Ik was erbij

In de jaren zestig speelde hij in Parijs met de grootheden uit de jazz. 'Alles wat ze zeiden, was goud.' En nog steeds klinkt drummer Daniel Humair fris, energiek én wendbaar....

'SCHILDEREN is precies hetzelfde als jazz', zegt Daniel Humair. 'Alleen het gedoe eromheen is anders.' Humair, drummer en schilder, is een van de weinigen die deel uit hebben gemaakt van de hoogtijdagen van de jazz in Parijs in de jaren zestig, toen veel beroemde Amerikaanse musici naar Europa kwamen om er langere tijd te verblijven. En het schilderen, daar kan hij prima van leven.

'Ik hou niet van revival-jazz.' Humair, Commandeur des lettres et des arts en binnenkort 'professeur'-af aan het concervatorium van Parijs - het is in Frankrijk verboden te werken na je 65ste - maakt moderne muziek. Hij speelt graag met jongere musici, zoals aanstaande vrijdag met de tenorsaxofonist Ellery Eskelin, de gitarist Marc Ducret en de bassist Bruno Chevillon op het Festival Jazz International Rotterdam. 'Als ze zouden zeggen: hé ouwe, kun je niet beter thuis televisie gaan kijken, dan zou ik stoppen.'

Het is zondagochtend en Humair laat in zijn keuken de koffie doorpruttelen. De drummer woont zoals je van een Parijse kunstenaar zou verwachten: in een appartement vol kunst in een welvarende rustige straat in het 19de arrondissement, met een entree door een weelderige binnentuin. In een ruim atelier met een hoog plafond staat tussen de schilderijen een eenvoudig drumstel.

Toen de in Genève geboren Humair in 1958 in Parijs arriveerde, kon hij dezelfde avond aan de slag bij de saxofonist Barney Wilen, die een jaar eerder nog met Miles Davis de soundtrack van Ascenseur Pour L'Echafaud op had genomen. 'Ik heb geluk gehad', zegt Humair. 'Toen ik hier kwam, waren er niet veel drummers. Twee konden misschien een beetje jazz spelen, maar zij werkten voornamelijk in de studio's. Ik had een goede techniek voor die tijd.'

In de jaren daarna speelde Humair met zo'n beetje alle grootheden uit de jazz. Het was een unieke leerschool. 'Als je met bassist Oscar Pettiford speelt en je doet niet het juiste op de bekkens, dan mag je vertrekken. Maar als musici dachten dat het beter kon, vertelden ze me precies wat ik moest doen. Alles wat ze zeiden was goud. Tegenwoordig is dat heel anders. Jonge musici leren op school, ze hebben geen contact met de grootheden. Als ze willen weten hoe John Coltrane of Eric Dolphy klonk, dan moeten ze het met een plaat doen. Maar ik was erbij, zij waren mijn vrienden. En ik kan je vertellen: Coltrane klinkt best goed op plaat, maar live klonk hij nog veel beter.'

Wie enkele van de ruim tweehonderd platen beluistert waar Humair op speelt, kan voor verrassingen komen te staan. In 1962 hoor je hem bij Roland Kirk (Dog Years in the Fourth Ring) heel andere dingen doen dan bij Chet Baker (Chet is Back en Somewhere over the Rainbow) in hetzelfde jaar. Tegenwoordig laat de drummer bij Charlie Mariano weer een andere kant van zichzelf horen dan bij Joachim Kuhn of Michel Portal. En op zijn nieuwste cd Liberteé Surveillée klinkt Humair even fris en energiek als zijn jonge medemusici.

Maar een 'kameleon' zijn als drummer, dat kan volgens Humair niet. Hij vergelijkt zichzelf liever met een cuisinier. 'Een goede kok weet hoe je verschillende smaken kunt verwerken. De beste kok gebruikt zijn eigen stijl en persoonlijkheid om die verschillende ingrediënten te gebruiken. De taak van een drummer is om zich niet te conformeren. Als je op de achtergrond je zaakjes voor elkaar hebt, dan klinkt het alsof je op de voorgrond staat.'

Een oversteek naar het mekka van de jazz, New York, was net als voor iedere Europese jazzmuzikant ooit de droom van een jonge Daniel Humair. De pianist Oscar Peterson vroeg hem zelfs om er in zijn trio te komen spelen. De droom spatte snel uiteen. 'Toen ik zag onder wat voor omstandigheden de musici daar optraden, had ik het gauw gehad. Ik heb er Dizzy Gillespie opgezocht, die ik kende uit Parijs. Hij stond in een kroeg te spelen waar helemaal niemand naar de muziek luisterde. Oscar ook. Dat vonden ze normaal.'

Humairs Amerikaanse ervaring geeft volgens hem de essentie weer van het verschil tussen Europese en Amerikaanse jazz. 'Europese jazz is complexer, subtieler. Dat komt omdat het publiek hier ingewikkelde muziek accepteert. In Amerika is jazz entertainment. Als je er naar een jazzclub gaat, kom je er om te eten en te praten. Er speelt toevallig ook nog een band. Een muzikant kan geen arrangement spelen met rare noten in een club waar iedereen lawaai maakt.

'In Europa is jazz concertmuziek. Wij zijn jazz-lovers. Vergis je niet: als je Europa en Japan weghaalt, dan bestaat er meteen geen professionele jazz meer. De meeste goede Amerikaanse musici spelen vooral in Europa. In Amerika hebben ze geen kans, niemand neemt de muziek serieus.'

Tegelijkertijd vindt Humair dat nogal wat hedendaagse Amerikaanse jazzmuzikanten zichzelf veel te serieus nemen. 'Ze zitten te vast in hun eigen universum en daarmee in hun eigen ego. Als je open minded bent, leer je al iets van vijf minuten over straat lopen. Wanneer je alleen loopt te bedenken of je bekken goed klinkt, dat je toch wel geweldig gespeeld hebt, of je bassdrum er wel mooi uitziet, dan zie je niks.'

Door naast het drummen ook te schilderen houdt Humair een open vizier. Zijn atelier ligt vol stukken papier, beschilderd met acrylverf. Van het woord abstract houdt hij niet, maar als hij het dan toch onder woorden moet brengen: hij maakt abstract-narratieve kunst. 'Ik maak gebruik van ongebruikelijke vormen, maar in mijn hoofd is het figuratief.

'Bij muziek en beeldende kunst gaat het om hetzelfde: je probeert een verhaal te vertellen. Maar de omstandigheden zijn tegengesteld. Schilderen doe je alleen, en als je het niet wilt, dan laat je je werk aan niemand zien. Een noot die je in een concert speelt, kun je nooit meer uitwissen of achteraf verbeteren. Schilderen doe je thuis, je hoeft niet te reizen, je hoeft ook niet op een afgesproken tijdstip geïnspireerd te zijn. Daarom doe ik het allebei. Alle frustratie die ik krijg van spelen, kan ik compenseren in het schilderen en vice versa.'

Meer over