de Renaissance) in het Prado concentreert zich op een ander aspect: de koning als mecenas en grondlegger van de belangrijkste kunstcollectie van Spanje.

Filips verstrekte opdrachten aan nagenoeg alle grote kunstenaars van zijn tijd, met wier werken hij zich in het Escorial en zijn andere paleizen omringde.

Het Prado biedt een ruim overzicht van de grote kunstverzameling die de koning in de tweede helft van de zestiende eeuw aanlegde, zo ruim dat de catalogus die de tentoonstelling vergezelt een kilo of vijf weegt.

Van Jeroen Bosch tot Titiaan, van Van der Weyden tot El Greco, van Moro tot Leoni. En daartussen dus ook het nog nooit vertoonde werk van Dirck Crabeth.

Nooit vertoond wil niet zeggen onbekend. De afbeelding van Crabeth van Filips II wordt jaarlijks door tienduizenden bekeken: het is een onderdeel van het gebrandschilderde 'Koningsglas' in de Sint Janskerk van Gouda. Maar de cartons, de originele werktekeningen van het glas, waren tot dusver het publiek nog nooit onder ogen gekomen.

Van dit meesterwerk op zichzelf konden in de loop der tijden alleen de restaurators genieten, wanneer zij de tekeningen raadpleegden voor het herstel van de ramen.

Het Koningsglas is een geschenk van Filips aan de Sint Jan in 1557, hoewel de koning tijdens zijn jeugdbezoek aan de Lage Landen de stad Gouda niet aandeed.

Het is uitgevoerd door Dirck Crabeth, die van 1540 tot 1574 in Gouda werkte, en die het persoonlijk in glas realiseerde. Het ondergedeelte laat het dubbelportret zien van Filips en zijn tweede vrouw, de Engelse koningin Mary Tudor (Bloody Mary).

Het is het enig bestaande dubbelportret van dit echtpaar, dat op de afbeelding deelneemt aan het Laatste Avondmaal. Het bovengedeelte van het glas stelt de inwijding van de tempel van Salomo voor.

De Nederlandse restaurator Wim de Groot heeft drie jaar gewerkt aan het herstel van de ernstig aangetaste Filips-cartons. Daarmee is slechts een begin gemaakt met het conservatieproject van de Goudse cartons, de enige bewaard gebleven werktekeningen van oude gebrandschilderde glazen in Nederland. De rest van de klus zal vele jaren in beslag nemen, want de totale lengte van de stroken bedraagt 1,68 kilometer, met een oppervlakte van 1159 vierkante meter.

De Groot is zelf verantwoordelijk geweest voor de komst van de tekeningen naar Madrid. Hij nam contact op met Prado-directeur Checa, een Filips-expert, die direct onder de indruk was van de kwaliteit van het werk van Crabeth.

De vier belangrijkste stroken zijn om veiligheidsredenen afzonderlijk naar Spanje overgevlogen.

Meer over