IJsmuts enige echte golf-icoon

St. Andrews in Schotland was ooit een religieus centrum, maar is tegenwoordig nog slechts het heilige der heiligen van de golfsport....

door Peter de Waard

Tennissen op Wimbledon of voetballen op Wembley is voor gewone stervelingen niet weggelegd. Maar iedere huis-, tuin- en keukenatleet kan een balletje slaan op het heilige gras van St. Andrews in Schotland, de home of golf.

Het is prijzig - 85 pond (ruim driehonderd gulden voor een rondgang) - en je moet een beetje geluk hebben bij de dagelijkse loting. Maar dan mag een mannelijke golfer met een handicap van 24 of lager en een vrouwelijke met 36 of lager een uur of vier gaan modderen in de bunkers en de rough van de beroemdste golfbaan ter wereld. Omdat op verschillende holes de vlag vanaf de tee niet te zien is, is het raadzaam om een professionele caddie te huren die adviezen kan geven over de richting van en de snelheid waarmee de bal moet worden geslagen. Dit kost dertig pond extra, maar wie eenmaal zoveel heeft uitgegeven, zal daar niet over vallen. Daarnaast kan de caddie behalve advies geven ook de golftas dragen, want de clubs mogen op deze heilige course niet op wielen worden vervoerd. Overigens: wie een beetje op de kosten wil beknibbelen, kan voor slechts vijftien pond ook een niet-gediplomeerde tassendrager huren die alleen als pakezel fungeert.

St. Andrews was ooit een religieus centrum, maar is tegenwoordig nog slechts het heilige der heiligen van de golfsport. Golfcity, zoals de stad zich op de taxi's afficheert, ligt aan de oostkust van Schotland; ruim een uur rijden van Edinburgh en nog geen drie kwartier van Dundee. Het kleine stijlvolle Schotse stadje telt slechts 14 duizend inwoners plus nog zesduizend studenten, onder wie William, de oudste zoon van Charles en Diane, die al zoveel vrouwelijke studenten het hoofd op hol heeft gebracht dat de aantrekkingskracht van de universiteit is verveelvoudigd en de vastgoedprijzen zijn geëxplodeerd.

Maar ook zonder de zogenoemde Wills-factor is St. Andrews koninklijk, bekakt, duur en exclusief. Dat heeft de stad vooral aan de Old Course te danken: de bekendste golfbaan ter wereld die iedere rechtgeaarde golfliefhebber ongeacht de kosten één keer in zijn leven wil bedwingen zoals een bergbeklimmer een Himalaya-top.

Lutz Sobner (55) en zijn vriend Dieter Zocher (57) uit Berlijn hebben de achttien holes net beëindigd. 'Het is een belevenis. Niet omdat de baan zo moeilijk is - mijn score is ondanks de harde wind zelfs beter dan op zoveel andere banen - maar omdat je bij iedere slag even stilstaat bij een beroemde gebeurtenis uit het verleden. Vanaf hier sloeg Langer de bal in de bunker, hier verloor Norman de titel door die afzwaaier, dit is de plaats waarvan Duval de bal in één keer op de green kreeg en ga zo maar door. En nu kan jij de bal slaan vanaf dezelfde plekken als deze golfberoemdheden. Het is een feest van de herkenning', zegt Sobner.

De Old Course is niet aangelegd, maar geëvolueerd in een periode van zes eeuwen. Elk vierkante meter grond heeft daardoor zijn eigen roemrijke historie: van Ginger Beer - waar Old Daw Anderson in 1850 verfrissingen begon te verkopen - op hole nummer 4 tot de Shell-bunker op hole nummer 7, de Principal's Nose op hole nummer 16 en de Swilken Bridge op hole nummer 18. Amateurs willen hier in het voetspoor treden van de grote professionals die in St. Andrews hun mooiste overwinningen behaalden. 'Als een golfer herinnerd wil worden, dan zal hij op St. Andrews moeten winnen. Dan is zijn grootste droom uitgekomen', zei de Amerikaanse golflegende Jack Nicklaus. 'Winnen is altijd zoet, maar winnen op St. Andrews betekent nog iets meer dan alle andere overwinningen samen', verklaarde de Spaanse topper Seve Ballesteros. 'Als ik als golfer ergens werd neergezet en nooit meer weg zou mogen, dan zou ik voor St. Andrews kiezen', riep Bobby Jones.

Alf Cattenach (62) woont in Edinburgh, maar eens per maand golft hij een middag in St. Andrews. 'In de buurt van Edinburgh hebben we zeker twintig golfbanen, maar dit is toch de place to be. Hole 1 en hole 18 zijn in zeshonderd jaar nooit veranderd: eerst vanaf de stad en uiteindelijk weer terug naar de stad, in de richting van het clubhuis van de Royal and Ancient Golf Club waar nog altijd de regels van het spel worden bepaald en vrouwen nog steeds geen voet over de drempel mogen zetten', zo stelt hij bijna vergenoegd vast. 'Welke golfer kent dat beeld niet?'

Cattenach is ook suppoost bij St. Andrews, een functie die hier heel deftig marshall heet. Tijdens grote toernooien houdt hij het publiek op afstand. 'Een paar weken geleden heb ik tijdens de Dunhill Cup met Marco van Basten meegelopen, die grote voetballer uit Nederland. En ik moet zeggen: hij is een geweldige golfer', aldus Cattenach.

