In de kolenwasserij woedt een orgie van metaal

ROB GOLLIN

Vervolg van pagina 1.

Voordat de tunnels onder C-mine in Winterslag eind vorige maand voor publiek toegankelijk werden, was de plek al aan een tweede leven begonnen. De C in C-mine - de naam is verzonnen, een A- en B-mine zijn er nooit geweest - staat afgezien van carbon ook voor cultuur en creativiteit. De media, arts and design faculty is er gevestigd, een cultuurcentrum met twee theaters en expositieruimte, een bioscoop en een brasserie. Porseleinontwerper Piet Stockmans heeft er zijn studio. De lichtvormgevers van Painting with Light kiezen onderdak in de paardenstallen. Ontwikkelaars van Microsoft worden verwacht. Intussen laten bruidsparen en communiekantjes zich binnen fotograferen in de gerenoveerde hallen met gietijzeren trappen, tegelwanden met sier- en kroonlijsten en reusachtige instrumentenpanelen, en buiten voor de schachtbokken.

Dat in de Kempen veel meer bewaard is gebleven dan in Zuid-Limburg schrijft conservator Filip Delarbre van het Vlaams mijnmuseum in Beringen toe aan het latere tijdstip van sluiting: in 1974 werden in Heerlen, in de Oranje Nassau I, de laatste kolen naar boven gehaald, Zolder zette pas in 1992 als laatste in de Kempen de liften stil. Het besef dat hier sprake was van uitzonderlijk industrieel erfgoed had toen al wortel geschoten. 'Bij jullie was van zwart naar groen het devies. Hier wilde men niet zo snel komaf maken met het verleden.'

Maar ook in de Kempen gingen de erven van de mijnindustrie aanvankelijk niet altijd even fijnzinnig te werk. Vraag het aan Ludwig Tankowski (79), die in Genk van 1948 tot 1975 in de mijnen van Zwartberg en Waterschei werkte. Een klinkerstraatje op een bedrijventerrein leidt naar een half ingegraven schachtwiel met daarvoor een monument van gestileerde mijnwerkers. 'Dit is het, ja. Al de rest is weg. Alleen verderop, daar in het park, staat de directeurswoning nog, van meneer Allard. Maar daar ben ik maar één keer geweest, ik moest langs de achteringang.' Zijn grootvader verloor duim en wijsvinger bij het aanbrengen van dynamiet in de gangen van Winterslag, zijn vader raakte verlamd bij een instorting in de dieptes van Zwartberg.

Tegels tussen de klinkers herinneren aan de roerige geschiedenis van Zwartberg. De mijn, die doorging als de productiefste en modernste van de regio, met dieseltreinen en koelinstallaties in de gangen, moest in 1966 als eerste in het bekken dicht - volgens de Vlamingen als compensatie voor de sluiting van Waalse mijnen. Bij rellen met de Rijkswacht vielen twee doden. Een mijnwerker werd doodgeschoten, een ander kreeg een traangasgranaat in het gezicht.

Tankowski kon de sluiting slecht verkroppen, hij heeft nog deelgenomen aan een meerdaagse ondergrondse bezetting. 'Wist u dat het lichaam van degene die is doodgeschoten, nooit is vrijgegeven? De Rijkswacht beweerde dat ze alleen houten kogels had gebruikt en losse flodders. Welnu, ik zeg u: ze schoten met scherp.'

Hij leidt belangstellenden met trots naar het monument, dat op de plek van een van de twee schachten staat. De put was 1.045 meter diep, de gangen reikten tot 12 kilometer ver. Hij zat een uur in de trein om het uiteinde te bereiken. 'Ik zeg altijd: ik heb in de zomer gewerkt. Het was meer dan 40 graden beneden. Op het laatst werden de omstandigheden wel beter en minder zwaar, met schaafmachines, stofbestrijding, gasmetingen, luchtkoeling. Maar ik heb het altijd graag gedaan. Ik wist niet anders. Dit was mijn leven.' Het schrijnt wel, dat er zo weinig resteert. Hij wijst naar beneden. 'Hier liggen miljoenen euro's. Er ligt een splinternieuwe trein. Die heeft nog geen drie kilometer gebold.'

De tegenvoeter van Zwartberg is Beringen, zo'n 20 kilometer naar het westen. De slopershamer velde hier na de sluiting in 1989 alleen het ketelhuis. Hoog rijzen schachtbokken en koeltorens uit boven de bomen, al net zo imposant zijn de gevels van de kolenwasserijen met kapotte ramen. Binnen woedt een metalen orgie van transportbanden, wastrommels en roosters - entree verboden. Op de rails vlakbij staan nog kolenwagens gereed.

Conservator Delarbre is dan al voorgegaan in het complex. Eerst is er de zaal met de loketten waar de kompels elke twee weken hun kezem kregen uitbetaald, Limburgs voor het Franse quinzaine. Het immense badlokaal bevat ruim driehonderd douches en zesduizend kastjes - iedere arbeider had er een voor zichzelf. Het geurt er nog in de verte naar kolen, kennelijk bestendiger dan het aroma van zeep. In de zogeheten bezettingszaal, vol hekwerken, werd de indeling voor de ploegen bepaald. In de lampenzaal kregen ze de verlichting aangereikt: vroeger lantaarns op benzine, later door accu's gevoede koplampen op de helm. Ook het CO-filter behoorde na een reeks dodelijke ongevallen tot de standaarduitrusting. Daarna wachtte op de losvloer bij de bok de lift naar het darmstelsel van de Kempen.

