'Ik ben toch een soort verlengstuk'

Eigenlijk begrijpt Jan Smeets niet waarom een interview met hém nou zo interessant is. Oké, de Limburger is geestelijk vader van het oudste jaarlijks gehouden popfestival van Europa Pinkpop en hij viert zijn veertigjarig jubileum in het vak....

Van onze verslaggeefster Machteld van Hulten

Routineus maar enthousiast vertelt Smeets zijn anecdotes, over zijn eerste singletjes (All I have to do is dream van de Everly brothers), over stapels oude exemplaren van de Hitweek en Tune Tunes die hij nog steeds bewaart. En natuurlijk hoe hij, grafisch ontwerper van oorsprong, in het vak rolde van concertorganisator.

'Het was de tijd van de flower power. De meisjes rukten de bloemen uit de tuin van de pastoor en staken die in de haren.' Vanuit de Katholieke Arbeidersjeugd in zijn dorp Einighausen organiseerde hij allerlei feesten en concerten: de Love-in in 1967 en Instuif Carna.

'Ik liet de jeugd dansen op een vulkaan van vuur, tot grote ergernis van de pastoor en de burgemeester. Bij de Love-in nam de recherche de suikerklontjes mee, om te kijken of er LSD in zat.'

Door Pater Van der Ven - 'jezuïeten waren altijd erg modern' - werd hij aangenomen als 'amusementsmanager' bij de Berchmans Sociëteit in Maastricht. Daar 'gooide' hij 'het roer om'.

Op Smeets' jubileumfeestje vanavond op zijn eigen evenemententerrein Megaland in Landgraaf treden Peter and his Rockets op. Precies veertig jaar geleden, op 29 november 1961, boekte Smeets zijn allereerste concert. 'In mijn lievelingsprogramma Tijd voor teenagers van Co de Kloet hoorde ik Kom van dat dak af voor het eerst.' Op de fiets reed hij vervolgens naar Eindhoven naar de viszaak van Koelewijns ouders om 'aan Peter te vragen of hij een fanclub mocht oprichten'.

Sinds het eerste Pinkpop, in 1970 in Sportpark in Geleen, hebben de meeste grootheden wel op het podium in 'Landgrave' gestaan: van Captain Beefheart en The Cure tot U2, The Police, Van Morrison en The Red Hot Chili Peppers. Wie ontbreekt? 'Neil Young', Smeets' grootste idool.

Pinkpop-hoogtepunten kan Smeets moeilijk opnoemen, zó veel zijn het er: 'de spectaculaire duik van Eddie Vedder van Pearl Jam vanaf de tv-kraan', 'Sinéad O'Connor die zestigduizend mensen doodstil kreeg'.

Wat hem zo trekt in dit vak: 'Ik kan zelf niet zingen of gitaarspelen, maar zo ben ik toch een soort verlengstuk van de artiesten. Na een concert zijn er zoveel mensen die je bedanken. Misschien ben ik verslaafd aan die adoratie.'

Maar er waren ook moeilijke momenten. In 1985 redde Mojo het festival op het nippertje van de ondergang. In dat jaar had Pinkpop zo weinig bezoekers dat er zes ton verlies werd gedraaid. Volgens critici was Smeets' programmering niet bij de tijd genoeg. Smeets wijt het tegenvallende bezoek aan praktische zaken: 'Ik kon niemand krijgen. Stadionconcerten waren toen zo populair, dat grote bands als U2, Simple Minds alleen maar in De Kuip wilden spelen. '

Hoewel de programmering van Pinkpop sinds 1985 dus in handen is van Mojo, heeft Smeets niet stil gezeten. 21 Jaar was hij voor de PvdA actief in de politiek, als statenlid in Limburg en als gemeenteraadslid in Sittard. En hij is al 27 jaar manager van Urbanus. Verder organiseert hij als local promotor van Mojo nog altijd grote concerten - The Stones, Tina Turner, Gloria Estefan - en volgt hij de nieuwe muziek. Onlangs bezocht hij zestien dagen lang alle dance-tenten op Ibiza. Ook denkt hij nog mee de Pinkpop-programmeurs: 'Als ik ergens een bandje hoor waarvan ik denk: hé dat is wel wat. Dan bel ik Willem Venema van de programmacommissie, of die band al op de lijst staat. Ik maak er een sport van om dingen door te drukken.'

Meer over