'Ik laat overal het tapijt van de vloeren rukken'

Openheid is een teken van zwakte, luidde tot nog toe het credo van C & A. Bart Brenninkmeijer (34) is sinds anderhalf jaar de nieuwe baas in Nederland....

tekst Michiel Haighton

Het had een fraaie openingszin opgeleverd: Bart Brenninkmeijer betrapt op overspel. Maar helaas. De directeur van c & a Nederland draagt een kostuum donkerblauw met een lichte streep van eigen fabrikaat (Westbury). Of hij dan even zo vriendelijk wil zijn de achterkant van zijn zijden stropdas te tonen? Het is er een van huismerk Canda. 'De meeste kleren koop ik bij c & a. Vooral pakken. Príma kwaliteit. Ik hoef niet zo nodig in een lichtbeige corduroy pak rond te lopen omdat de laatste mode dat voorschrijft.'

Openheid is een teken van zwakte. Zo luidde decennialang het credo van de familie Brenninkmeijer. Afgezien van de jaarlijkse Quote topvijfhonderd rijkste Nederlanders waar de familie steevast bovenaan prijkt slaagden de Brenninkmeijers er tot op heden in uit handen van de media te blijven. Interviews werden steevast geweigerd.

Wat Bart Brenninkmeijer betreft 34 en lid van de vijfde generatie komt aan deze zelfgekozen anonimiteit een einde. 'Het is niet langer vol te houden. En het is ook niet nodig.'

De klant vormt de drijfveer voor de coming out van Brenninkmeijer. Consumenten van vandaag de dag hebben volgens hem behoefte aan 'een gezicht' achter het bedrijf. 'Hier ben ik dan', voegt hij daar droogjes aan toe. Bovendien creëer je met stilzwijgen mythevorming. En dat is volgens hem nergens goed voor, het kan zich bovendien ooit tegen het bedrijf en de familie keren.

Privacy

Niet dat de luiken nu plots wagenwijd opengaan voor de buitenwereld. De glasnostpolitiek van Brenninkmeijer kent grenzen. Vragen over de familie, hun gebruiken en hun vermogen blijven veelal onbeantwoord. Uit respect voor zijn ouders, twee broers, zus en familieleden die de naam Bren nink meijer dragen. 'Ik vertegenwoordig een heel grote familie waar nog zéér aan privacy wordt gehecht', excuseert hij zich. 'Dat doe ik zelf trouwens ook.'

De keuze om niet meer volledig onzichtbaar te blijven voor de buitenwereld, heeft volgens Brenninkmeijer te maken met de 'generatiewissel' die momenteel plaatsvindt in het bedrijvenconglomeraat van de familie naast het kledingbedrijf is er ook een vastgoedbedrijf, een pen sioenfonds en een beleggingsvehikel. Er staat een nieuwe generatie van dertigers en begin-veertigers aan het roer. De vijfde generatie sinds Clemens & August Bren nink meijer van uit Mettingen, Duits land, in 1841 in Sneek neerstreken om daar een handeltje te beginnen in linnen en textiel.

'Ik en mijn neven pakken de zaken op onze eigen, misschien iets meer eigentijdse manier aan', zegt hij, goedkeurend gadegeslagen door zijn verre voorouders Cle mens & August. Die hangen, ingelijst achter glas, bij de toegangsdeur van de vergaderkamer. Pal boven de deur hangt een aan het kruis genagelde Christus. 'Wij hebben een rooms-katholieke grondslag.'

Ivoren toren

De duizenden medewerkers van c & a Ne der land is als het goed is al langer opgevallen dat hun bedrijf sinds achttien maanden wordt geleid door een telg uit het Bren nink meijer-geslacht die de zaken nét iets minder formeel en afstandelijk aanpakt. 'Bij mijn aantreden heb ik tegen het managementteam gezegd: ”We moeten onze zichtbaarheid vergroten. Uit de ivoren toren komen, toegankelijker worden.”'

Dus is het gewoon Bart en niet mijnheer Brenninkmeijer. En praat hij iedere twee maanden alle medewerkers bij over het wel en wee van de onderneming via een persoonlijke videoboodschap, met de titel Bart's Bericht. Alleen te zien op c & a-tv, een tv-programma dat exclusief voor de medewerkers wordt uitgezonden tijdens de koffie pauze.

Naast meer openheid zijn er andere zaken die duiden op een machtswisseling. Zo als de positie van de vrouwelijke Bren nink meijers. Die zijn niet langer uitgesloten van een positie binnen het concern. Ze mogen indien zij interesse hebben en gekwalificeerd zijn ook toetreden tot het bedrijf. Top posi ties bekleden ze nog niet. Maar dat zal niet lang meer duren, verwacht Brenninkmeijer. 'Histo risch is dat nu eenmaal zo gegroeid. Maar de deur staat nu voor ze open.'