Het mijnmuseum zelf is gevestigd in het voormalig sociaal gebouw, waarin onder meer een tekenacademie en een balletschool waren gevestigd. Op de begane grond was een melkbar - de fabel dat zuivel goed zou zijn tegen stoflongen heeft lang standgehouden, maar de hoop van de eigenaren was ook dat de mijnwerkers wat minder dorstig zouden zijn als ze de cafés aan de overkant zouden passeren.

De eerste verdieping is enkele weken geleden heringericht. In negen zalen komen onder meer migratie, de tuinwijken, het verenigingsleven, het leven ondergronds en de sociale onrust aan bod. In de kelder is een mijngang nagebouwd. Inmiddels hebben projectontwikkelaars en een investeringsmaatschappij een restauratieprogramma voor alle mijngebouwen in Beringen ontwikkeld.

's Avonds op de site van C-mine in Genk baden de twee schachtbokken als reusachtige robots in het witte licht van LED-armaturen. Ex-mijnwerker Roger Saeys (62) is in het café bij de bioscoop een Tripel Karmeliet komen drinken. Hij was in de jaren tachtig, toen de sluiting werd aangekondigd, actief als stakingsleider. Er was nadien geen andere mijn die hem, de notoire raddraaier, actief lid van de marxistische Partij van de Arbeid, wilde tewerkstellen. Hij mist het nog altijd, de kameraadschap, de solidariteit beneden. Bij autofabrikant Ford heeft hij het maar kort uitgehouden.

Het nieuwe leven op de site roept gemengde gevoelens bij hem op. 'De stad maakt er nu goede sier mee. Maar het was ook de stad die destijds de sluiting steunde. Ziet ge? Maar zo gaat het, hè. Pintje nog?'

CITéS: FLAMOENEN EN ITAKKEN

In de arbeiders- en migrantenwijken van de mijnbouwsteden in Belgisch Limburg is een eigen taal ontstaan, het Cités. Taalkundige Ward Ramaekers spreekt van een 'bastaardtaal, met de grammatica van het Limburgs, de melodie van het Italiaans en de woordenschat van beide.' Ook zijn er Spaanse, Turkse en Marokkaanse invloeden.

Enkele van zijn voorbeelden:

Bordel maken: ruziën. Ik maak altijd bordel.

Ei: hè en hé.

Flamoen: Vlaming, boer. Verbastering van Flamano uit het Spaans.

Hou uw lip: zwijg!

Goeie?: alles goed?

Ga kakken: uitdrukking van ongeloof, ga weg. Van het Italiaanse va a cacare.

Itak: Italiaan, geringschattend bedoeld.

Kraken: seks bedrijven

Minchia: Siciliaans voor 'lul'. Uitdrukking van ergernis of bewondering.

Scasseren: ergernis opwekken of onzin vertellen. Van scassare, stukmaken.

Schijt omhoog: loop naar de maan.

NAAR DE MIJNEN

Museum

Gevestigd op het terrein van de mijn in Beringen. Tentoonstelling in negen zalen, nagebouwde mijngang in de kelder. De overige gebouwen, met badruimtes en lampisterie, zijn deels en alleen voor groepen toegankelijk. mijnmuseum.be.

Expeditie C-mine Een parcours op het voormalige mijncomplex van Winterslag door tunnels met installaties met getuigenissen en geluiden uit de mijn en een periscoop met beelden uit het verleden. Voor kinderen is er onderweg een zoektocht uitgezet naar krekel Cyriel.

c-mine.be.

Wandeling

Een wandeling van 11 kilometer vanaf de bushalte bij C-mine langs de mijnen van Winterslag, Zwartberg en de Waterschei. Langs terrils en industriegebouwen, door bos en woonwijk. Bij het hoofdgebouw van Waterschei is de bus terug naar C-mine.

groenehalte.be.

Depot

Expositie in het voormalig magazijn van de mijn in Waterschei. Machines, werktuigen en foto's.

mijndepot.be.

Vespa-tours

Op de scooter ruim 80 kilometer langs het mijnverleden rondom Genk, onder meer door de tuinwijken ontworpen door architect Adrien Blomme. Kaarten verkrijgbaar in het bezoekerscentrum van C-mine. Twee verhuuradressen tegenover de bioscoop.

tweewielshop.be

vesparoute.com

Vennestraat

Multicultureel straatje in Genk, waar zich de handelaars verzamelden die geen toegang hadden tot de tuinwijken; de mijn exploiteerde zelf winkels. Cafés, restaurants en kruideniers met Italiaans, Turks, Grieks en Marokkaans stempel.

Bustours

De stichting Het Vervolg, die aandacht vraagt voor de sociale geschiedenis van de mijnstreek, organiseert rondritten van vier uur in een minibus met gids vanuit Beringen en Houthalen.

hetvervolg.org

Sleutelfiguren

Dezelfde stichting kan belangstellenden in contact brengen met mijnwerkers en hun gezinsleden, die tijdens een wandeling of een ontmoeting in een café of club aan de hand van hun persoonlijke verhalen inzicht bieden in het leven van toen.

sleutelfiguren.be

Manifesta 9

Van 2 juni tot 30 september doet de reizende Europese biënnale voor hedendaagse kunst de voormalige site van Waterschei aan, waar het hoofdgebouw zelf al een blikvanger van jewelste vormt. Ook kunst uit de 19de en 20ste eeuw die refereert aan de geschiedenis van de steenkool. Industrieel erfgoed komt in de schijnwerpers te staan.

manifesta9.org

Heerlen

Wie de geschiedenis van de Nederlandse mijnindustrie wil zien, kan terecht in het oude schachtgebouw van de Oranje Nassau I in Heerlen. Collectie van lampen, hamers, stijlen en andere attributen. In het ophaalgebouw staat een stoommachine uit 1897. Ex-mijnwerkers verzorgen rondleidingen. nederlandsmijnmuseum.eu

undefined

Meer over