'Ik heb zelfs een eigen wijngaardje'

Op de poli voor ouderen met een alcoholprobleem, zit een oud-fysicus (69). ‘Ik drink uitsluitend wijn.’..

Door Eva Rooijers

Op 1 januari 2010 opende de eerste alcoholpolikliniek voor ouderen de deuren, in Harderwijk. Een initiatief van GGZ Meerkanten. Storm loopt het nog niet, op het wekelijkse spreekuur. Sinds de opening hebben twee cliënten zich gemeld. ‘Het is een kleinschalig project’, zegt psychiatrisch verpleegkundige Annie van der Kooi, die de ouderen begeleidt. ‘Bovendien is de drempel om hulp te vragen nog steeds hoog. Veel mensen schamen zich en zijn bang dat ze helemaal moeten stoppen met drinken.’

Dat laatste is het ouderwetse beeld van de verslavingszorg, zegt ze. ‘Met het halveren van het aantal glazen per dag kan al een enorme vooruitgang voor de gezondheid worden geboekt.’

Cliënten die zich aanmelden bij de poli kunnen een half jaar lang een leefstijltraining volgen. Die training is erop gericht het alcoholgebruik te stoppen of te verminderen en meer inzicht te krijgen in de redenen van het drinken. Cliënten krijgen vooral veel praktische tips mee om zich te wapenen tegen de dorst.

Eén van de twee cliënten is een oud-fysicus (69), die anoniem wil blijven. Hij is vier weken geleden begonnen met de training.

‘Mijn eerste glas, ik drink uitsluitend wijn, neem ik aan de vroege kant. Rond een uur of twaalf. Het excuus is altijd: de Fransen doen het ook. Aan het einde van de middag is er meestal wel een fles doorheen gegaan. ’s Avonds drink ik niet, want dan slaap ik slecht.

‘Ik denk dat ik toch al een jaar of dertig stevig drink. Ik ben vooral veel gaan drinken toen ik geïnteresseerd raakte in wijnen. Ik heb zelfs een eigen wijngaardje. Dan zit je dicht op het vuur.

‘Mijn werk als fysicus heeft er niet onder geleden, want daar dronk ik niet. Je gaat toch niet met een fles wijn op je werk zitten. Toen ik met pensioen ging, ben ik meer gaan drinken. Je bent vaker thuis, hebt meer tijd. Dan wordt het een stuk eenvoudiger.

‘Ik had zelf al geruime tijd het gevoel dat ik te veel dronk maar lichamelijk problemen had ik niet. Wel heb ik al 25 jaar last van manisch depressieve klachten. Zeker in mijn manische periodes dronk ik veel. Dan had ik het gevoel dat ik de hele wereld aan kon. Dacht dat ik God was. In die tijd gingen er zo een paar flessen per dag op.

‘Eens in de drie maanden ga ik naar een psychiater. Daar was mijn alcoholgebruik wel eens ter sprake gekomen. Op een gegeven moment zei de psychiater dat al die wijn die ik dronk mijn depressie wel eens in de hand kon werken. Hij vertelde me dat je een cursus kon volgen bij een speciale polikliniek voor alcohol en ouderen. Dat leek me wel wat. Maar wel onder één voorwaarde: ik ga niet helemaal stoppen met drinken. Daarvoor is wijn veel te lekker. Gelukkig was dat geen probleem.

‘De eerst opdracht die ik kreeg, was opschrijven hoe veel ik dronk. Daar schrok ik wel van. Ik kwam royaal aan de twintig glazen per week. Of eerder dertig glazen. Als je nagaat dat de richtlijn twee glazen per dag is en twee dagen in de week geen alcohol, dan kom je uit op tien glazen per week. Daar zit ik toch wel ruim boven.

‘De volgende stap is dat ik opschrijf wanneer ik drink en hoe ik me dan voel. Dat vind ik lastig. Ik heb gewoon trek. Ik weet dat als ik me beperk tot twee glazen, ik er een fijn gevoel aan overhoud. Maar als ik drie, vier of vijf glazen drink, komt de depressie om de hoek kijken.

‘Sinds ik begonnen ben met de cursus vier weken geleden, drink ik al veel minder. Ik hoop dat het helpt tegen mijn manisch depressieve klachten. Dat is toch de reden waarom ik deze training doe.

‘En er is nog een voordeel. Als je de helft minder drinkt, kan je een fles wijn kopen die twee keer zo duur is. En die wil nog wel eens lekkerder zijn.’

Meer over