De indruk mag niet ontstaan dat Bart Bren nink meijer wil afrekenen met de oude generatie. 'Dat zou een vertekend beeld opleveren.' De wisseling van de macht verloopt volgens hem in goede harmonie. 'Familie bedrijven gaan vaak ten onder aan generatiewissels. Wij daarentegen weten tot nu toe het stokje goed door te geven. Dat is grotendeels te danken aan onze krachtige familieband. Ook ik hecht daar zéér aan.'

Beroerd

Toch kan Brenninkmeijer moeilijk ontkennen dat de familieleden die het bedrijf eind vorige eeuw leidden, weinig succesvol waren. c & a verkeerde met name in de tweede helft van de jaren negentig in ernstige problemen. Met als dramatisch dieptepunt het vertrek van c & a uit Engeland. Brennink meijer volgde het proces van nabij. Hij studeerde op dat moment in Engeland aan de Kingston University en werkte in zijn vrije tijd bij c & a Engeland. Als verkoper in het winkelfiliaal aan Oxford Street.

'Hoewel ik toen vrij ver van het management afstond en dus niet ex ct wist voor welke moeilijke beslissingen mijn ooms in En ge land stonden, was ik er met mijn gevoel wel heel dicht bij betrokken. Dat gold voor de hele familie. Na ruim zeventig jaar uit een land vertrekken was een heel ingrijpende gebeurtenis voor ons.'

Ook in de rest van Europa stonden de zaken er volgens Brenninkmeijer 'moeilijk tot slecht' voor. Dat gold vooral voor Neder land. 'Na Engeland de markt die er het meest beroerd aan toe was.'

De reden dat het zo slecht ging met het kledingconcern was de globaliseringgedach te die bij de leiding van het kledingbedrijf had postgevat. 'Wij dachten dat er zoiets bestond als de Europese confectieklant. Dat het topje dat in Duitsland een bestseller was, ook in Nederland, België of Italië een hit zou zijn.'

Dat inzicht leidde tot de oprichting van één inkoopcentrale waar inkoopmanagers voor lle landen voortaan precies dezelfde kleding inkochten. 'Een strategisch kardinale inschattingsfout', zegt Brenninkmeijer.

Want de c & a-klant mag dan misschien niet uit zijn op de laatste mode uit Londen of Parijs, ze weet wel wat ze wil. Als voorbeeld noemt Brenninkmeijer damestricot. 'De Ne der landse vrouw wil een trui over de kont dragen. Een Belgische niet. Dus als het tricot dat in Nederland wordt verkocht 5 centimeter te kort is, blijft het in de rekken hangen. Die paar centimeters maakten het verschil tussen een goed en een slecht seizoen.'

Ontstoffen

Een tweede fout die in diezelfde periode werd gemaakt, was de shop-in-a-shop-formule. De kledingwinkels van c & a werden tot kleine kledingwarenhuizen omgetoverd. 'Dat accepteerde de klant niet.'

In 2000 werd het roer bij c & a drastisch omgegooid. Elk land werd weer verantwoordelijk voor zijn eigen marketingbeleid en assortimentsbepaling. In Nederland werd een niet-Brenninkmeijer tot algemeen directeur benoemd om het tij te keren. Met succes. Jan Bezemer wist het bedrijf in nog geen twee jaar tijd weer break even te laten draaien, maar hij diende als tussenpaus die orde op zaken moest stellen. Per 1 januari 2002 kwam c & a Nederland weer in handen van de familie; in de persoon van Bart Bren nink meijer.

Nu, achttien maanden later draait de Ne derlandse vestiging volgens de directeur winst. Hoeveel, daarover laat hij zich in de beste traditie van het bedrijf, niet uit. 'We zijn tevreden' is het enige dat hij daarover kwijt wil. 'We lopen weliswaar nog steeds achter ten opzichte van de rest van Europa, maar het gat wordt steeds kleiner.'

Over zijn ambitie is hij ruimhartiger: het marktaandeel van c & a moet flink omhoog. 'Dit jaar nog willen we twee miljoen stuks meer verkopen.' Eind 2002 had c & a volgens eigen cijfers een marktaandeel van 4,6 procent van de totale Nederlandse kledinghandel. v & d 5,2 procent en Hennes & Mauritz 2,5 procent.

