PostuumE.O. Wilson (1929 - 2021)

In de filosofie van bioloog E.O. Wilson stond de liefde voor al dat leeft centraal

De zondag op 92-jarige leeftijd overleden Amerikaanse bioloog E.O. Wilson werd wel de ‘moderne Darwin’ genoemd. Hij was een levenslang pleitbezorger van de bescherming van de natuur.

Ben van Raaij
Edward Osborne Wilson, beter bekend als E.O. Wilson, 2021. Beeld Gretchen Ertl / Reuters
Edward Osborne Wilson, beter bekend als E.O. Wilson, 2021.Beeld Gretchen Ertl / Reuters

Biofilia, dat is misschien wel het meest kenmerkende idee van de Amerikaanse bioloog E.O. (Ed) Wilson, die zondag op 92-jarige leeftijd in een verzorgingshuis in Massachusetts overleed. Liefde voor het leven, letterlijk, maar in Wilsons visie ook de liefde van de mens voor andere levensvormen. Een term met een bijna sacrale lading die ook Wilson zèlf typeert, een levenslang pleitbezorger van de bescherming van de natuur.

Invloedrijker nog werd het begrip Half-Earth, dat Wilson muntte in zijn gelijknamige boek uit 2016 (Half-Earth. Our Planet’s Fight for Life). Het op dat moment nog revolutionaire idee dat om het huidige massale uitsterven van planten- en diersoorten te voorkomen (dat sneller gaat dan ooit eerder in de afgelopen 10 miljoen jaar) minstens de helft van de planeet (land én zee) een vorm van bescherming moet krijgen.

Alleen op die manier kunnen we er volgens Wilson voor zorgen dat er voldoende uiteenlopende en onderling verbonden levensvatbare ecosystemen blijven bestaan waarin al die bedreigde soorten kunnen gedijen, en zorgen dat de – door de mens veroorzaakte – uitstervingsgolf kan worden gestopt en wellicht gekeerd.

De term ‘Half-Earth’ lag mede ten grondslag aan het project 30x30, het plan van de Verenigde Naties om in 2030 zeker 30 procent van alle land en zee op aarde wettelijke bescherming te geven; meer dan twee keer zoveel als nu het geval is. Alle VN-lidstaten moeten dit doel onderschrijven. Dit gebeurt hopelijk komend voorjaar op een grote, wegens de pandemie tweemaal uitgestelde, VN-top over biodiversiteit in Kunming, China.

Mieren

Edward Osborne Wilson werd in 1929 geboren in Birmingham, Alabama. Hij raakte als jongetje uit een gebroken gezin gefascineerd door de natuur en bracht hele dagen door in bossen en moerassen om vlinders, mieren en sprinkhanen te verzamelen en bestuderen. Hij studeerde biologie en werd hoogleraar entomologie en evolutiebiologie aan de universiteit van Harvard, waaraan hij tot het eind van zijn leven verbonden bleef.

Wilson ontdekte meer dan 400 soorten insecten, vooral mieren – zijn favoriete soort, hij stond niet voor niets bekend als de Ant Man. Hij bestudeerde mieren- en termietenkolonies als ‘superorganismen’, het verschijnsel waarbij miljoenen individuen er door verfijnde communicatie in slagen gezamenlijk actie te ondernemen, zoals enorme nesten bouwen of georganiseerd op rooftocht gaan. Wilson was vooral trots op zijn ontdekkingen over hoe mieren elkaar via chemische signalen waarschuwen voor gevaar en op voedsel attenderen.

Hoewel Wilson mede door zijn vele boeken, waarvoor hij onder meer twee Pullitzerprijzen kreeg, vooral op latere leeftijd een wereldwijde status kreeg als éminence grise van de natuurbescherming – vergelijkbaar met zijn Britse collega-biologen en leeftijdgenoten David Attenborough en Jane Goodall – was er ook een periode dat hij omstreden was. Dat was in de jaren zeventig, nadat hij Sociobiology: The New Synthesis had gepubliceerd.

Wilson liet in dat boek zien hoe niet alleen fysieke kenmerken, maar ook gedrag wordt beïnvloed door natuurlijke selectie. Critici vonden dat hij suggereerde dat ook karaktereigenschappen als altruïsme en agressie het product waren van de genen, in plaats van opvoeding en omgeving, en zetten hem weg als adept van de eugenetica, de beruchte rasverbeteringsleer. Wilson werd zo slachtoffer van het in de jaren zeventig zeer gepolitiseerde ‘nature versus nurture’-debat, net als in Nederland de criminoloog Wouter Buikhuizen.

Ook na zijn emeritaat bleef E.O. Wilson zeer actief, hij publiceerde recent zelfs nog een boek. In 2005 werd in zijn naam de E.O. Wilson Foundation voor natuurbescherming opgericht. Drie jaar later ging de Encyclopedia of Life online, een Wikipedia-achtige website die alle 1,9 miljoen soorten op aarde in kaart moet brengen en beschrijven. Een alomvattend eigentijds symbool van Wilsons levenslange drijfveer, biofilie.