Ik moet dringend een werkster hebben, eentje die niet steelt

null Beeld Gabriël Kousbroek
Beeld Gabriël Kousbroek

Ik ben 15 duizend euro waard. Ik moet dan wel eerst een tuintje op mijn buik hebben van de Portugese ziektekostenverzekering die ik zojuist afsloot. Dat capital da cobertura de morte gaat naar mijn honden Raya, Tita en Jamba. Ik wilde de fooi (al dan niet omgezet in melkflesdoppen) aanvankelijk naar de noodruftigten in Afrika laten sturen, maar nu Bert Koenders minister van Sinterklaaszaken is, hoeft dat niet meer.

Je moet de huid niet verkopen voordat de beer geschoten is, zegt men dan, maar men kan mij de bout hachelen: ik pin vast een voorschot voor de beessies. Een kilo biefstuk de hond op een doordeweekse dag vind ik wel zo feestelijk. Dat krijgt de Portugees niet eens op zijn verjaardag. Net als ik naar de slager wil fietsen, begint het weer te stortregenen. De Algarve - waar de zon volgens die godverdommese reisgids van Dominicus drieduizend uur per jaar schijnt - wordt al vijf dagen geteisterd door een zondvloed. In en rond mijn datsja is het een teringbende. Alles zit onder de modder, een leger mieren sloopt mijn rosarium en wanneer ik adem, knallen de strontvliegen mijn keelgat in.

Ik moet dringend een tuinman en een werkster hebben, eentje die niet steelt. In Amsterdam had ik eens een beeldschone Afro-Surinaamse interieurverzorgster aangesteld. Op een dag kwam ik onverwacht thuis van kantoor en stond ze in een trainingsbroek en een knellende topje, met een dikke joint in de mond en een plumeau als microfoon, op mijn James Brown-collectie te dansen.

Ik heb het ontroerende tafereel even aanschouwd - niets menselijks is mij vreemd - en toen de volumeknop naar nul gedraaid. 'We moeten even praten, Rosita', zei ik streng. Enfin, Melvin is nu 16 en komt binnenkort weer naar me toe voor vier papadagen.

Ik schuil nog steeds in het hokje van de pinautomaat en heb per ongeluk een bruine vlinder laten ontsnappen. Net als ik de cel wil ontgassen, trekt Leticia van de gezondheidswinkel aan de deur. Ze is de enige genetisch onuitgedaagde dorpsgenote en geeft bovendien esoterische massages, misschien zelfs wel met een gelukkige afloop als ik een extra tientje offreer. Dagelijks koop ik bij haar rommel tegen mijn kwalen. Deze week betrof het granaatappelextractcapsules tegen prostaatkanker (en dat terwijl mijn landgoed momenteel bezaaid is met die vuurrode vruchten). Ik bloos, maar Leticia glimlacht begrijpend: 'Het is de omslag van het weer. De darmen zijn daar gevoelig voor. Je moet straks maar even langskomen, Arturinho.'

Meer over