De Old Course is maar een van de golfbanen op het complex St. Andrews Links dat uit in totaal vijf 18-holes en één 9-holes courses bestaat en daarmee het grootste golfcomplex van Europa is. Wie niet meteen op de Old Course terecht kan, heeft daardoor genoeg alternatieven. Op de meeste minder bekende courses kan al voor bedragen van negen tot twintig pond een hele dag worden gespeeld. 'Ondanks mond- en klauwzeer en ondanks het wegblijven van de Amerikanen na 11 september breken we dit jaar alle records op de Links. Eind december zullen hier 219 duizend rondes golf zijn gespeeld, tienduizend meer dan in ons vorige recordjaar 1997', vertelt Caroline Nurse van St. Andrews Trust, de beheerder van het complex. Zij denkt dat sprake is van een Woods-effect. Vorig jaar won de beste golfer ter wereld op deze baan het Britse Open - 'bij stralend mooi weer, terwijl het de week daarvoor en de week daarna waardeloos was.'

Volgens Nurse is dit gebied in Schotland het mekka van het golf. In het kleine zogenoemde Kingdom of Fife, waarvan St. Andrews deel uitmaakt, zijn in totaal veertig golfbanen, 'waarvan de helft binnen tien mijl van St. Andrews'. Maar uiteindelijk wil iedereen maar één ding: een rondje lopen op de Old Course.

'St. Andrews is gelukkig een openbare golfbaan. Iedereen kan hier spelen en dat maakt het ook zo uniek. Andere beroemde courses in de wereld zoals de Augusta National in de VS zijn exclusief voor leden', zegt Nurse. Maar ook bij St. Andrews heeft niet iedereen dezelfde rechten. Wie permanent - 'dus geen mensen met een vakantiewoning' - binnen de gemeentegrenzen van St. Andrews woont, kan voor 103 pond een jaarabonnement kopen. Wie één meter buiten de grens woont, betaalt al 50 procent meer. En een buitenlander betaalt 450 pond voor een jaar abonnement.

De stadsbewoners vormen daardoor nog altijd de meerderheid van de golfers op de banen van St. Andrews. Nurse: 'Golf is hier echt de grootste sport. Kinderen krijgen op hun zesde verjaardag al clubs cadeau, waarmee ze op de oefenvelden kunnen oefenen, terwijl hun vaders op de Old Course bezig zijn. Het karakter van St. Andrews verschilt daardoor ook veel van de Spaanse golfcourses. Daar golft de lokale bevolking nauwelijks en vind je uitsluitend andere toeristen op de baan.'

In de zomer is er op St. Andrews echter geen garantie voor een rondje op de Old Course. Meestal zijn er zeven keer zoveel belangstellenden als er dagelijks ruimte is. Daarom wordt elke middag geloot. Volgens de wetten van de kansberekening zou je één keer per week aan de beurt moeten komen, zij het dat de baan op zondag gesloten is. Nurse: 'Daar is een andere eeuwenoude wet schuldig aan. Die verplicht ons een plaats voor openbare recreatie te zijn. Op zondag is de course wandelgebied voor de lokale bevolking.' De golftassen met clubs maken die dag plaats voor de natuurvorsers, die met hun vogelgidsen de leeuwerik op hole nummer 2 en de grijze patrijs op hole 14 proberen te vinden.

De courses liggen ingeklemd tussen het brede strand en de historische stad. Het winkelend publiek kan zes dagen per week meeluisteren met de driftige commentaren van de golfers op de baan. Sommige spelers worden daar zo onrustig van dat ze de holes langs de weg overslaan. Generaal Eisenhower begon zelfs zijn partijtje pas op hole 2. President Clinton had dit jaar minder moeite met de publieke belangstelling: hij liep de volledige course.

Tijdens de winterperiode is er een betere kans om te kunnen spelen op de Old Course. Maar men moet er zich dan wel weer op kleden. De ijsmuts is in dat jaargetijde een vast onderdeel van de uitrusting en is inmiddels zelfs een icoon van St. Andrews Links geworden. 'Wie zegt dat golfers niet fysiek zouden kunnen afzien? Wie zegt dat wij geen mannetjesputters zijn? Jullie hebben je Elfstedentocht, wij hebben de even klassieke winterse tocht over St. Andrews', lacht Alan McGregor, general-manager van St. Andrews Links.

Hij golft op zaterdagochtend in een snijdende noordenwind met John P. Hagens, een multimiljonair uit Californië. Hagens, eigenaar van de golfclub La Quinta vlakbij Los Angeles, komt hier elke november. 'Ik heb zelf een prachtige course midden in de woestijn van Californië. Maar er gaat niets boven een novemberdag op de zonnige en winderige baan van St. Andrews. Dat is de puurste vorm van golf.'

Onlangs kocht Hagens voor 59 duizend pond (bijna twee ton) de startersbox van de Old Course: een piepklein stenen gebouwtje dat tachtig jaar geleden voor misschien nog geen tien pond werd neergezet. 'Ik laat het slopen en verschepen naar de States. Elke beroemde golfer heeft hier zijn kaart afgegeven. Het is de meest gefotografeerde sportplek ter wereld', beweert hij.

McGregor zegt geen pogingen te hebben gedaan om het gebouwtje te behouden. 'Wij hadden een grotere ruimte nodig. En de oude startersbox is te groot voor ons museum. Dan kun je die beter verkopen en de opbrengst gebruiken voor de opleiding van jonge golfers.'

De golfbedevaart naar St. Andrews eindigt niet met de laatste putt op hole 18. De rechtgeaarde liefhebber brengt daarna zijn uitrusting up to date bij de langs deze baan gelegen golfwinkel van Thom Morris (vanaf 1848), bezoekt het op het complex gelegen Britse Golfmuseum en nipt even verder om de hoek een wee dram (whisky) weg bij Dunvegan. Hier zijn op honderden foto's de 'golfgeesten van weleer' te zien. Wie de rondgang over de Old Course heeft volbracht, kan zich even in hun gezelschap wanen.

Meer over