'Ik heb me afgevraagd wat mijn ouders ooit in elkaar zagen'

Cornald Maas in gesprek met kinderen van gescheiden ouders. Dit keer Marieke. Ze is ervan overtuigd dat haar eigen liefdesleven zwaar beïnvloed is geweest door de scheiding van haar ouders....

'Ik heb een tamelijk getroebleerd liefdesleven achter de rug. Vaak viel ik voor onmogelijke, onbereikbare liefdes. Ik zocht vaderfiguren, ik flirtte zelfs even met vrouwen. Ik beet me vast in verliefdheden waarvan ik tevoren al wist dat ik erdoor gekwetst ging worden.

Tot ik mijn eerste serieuze relatie kreeg, met een man die ideaal leek, die me nooit verlaten zou en een groot verantwoordelijkheidsgevoel had. Toch werd ik op een gegeven moment bang. Ik had last van bindingsangst - verlatingsangst ligt daar tamelijk dicht bij. Maar ik begreep het niet en dus negeerde ik het. Wat ik voelde vond ik onzin. Dat brak me ten slotte op.

Toen onze dochter anderhalf was en ik op een dag met haar thuis zat, overviel het me: wat is er in godsnaam gebeurd? Het was, tot op zekere hoogte, alsof ik part noch deel had aan mijn eigen leven. Ik ben uiteindelijk bij mijn vriend weggegaan. Ik kon het mezelf niet goed uitleggen, laat staan hem.

Ongetwijfeld heeft een en ander te maken met de scheiding van mijn ouders. Ik was 4 toen mijn broer en ik hoorden dat mijn vader het huis uit zou gaan. 'Ben ik dan stout geweest?', schijn ik gevraagd te hebben. Als kind denk je al snel dat het aan jou ligt. Mijn vader was huisarts en bleek een relatie te hebben met zijn assistente. Mijn moeder had het ontdekt en omdat hij zijn vriendin niet wilde opgeven, werd een breuk onvermijdelijk.

Mijn moeder was vooral boos. Zij had gedacht met hem oud te worden. Toen zij hem leerde kennen studeerde hij nog, leefden zij van haar leraressensalaris en zette zij zichzelf met haar ambities op het tweede plan. Nu bleef ze met niets achter, zonder werk. Toen ze zwanger was van mij, was ze ontslagen. Vaak heb ik last gehad van het contrast tussen de overdaad bij mijn vader en de armoede bij mijn moeder. Ook heb ik me afgevraagd wat ze ooit in elkaar gezien hebben: mijn vader was flamboyant, een flierefluiter, charmeur; hij hield van het goede leven, met de nodige sigaretten en drank. Mijn moeder was juist behoudend en netjes, had een groot verantwoordelijkheidsgevoel en was spaarzaam - ze spaarde nog van haar bijstandsuitkering.

Mijn moeder, broer en ik verhuisden. Mijn vader zagen we niet vaak. Aanvankelijk had hij ons telefoonnummer niet eens. Hij moest een brief schrijven als hij ons wilde zien. Mijn moeder klaagde veel over hem, we werden ook geregeld als boodschapper gebruikt. Vaak voelde ik me schuldig, en ik voelde ook de voortdurende spanning en het onvermogen. Wanneer we bij mijn vader waren geweest, liet ik mijn moeder vooral merken dat het helemaal niet zo leuk was geweest; ik voelde dat haast als een morele plicht.

Nadat mijn vader voor de tweede keer was gescheiden, nu van zijn voormalige assistente, kreeg hij een vriendin die wij erg leuk vonden. Zij nam ons mee op vakantie, terwijl ik tot mijn 12de nog nooit op vakantie was geweest. Ze kocht T-shirts die ze ons gaf wanneer we langskwamen. Goh, realiseerde ik me toen, we bestaan dus ook als we er niet zijn. Zelfs mijn moeder kreeg contact met haar; deze vrouw was immers niet degene die mijn ouders uit elkaar gedreven had. Ik herinner me nog goed dat mijn moeder een keer bij hen op bezoek ging en dat mijn vader en moeder samen op een foto gingen. Heel fijn vond ik dat.

Maar van de ene op de andere dag verdween ook zij uit mijn vaders leven. Er kwam meteen een nieuwe vrouw in beeld, met wie hij ook weer getrouwd is. Ogenblikkelijk waren alle sporen van die leuke vriendin in mijn vaders huis weggewist. Heel erg vond ik dat. Een door haar geschreven boodschappenlijstje heb ik nog lange tijd bewaard. Ik heb haar nog geprobeerd te vinden en haar brieven geschreven, maar haar nooit meer gezien. Tot ik haar drie jaar geleden op Hyves tegenkwam. Toen heb ik haar laten weten hoeveel ze voor me betekend heeft en hoe erg ik het vond dat ik nooit afscheid heb kunnen nemen. Haar reactie was aardig, maar ook nogal 'niks aan de hand'. Ik was er door uit het veld geslagen.

Toch heb ik haar vorig jaar weer een bericht gestuurd, net als de voormalige assistente. Dat was toen mijn vader plotseling overleed. Zij was, anders dan zijn ex-vriendin, wel aanwezig tijdens de uitvaart. Met mijn vaders derde vrouw heb ik gelukkig goed contact. Zij heeft wel eens gezegd dat mijn vader haar had verteld dat hij altijd slecht geweten heeft wat hij met mijn broer en mij aanmoest. Gelukkig was hij er wel voor me toen ik ouder werd, maar ik vind dat hij al met al te weinig rekening met ons heeft gehouden.

Toen mijn vriend en ik uit elkaar gingen regelden we in goede harmonie co-ouderschap. Ik ben door mijn eigen scheiding dubbel belast. Ik wilde mijn dochter niet aandoen wat mij overkomen is, en ik wil dat zij haar vader veel ziet. Mijn ex heeft inmiddels een nieuwe vrouw en ik heb een nieuwe vriend. Met hem kan ik goed praten, maar toch denk ik dat je je uiteindelijk alleen moet zien te redden en dat je je lot niet in handen van anderen kunt leggen. Dat heeft mijn moeder me bijgebracht, wijs geworden door haar ervaringen: zorg dat je onafhankelijk bent, of je nou wel of niet samen bent.'

N.B.: Dit artikel is op verzoek van de geïnterviewde en na goedkeuring van de hoofdredactie van de Volkskrant geanonimiseerd in mei 2014.

Meer over