Vooral dat laatste bedrijf is het afgelopen decennium hard gegroeid, niet in de laatste plaats ten koste van c & a. Toch zegt Bren ninkmeijer in het succes van h & m geen reden te zien om het imago van c & a te veranderen in een trendy kledingzaak. Te vergankelijk. 'Wat nu hip is, is over een paar jaar weer oubollig.' Dus waar h & m met uitdagende en vooral schaars geklede dames het merk lading geeft, doet c & a dat bewust niet. 'In onze reclamecampagnes staat de moeder met kinderen centraal. Zíj, de budget mum, zoals we haar intern noemen, is onze core klant.'

Wel stelt hij alles in het werk om c & a van het truttige en stoffige imago af te helpen. Zo zorgt de c & a-directeur voor een 'actueler' kledingaanbod in de winkels. 'Liepen we vroeger achter de mode aan, nu lopen we met de mode mee.' Ook worden sinds zijn aantreden kosten noch moeite gespaard om de filialen van c & a te 'ontstoffen'. 'In de achttien maanden dat ik hier nu zit, zijn 28 filialen onder handen genomen. Want ook in het vernieuwen van de winkels, hebben we de laatste jaren steken laten vallen', moet hij erkennen. Toch hoeven we volgens Bren nink meijer nooit bang te zijn dat c & a avant-gardistisch wordt. 'Dan verloochenen wij ons zelf en de klant.'

In het Utrechtse filiaal aan het Vreden burg laat Brenninkmeijer zien dat het woord 'ontstoffen' letterlijk mag worden genomen. 'Ik laat overal het tapijt van de vloeren rukken. Echt niet meer van deze tijd', zegt hij, terwijl hij ondertussen met de hak van zijn leren schoen op de stenen vloer klikt.

Niet lullen

Bart Brenninkmeijer wordt in 1969 geboren in Duitsland. Al vrij snel verhuist het gezin naar Engeland om zich vervolgens in 1974 voorgoed in Nederland te vestigen. Zijn vader is in die tijd lid van de directie van c & a Ne derland. Bart groeit op in Hilversum. De basisschool adviseert hem naar de mavo te gaan. Het wordt het vwo. Acht jaar lang doet hij erover. 'Ik ben nooit echt een boekenwurm geweest', zo verontschuldigt hij zich. 'Ik zat liever op het hockeyveld. Of in de kroeg.'

Bart wil net als zijn vader, en wel meer leden van de familie, het kledingbedrijf in. Dat gaat geheel uit eigen wil en zonder druk van de familie, benadrukt hij. 'Als Brennink me ijer hoef je niet, maar mag je bij het familiebedrijf komen werken.' Maar het is in het gezin Brenninkmeijer net als in het gezin Cruijff, denkt hij. 'Daar wil toch ook iedereen voetballer worden?'

Niet dat iedereen in de familie Brennink meijer de kledinghandel in wil. Er zijn meer mogelijkheden. 'Ik kom uit de ondernemende tak. Hier geldt een beetje de Rotter damse mentaliteit: ”Niet lullen, maar poetsen.” Er is ook een gedeelte van de familie dat meer filosofisch is ingesteld, of een visionaire blik heeft. En ten slotte is er de vastgoedtak binnen de familie. Het mooie is, dat we alles zo goed bij elkaar weten te houden.'

Rekken vullen

Na het behalen van het vwo-diploma meldt Bart zich voor de interne basisopleiding die openstaat voor alle leden van de familie Brennink meijer. 'Maurice, een neef van mij, coördineert dit traject. Er wordt veel waarde aan gehecht. Want behalve dat wij het bedrijf bezitten, willen we het ook actief managen. De opleiding, die één tot twee jaar duurt, geeft iedereen binnen onze familie de kans zich af te vragen: ”Wil ik überhaupt wel verder in dit bedrijf?” En andersom natuurlijk. Het is ook bedoeld om talent te scouten.'

Het eerste opleidingsjaar is voor alle familieleden gelijk. De jongens worden de win kelvloer opgejaagd. Ze moeten met de pik tegen de toonbank staan, zoals dat in retailjargon heet. Ook wordt van de jonge re kruten verwacht dat ze hun woonplaats verruilen voor een stad in het buitenland. 'We opereren wereldwijd. Daarom wordt er zeer aan internationale mobiliteit gehecht. Daar kun je niet vroeg genoeg mee beginnen.'

Bart wordt naar het filiaal in de Brusselse Nieuwstraat gedirigeerd. Daar draait hij een jaar lang mee. Het is flink aanpoten. Kassa draaien, klanten bij de paskamers helpen en kledingrekken vullen. Ook werkt hij enige tijd op het distributiecentrum van c & a in België. Vrachtwagens lossen en bestellingen rijklaar maken. Ook een pittige job, niet in de laatste plaats vanwege zijn collega's daar. 'Een héél ander volk dan de verkoopmedewerkers.'

