Ik heb een hele kroeg overleefd

Zelfs de honden zijn mijn verjaardag vergeten, die ondankbare strontfabrieken.

null Beeld -
Beeld -

Vroeger kreeg ik op 4 november nog wel eens een telefoontje van mama. Een oudtante stuurde soms een zelfgebreide trui die ik meteen in de kledingbak van het Rode Kruis flikkerde. Om mijn aniversário toch een geveinsd feestelijk cachet te geven, bestel ik twee gebakjes bij mijn koffie. De besnorde serveerster met meer spatader dan been kwakt de bestelling op de tafel. Mijn bica dupla gutst over mijn boeken en mijn dagbladen. Zo'n dag wordt het dus.

Op de rommelmarkt kocht ik Over de liefde van Doeschka Meijsing en Veranderlijk en wisselvallig van haar broer Geerten. In de Algarve sterven dagelijks Nederlandse pensionado's en dan ben ik er als de kippen bij om een bananendoos vol boeken te scoren, door de erfgenamen gedumpt op de vlooienmarkt.

Er zat ook nog een mij onbekende Vestdijk tussen: De vijf roeiers. Daar plet ik nu vliegen mee, want het schrijfsel is werkelijk onleesbaar. Van De geluiden van de eerste dag van A. Koolhaas werd ik ook niet blij. Wat een overschatte scribent is dat en welke idioten lazen die ellende, met een taalgebruik nog trager dan het bijbelboek Leviticus.

De meesterwerken van de Meijsings las ik daarentegen in een ruk uit. Het fijne van die twee romans is dat er amper in wordt geneukt en al helemaal niet in het boek van Doeschka (al raakt haar lief zwanger van een meneertje, maar de beschrijving van die daad blijft de lezer bespaard).

Doeschka kende ik uit café Kerk aan de Vijzelstraat te Amsterdam. In Kerk kreeg ik vleselijke kennis aan de prachtige barkeepster Sjoukje, al moet ik toegeven dat ik geen concurrentie had. De kroeg waar Doeschka wortel had geschoten, werd namelijk gefrequenteerd door uitgerangeerde toneelnichten, alcoholische potten, de onvermijdelijke Ramses Shaffy en de kwijleballen van het afgrijselijke cabaretgezelschap Purper met de manische schreeuwlelijk Adelheid Roosen, die ik nog nooit op een coherente zin betrapte. In die tijd ging de helleveeg voor de publieke treurbuis naar Afrika, waar ze een erectiedodend paringsritueel uitvoerde met haar zwarte zusters die slechts schaamlappen droegen. Het enige positieve van deze tenenkrullende nonsens was dat de voorloopster van Sunny Bergman haar T-shirt aanhield.

Ik veeg de koffie van Doeschka en blader nog eens door haar roman. Iedereen uit café Kerk is dood, constateert ze droevig. En nu is lieve, verdrietige Doeschka ook dood. Dat is het enige wapenfeit vandaag: ik heb een hele kroeg overleefd.

Meer over