Ik dacht nog maar kort te leven te hebben

Waar te beginnen? Of liever gezegd: waar opnieuw mee te beginnen?

Remco Campert Beeld Stephan Vanfleteren
Remco CampertBeeld Stephan Vanfleteren

Misschien in mijn warrige toestand nog het best met woorden zorgvuldig bij elkaar gevormd door de dichter Gerrit Kouwenaar in het gedicht 'De sterfelijkheid houdt aan' uit de bundel Het bezit van een ruïne (Querido, 2005): 'De sterfelijkheid houdt aan, deze morgen/ ontwaakte er een in mijn slaap, en vanavond/ vraagt het nuchtere glas om genade, men ademt/ zich uit als een als een inzicht, men is, ik herhaal me/ spel hoe men zich weervindt in dit haast vervleesde/ voortdurend kortstondige zelvige grondstuk, lijf/ lijk als weefsel, ik zijnde, wijn wikkend, zeker/ de nachten zijn war en onzeker, verdichten zich/ waar men in zit, men erft zich alleen/ het steeds weer voorbije, zo tast men zijn omtrek -'.

Waarom dit gedicht? Ik herken er enigszins de toestand in waarin ik verkeerde, in verre verte. Een paar weken geleden werd ik in een ambulance gedragen, vreemd voor een vrije vogel om vastgesjord te liggen, en met spoed overgebracht naar het VU-ziekenhuis om behandeld te worden aan een serieuze longontsteking. Er brak een rare tijd aan, in een bed heen en weer gereden, geröntgend, geopereerd, 'de nachten zijn war en onzeker'. Ik raakte al snel de tijd kwijt. Ochtend, avond? Geen idee. Ik dacht nog maar kort te leven te hebben, maar nu leek wel een eeuwigheid te duren. Een beetje dom dacht ik dat. Ik zou het niet eens willen. Hoewel?

Mijn kortademigheid zal ik nu maar wat lucht inpompen met een tekst van Johnny van Doorn uit zijn Verzamelde gedichten (De Bezige Bij, 1994).

'Aan beide kanten van een/ Weggetje ligt een grote/ Berg zand, 46 patiënten/ Doen gedurende 8 uren/ Niets anders dan hun/ Kruiwagens vullen met/ Het zand van de ene berg,/ En het weer uitstorten/ Op de andere berg./ Of omgekeerd./ Ook het onafgebroken/ Houtjeshakken in/ Een speciaal daarvoor/ Bestemd gebouwtje/ Is een veel toe-/ Gepaste therapie:-/ In de lift wordt/ Onder snerpen-de/ Gillen een ver-/ Pleegster door/ 2 roodaangelopen/ Vogels verkracht &/ Misselijk van al die/ Slapstick gooi- en/ Smijt-partijen verlaat/ Ik na een wekenlang/ Op onthoud dit lan-/ Delijk herstellingsoord,/ Op het randje na/ Niet KZ verklaard,-/ Maar met goede moed/ In landrovers op/ Vakantiereis/ Door het Franse & Spaanse land,'

Goede moed, daaraan ontbrak het je nooit, Johnny. En een reddend scherp gevoel voor humor. Ik ben er nog steeds trots op dat zijn eerste bundel door mijn toedoen bij De Bezige Bij verscheen.

undefined

Meer over