'Ik beschuldig Bush, Balkenende en ook u, rechter'

De moord op Van Gogh heeft hij in zijn eentje beraamd. Veel meer wil Mohammed B. voor de rechtbank in Amsterdam niet zeggen....

'Ik ga u niet vertellen wie er allemaal bij mij kwamen. Misschien kuntu vertellen wie er bij u op bezoek komt?' Mohammed B. (27) reageertgeërgerd op vragen van de rechters, die naar zijn mening te persoonlijkzijn. 'Dat gaat u niet aan', antwoordt hij geregeld. Op de derde dag vanhet Hofstadproces ontrolt zich 'een spelletje', zoals Mohammed B. debehandeling van zijn zaak betitelt.

De moordenaar van filmmaker Van Gogh is duidelijk niet van plan mee tewerken met 'de rechtbank van de ongelovigen'. Wel meent hij dat zijngedachtegoed, zijn geschriften en de verspreiding ervan geen misdaad is.Op vragen hierover, ketst hij terug: 'Is dat strafbaar?' Soms reageert hijgevat, dan weer stamelt hij.

Meestal zwijgt B. maar op vragen over zijn geloof laat hij zich wel uitde tent lokken. Vooral officier van justitie Plooy krijgt hem aan de praat.Voordat de officier aan zijn vragen begint, merkt hij op dat B. tijdenszijn zwijgen 'met grote regelmaat een minzaam lachje' laat zien.

Mohammed B.: 'Dat moest u zeggen, voor de publieke tribune, Ik vind hetniet nodig om hierop te reageren.'

Plooy wil weten wat B. precies bedoelde toen hij op zijn laatsteprocesdag in juli zei dat hij Van Gogh uit geloofsovertuiging had vermoord.'Was het alleen het geloof?'

Mohammed B.: 'Ik hoop het.' Dat er helemaal niets anders in zijn hoofdspeelde, kun je volgens B. 'nooit helemaal uitsluiten, natuurlijk'. Datweet alleen Allah.

Plooy: 'Van Gogh is vermoord, omdat hij de profeet beledigde?'

Mohammed B.: 'Als u een beetje geschiedenis kent van de islam en van deprofeet, had u geweten dat de profeet expliciet opdracht heeft gegevenzulke mensen de kop eraf te halen. Godslastering is een misdaad in deislam. Punt.'

Plooy: 'Misschien is het een rare vraag, maar maakt u onderscheid tussenGod en de profeet?'

Mohammed B.: 'Dat is geen rare vraag. Ik ben ook niet zo deskundig alsu wel denkt.'

Plooy: 'Kan geloof ook een excuus of rechtvaardiging zijn voor crimineelhandelen?'

Mohammed B.: 'Volgens uw maatstaven zou dat kunnen.'

Plooy: 'Uw maatstaven zijn anders?'

Mohammed B.: 'Die zijn anders.'

Plooy vraagt door op de criminaliteit. Hij wil weten of diefstal vanongelovigen geoorloofd is.

Mohammed 'B.: 'Zo vindt u het rechtvaardig een heel land leeg teplunderen, plat te bombarderen.'

Plooy: 'U beschuldigt de Verenigde Staten?'

Mohammed B.: 'Ik beschuldig jullie allemaal. Hoe kan het dat één man(vermoedelijk Van Gogh, red.) zo veel los kan maken, terwijl duizenden,miljoenen mensen doodgaan. Iedereen doet alsof er niets aan de hand is. Ikbeschuldig Bush, Balkenende, Chirac, u ook, de rechter, u en u (wijzend opde andere rechters en de officieren van justitie) en iedereen hier achtermij. U kunt zich wel verplaatsen in één moeder, maar niet in 500 duizendkinderen die worden opgeofferd voor democratie. (...) U bent niet bereidte voorkomen dat duizenden, vandaag de dag, nog steeds doodgaan.'

Plooy vraagt over B.'s bekeringsdrang. Hij stelt zijn radicaleopvattingen voortdurend op papier en probeert zijn geschriften zelfs uitde gevangenis te smokkelen. Plooy: 'Zijn die documenten bedoeld voorverspreiding in een kleine kring van vrienden, of ook voor buiten diekring?'

Mohammed B.: 'Ja hoor, ze zijn ook voor u. Geef u over aan Allah en zijnboodschapper en redt uw ziel van het eeuwige hellevuur.'

B. weigert te praten over de verklaring die hij op 17november bij derechter-commissaris aflegde. Hij wil alleen herhalen dat hij de moord opVan Gogh in zijn eentje heeft beraamd.

Officier Van Dam leest voor uit een afgeluisterd gesprek tussen deSyriër Abu Khaled, verondersteld geestelijk inspirator van deHofstadgroep, en een onbekend gebleven persoon. Uit dat gesprek zou blijkendat Abu Khaled, die op de dag van de moord het land ontvluchtte, van dedaad op de hoogte was.

Van Dam: 'Klopt dat?'

Mohammed B.: 'Ik heb het met niemand gedeeld.'

Van Dam: 'Ook niet met Abu Khaled?' Mohammed B. : 'Volgens mij valt hijook onder niemand.'

Op 13 januari houdt de officier van justitie zijn requisitoir. Wil hijdaarbij aanwezig zijn? Mohammed B.: 'Het liefst bespaar ik mij de moeite.'

Meer over