Het grote werk

Hij mag dan Brenninkmeijer gedoopt zijn, het betekent niet dat hij tijdens de opleiding met de egards wordt behandeld die normaal gesproken een Brenninkmeijer ten deel vallen. 'Integendeel zelfs. Vaak gaan de medewerkers er juist nog wat tougher overheen.'

Tijdens zijn periode in Brussel zorgt de familie voor onderdak. Samen met enkele neefjes bewoont Bart tijdens zijn basisjaar een appartement in de binnenstad.

Na Brussel wordt hem verzocht zijn opleiding te vervolgen in Frankrijk. Het vrijblijvende gaat eraf. Niet langer telt de achternaam, maar het functioneren en de toe gevoegde waarde die hij het bedrijf kan geven. Brenninkmeijer wordt op het Franse hoofdkantoor in Parijs verantwoordelijk voor het 'assortimentsmanagement' van herentricot enoverhemden. Voor een goede uitoefening van deze functie is het van vitaal belang dat hij de Franse man en zijn kledingvoorkeur leert kennen. 'Ik ben veertig steden afgereisd. Niet alleen om de c & a-filialen te bezoeken, maar ook om de concurrentie en de klant te leren kennen.'

Na Frankrijk volgt Düsseldorf. In deze stad zetelt de Europese centrale inkoop voor dameskleding. Samen met weer een neef, Herbert, en een aantal medewerkers wordt hem gevraagd een nieuwe inkoopdivisie voor 'jonge mode en sport' op te zetten. 'De gedachte was natuurlijk: kan hij iets van de grond krijgen? Is hij geschikt voor het grotere werk? Hoe functioneert hij in een team?'

De missie slaagt en Brenninkmeijer stijgt weer een stapje hoger op de familieladder. In 1998 wordt hij gevraagd hoofdinkoper kinderkleding te worden op het hoofdkantoor in Brussel. Hij wordt verantwoordelijk voor vijftig inkopers en planners. De divisie draait dan slecht. Voor Brenninkmeijer de ultieme kans te laten zien wat hij waard is. Wederom slaagt hij voor dit praktijkexamen. 'De kinderafdeling levert weer een goed product aan de c & a-winkels.'

Dan is hij klaar voor het grote werk. Eind 2001 krijgt hij een telefoontje van neef Lucas, de hoogste baas van c & a Europa. Of Bart voelt voor de positie van algemeen directeur van c & a Nederland.

Omhoog gevochten

Met zijn 34 jaar is Brenninkmeijer de jongste landendirecteur binnen het bedrijf. Ook in zijn managementteam is hij de benjamin. Naast zijn neef Tom zijn dat Pascal Duflou, Pals Brust en Edwin Fafié. Die laatste twee zijn 'selfmade men', zegt Brennink meijer op respectvolle toon.

'Edwin en Pals zijn op zeventienjarige leeftijd het bedrijf binnengekomen. Ze hebben zich vanaf de winkelvloer omhoog gevochten. Daar heb ik veel bewondering voor. Voor dit vak, de retail, hoef je niet gestudeerd te hebben. Want waar gaat het nu om? De kleding komt van achter de winkel binnen, en moet er aan de voorkant weer uit. Het liefst zo snel mogelijk.

'Retail heeft met name een heel praktische kant, daar hoef je niet lang op te studeren. Je moet er vooral gevoel voor hebben en over talenten beschikken die je op de universiteit niet worden bijgebracht. Ik wil niet zeggen dat mensen die gestudeerd hebben niet geschikt zijn voor dit vak. Maar het is geen must.' Illustratief: het merendeel van het c & a-management komt uit eigen gelederen.

Van Barts twee jongere broers werkt er één voor de familie in de vs. Daar bezit men verschillende kledingbedrijven, met name in de kleine en middelgrote steden. Zijn zus studeerde geschiedenis en werkt als regie-assistent bij een documentairemaker. Zijn andere broer heeft vijf jaar voor c & a in Duits land gewerkt, maar heeft recent het familiebedrijf de rug toegekeerd: hij restaureert nu houten boten. 'Het werd hem allemaal te groot. Nu is heel veel gelukkiger. Ik vind het prachtig wat hij doet, kan mij er ook wel wat bij voorstellen. Mijn droom is een boerderij in Frankrijk met wat koeien en schapen. Dat meen ik. Misschien dat het er ooit van komt.'

Meer over