'Ik denk dat mensen nu vaak te laat sterven'

VAN ONZE VERSLAGGEEFSTER ANA VAN ES

'Ik heb een patiënte gehad van 78 jaar, met eierstokkanker. Een doodvonnis. De oncoloog had gezegd: we kunnen opereren en daarna chemotherapie geven. Dat is heel zwaar. Ze zou nooit meer worden genezen, maar stemde toe. Toen kwam ze bij mij. Ze zei: mijn grote angst is in een ziekenhuis doodgaan. Ze heeft die behandeling niet meer gedaan.'

Joris Slaets (59) is hoogleraar ouderengeneeskunde in het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG). De resultaten van de deze week verschenen enquête in het tijdschrift Medisch Contact- 62 procent van de artsen vindt dat er te lang wordt doorbehandeld - zijn hem uit het hart gegrepen. Zelf zegt hij al jaren dat de opstelling van artsen aan het sterfbed fundamenteel moet veranderen.

'Levensduur, dat is te veel een heilige graal geworden. Elke medische studie draait om overleven. Maar daar hangt een te hoog prijskaartje aan: zeer oude mensen die nog op een intensive care belanden, misselijk in bed liggen na een chemokuur. Het gaat niet om levensduur, maar om menswaardig leven.'

Wat is uw laatste patiënt van wie u dacht: die wordt te lang doorbehandeld?

'Die zie ik vrijwel dagelijks. Neem een vrouw met beginnende dementie, waarbij ze nierdialyse willen starten. De nefroloog zegt: we kunnen daarmee de nierziekte behandelen. Maar als je kijkt naar de persoon, dan is dat een onzinnige gedachte. Die mevrouw raakt daar alleen maar meer van in de war en het is de vraag of ze er langer door leeft.'

De meeste artsen vinden het eng om een gesprek te voeren over het naderende levenseinde. Ze gaan dat liever uit de weg. Wat zegt u tegen uw patiënten?

'Ik vraag altijd: begrijpt u wel dat het levenseinde nadert? Mensen gaan uit van het eeuwige leven. De medische wereld wakkert dat aan, academische ziekenhuizen voorop. Sommige patiënten zijn blij dat je erover begint. Anderen weren het af. Of ze beginnen over waar ze bang voor zijn. Alleen doodgaan, bijvoorbeeld. Ik vraag altijd: wat wilt u nog doen in uw leven? En dan pas gaan we kijken wat de geneeskunde kan bijdragen.

'Ik heb bijna de gehele opleiding psychiatrie gedaan. Tijdens mijn loopbaan heb ik altijd gewerkt op het snijvlak van interne geneeskunde en ouderenpsychiatrie. Ik vind dat je gewoon over de dood moet kunnen praten.'

Maakt u weleens mee dat u behandeling niet meer zinvol acht, maar de patiënt er toch op staat?

'Ik had een vrouw van vooraan in de 80. Zij stond op een zware openhartoperatie. Ik zag vooral grote risico's. Ze zei: ik ben zo gehandicapt door dit slechte hart, ik grijp mijn kans. Die operatie is redelijk gelukt. Maar helaas, toen ze weer beter was, viel ze van haar elektrische fiets. Had ze een gebroken been.'

De Nijmeegse oncoloog Harm Rutten stelt in Medisch Contact: als 10 procent van de medische kosten wordt gemaakt in de eerste 90 procent van het leven en 90 procent van het budget wordt uitgegeven om het leven met 10 procent te rekken, dan zit er iets scheef. Vindt u dat ook?

'De zorg dreigt onbetaalbaar te worden. Kijk, je moet menswaardige zorg kunnen bieden. Maar je moet grenzen stellen aan medische interventies. De hele geneeskunde zit vol valse hoop. Dat leidt tot claimgedrag van patiënten. Artsen moeten zeggen: u kunt deze behandeling wel willen, maar we hebben afgesproken dat we dit niet meer doen. Leeftijd is daarvoor geen goed criterium. Je moet iemand geen openhartoperatie weigeren omdat hij toevallig 85 jaar is. Levensverwachting en vitaliteit zijn betere criteria.'

U hebt het over een humane behandeling als uitgangspunt. Dat is iets heel anders dan kijken naar de portemonnee. Gaat dit nu over menswaardige zorg of over geld?

'Nou, het gaat samen. Want in de praktijk hoef je het financiële aspect niet zo nadrukkelijk aan de orde te stellen. Als je patiënten eerlijk vertelt wat een behandeling inhoudt, wat de bijwerkingen zijn, dan kiezen ze zelf voor minder intensieve ingrepen. Dat kost dan vanzelf ook minder geld.'

Wordt er in ziekenhuizen nu gepraat over de kosten van een medische behandeling?

'Nee, dat is een groot taboe. Artsen willen daar absoluut niet over praten. Je moet het ook niet in de spreekkamer doen. Maar een arts, die heeft toch een publieke taak. Ik denk dat mensen nu vaak te laat sterven.'

Dat is nogal een uitspraak. Hoe bedoelt u dat?

'Ze sterven op een manier die ze niet willen. Patiënten met dementie waren vroeger allang doodgegaan aan hart- en vaatziektes. Langlevendheid wordt zo langzamerhand een vervelende bijwerking van de geneeskunde. Mensen worden letterlijk begraven vol medicijnen om hart- en vaatziektes te voorkomen. Je moet veel eerder kijken: is dit nog wel nodig, wat voegt dit toe?'

Krijgt u voor dit standpunt bijval onder uw collega's?

Na een stilte: 'Mondjesmaat. Maar niet zo veel. Al begint dat langzaam te veranderen.'

undefined

Meer over