In heel Mexico klinkt nu het 'ya basta!'

ZO, de Zapatistas zijn weer thuis. Een warm welkom viel hen ten deel, afgelopen zondag in de boerengemeenschap Oventic, in het zuidwesten van Mexico....

Bijna drie weken verbleven de leiders van het Zapatista-bevrijdingsleger EZLN op de campus van de Nationale School voor Antropologie en Geschiedenis in Mexico-Stad. Een dikke duizend kilometer van huis en haard verwijderd voerden ze er fel campagne voor de Wet voor de Rechten en Cultuur van de Indianen. De wet is de inzet van de strijd, die in 1994 kort met wapens en daarna met woorden is gevoerd.

Het verblijf in Mexico-Stad werd het hoogtepunt van de vijfweekse EZLN-reis Zapatour, die bedoeld was om steun te verwerven onder de Mexicaanse bevolking én de Mexicaanse parlementsleden die de wet moeten aannemen. Niet alleen spraken de rebellen het Mexicaanse volk toe op het Zócalo, het centrale plein van de hoofdstad, ook hielden enkele comandantes van het rebellenleger een rede voor het parlement in het San Lázaro-paleis - een voorrecht dat eigenlijk alleen buitenlandse staatshoofden toekomt. Het spektakel was een eerste glimp van de nieuwe openheid, die president Vicente Fox voor de democratie van het land nastreeft.

In haar rede tot een kleine driehonderd parlementsleden verklaarde comandante Esther dat, als het aan de Zapatistas ligt, de gewapende strijd voorbij is. Een besluit dat werd genomen nadat president Fox enkele legereenheden uit de Lacandon-jungle in Chiapas had teruggetrokken en een aantal Zapatista-strijders en -sympathisanten amnestie had verleend. Het waren voor de Zapatistas tekenen dat het hem ernst is een einde aan het conflict te maken.

De in 1996 spaak gelopen Dialoog voor Vrede wordt hervat en dat was op voorhand het hoogst haalbare resultaat van de Zapatour. Een eclatant succes dus. Maar subcomandante Marcos zette het zondag tijdens zijn Zapatour-slotwoord niet op een jubelen. Zuinigjes sprak hij namens alle comandantes tot de achterban in Oventic: 'We zijn een beetje tevreden.'

Marcos en de rest van de guerrillaleiding zijn bang voor zoethoudertjes. De argwaan voor de Mexicaanse politici zit de Zapatistas in de botten. De klare, ietwat gespierde taal waarmee de Zapatistas in communiqués de misstanden waar ze tegen strijden aan de kaak stellen, is verdwenen nu ze geen monoloog meer voeren. 'Vandaag is de oorlog een beetje verder weg en de vrede met gerechtigheid en waardigheid een beetje dichterbij', vatte Marcos samen. De voorzichtigheid is begrijpelijk en benadrukt het broze karakter van de toenadering tussen de regering en de rebellen.

Over de vermoedelijke afloop van het Mexicaanse vredesproces valt daarom nog weinig te zeggen. Eigenlijk is er na de Zapatour-campagne maar één ding met zekerheid vast te stellen: de Zapatista-strijders weten wat een heldenontvangst is. Dat is een minder onschuldige vaststelling dan het lijkt.

Niet alleen in Oventic en andere indianengemeenschappen werden Marcos en de zijnen als bevrijders ingehaald, overal in het land waar de EZLN-karavaan halt hield dromden menigtes samen rond de gebivakmutste rebellen.

Opmerkelijk was dat niet alleen indianen hosanna riepen, maar mestiezen en blanken, boeren en ambtenaren, politici en nationale beroemdheden, schoenpoetsers en leraren, mannen en vrouwen, hermanos y hermanas, zoals Marcos altijd zegt. De steun voor het 'ya basta!' van de Zapatistas was nooit eerder zo groot, de overtuiging dat het afgelopen moet zijn met de Mexicaanse gewoonte de indianen als tweederangs burgers te beschouwen, werd nooit eerder zo breed gedeeld.

Hopelijk schatten de Zapatistas het belang van deze toejuichingen goed in. Als de commandanten straks al hun verhalen hebben verteld aan het thuisfront en als ze overleg hebben gepleegd met de gemeenschappen die het EZLN dragen, moeten ze opnieuw het land in. De Zapatour heeft geleerd dat de Dialoog voor de Vrede in Mexico-Stad gevoerd moet worden en niet zoals in 1996 in een dorpje in Chiapas, buiten het centrum van de aandacht.

De strijd voor een rechtvaardig Chiapas is de strijd voor een rechtvaardig Mexico geworden. Het volk in al zijn lagen en kleuren moet daarvan getuige zijn.

Meer over