Iedereen heeft wel van die hanenpoten

In de heropening van de Deventer moordzaak speelt de gelijkenis tussen handgeschreven briefjes een grote rol. Maar echt verantwoord zijn de analyses nog niet, denken de experts....

Bijna zeven jaar na de moord op Jaqueline Wittenberg is het dossier vande Deventer moordzaak nog steeds niet gesloten. Ernest Louwes werd in 2004veroordeeld tot twaalf jaar cel voor de gruweldaad, maar het OpenbaarMinisterie heropende het onderzoek ongeveer een maand geleden. Er waren'signalen uit de samenleving' die op de onschuld van Louwes wezen.

In de tuin van weduwe Wittenberg werd kort na de moord een briefjegevonden met een excuustekst: 'Hierbij wil ik u mijn excuses aanbieden. (.. .)Want ik weet dat u voor de spullen die ik en mij vriend hebbengestolen, hard gewerkt hebben.' Het briefje werd getoond in OpsporingVerzocht en de twee schriftkundigen van bureau Waisvisz boden aan eendaderprofiel te maken.

Volgens het echtpaar Waisvisz bleek na analyse van de tekst dat deauteur 'moedergebonden' was en dat het om een bekende van de weduwe moestgaan. Aan het handschrift meenden zij karaktereigenschappen te kunnenontlenen. Grafologie heet dat. En de techniek is tegenwoordig omstreden.

De geschiedenis van de grafologie gaat terug tot de 17de eeuw. DeItaliaanse fysicus Camillo Baldi kwam in 1622 als eerste met een manuscriptwaarin hij betoogde dat het karakter van de schrijver uit zijn handschriftis af te leiden. Tot vijftig jaar geleden was dat in Nederland een gangbaretheorie en werd grafologie als bijvak van psychologie gegeven aanuniversiteiten.

De wetenschappelijke ondersteuning voor grafologie verdween in dejaren zestig door de publicatie van een aantal onderzoeken. Zo toonde eenproefschrift van Abraham Jansen aan dat grafologen niet beter in staat zijnpersoonlijkheidskenmerken in het handschrift te vinden dan leken. Dewetenschappelijke steun voor grafologie brokkelde daarna snel af.Tegenwoordig zijn er nog enkele verenigingen, stichtingen en clubjes dievinden dat grafologie wel degelijk een wetenschap is.

Het echtpaar Waisvisz liet het niet bij deze 'wetenschap': het kwam ophet spoor van een tweede anonieme brief. Die was gericht aan de politie enbevatte de boodschap dat de vermoorde vrouw Wittenberg tegen betaling jongemannen ontving. Wanda en Ed Waisvisz vergeleken de twee anonieme brievenmet het handschrift van Meike, de vriendin van 'klusjesman' Michael de J.en vonden veel overeenkomsten.

Hun theorie was als volgt: Michael de J. wilde de dood van de weduwelaten lijken op roofmoord. Daarom zou hij later met Meike het plan hebbengemaakt om het excuusbriefje in de tuin van Wittenberg achter te laten. Detechniek die het echtpaar Waisvisz gebruikte, heet handschriftvergelijking- niet te verwarren met grafologie. Handschriftvergelijking wordt nog wélgebruikt bij forensisch onderzoek.

Schriftvergelijkers kijken naar verschillende eigenschappen van eengeschreven tekst. Vaak beginnen ze met materiaalkeuze; de papier- eninktsoort. Het belangrijkste deel van de vergelijking is de vorm en textuurvan het handschrift: de hellingshoek, de ronding en de verbondenheidsgraad.Daarnaast speelt de lettersoort een rol: iemand die een k met een bovenlusschrijft, produceert vaak ook een l met een bovenlus. Verder wordt gekekenhoeveel ruimte een persoon gebruikt om te schrijven. Als laatste wordeninhoud, spelfouten en interpunctiegebruik onder de loep genomen.

Handschriftvergelijking wordt in Nederland regelmatig gebruikt bijforensisch onderzoek. Vooral bij handtekeningfraude is het een veelgebruiktinstrument. Maar hoe betrouwbaar is déze methode?

Handschriftvergelijking wordt onder meer gehanteerd door het NederlandsForensisch Instituut (NFI). Maar hoogleraar rechtspsychologie Peter vanKoppen van de Universiteit Leiden noemt de manier waarop het NFIhandschriftvergelijking uitvoert, 'zeker niet sterk'. Hij denkt dathandschriftvergelijking nuttig kan zijn voor politie-onderzoek, maar danzou er wel een andere methode moeten worden gebruikt.

'Nu vergelijkt men twee stukken geschreven tekst met elkaar. Eén isgeschreven door persoon A en van de ander vermóeden ze dat die doorpersoon A is geschreven.Vervolgens worden beide teksten vergeleken.

'Met zo'n methode kun je geen normale uitspraak doen. Er speelt eenverwachtingseffect: men verwacht een bepaald element te vinden en datgebeurt dan ook. Onderzoekers worden minder gevoelig voor verschillen.'

Dat het NFI deze methode niettemin gebruikt, zegt volgens de kritischehoogleraar Koppen niet zoveel. 'Het NFI gebruikt wel meer zwakkemethodes.'

Koppen verwijst niet de hele handschriftvergelijkingstheorie naar deprullenbak. Het is alleen de gehanteerde werkwijze die niet deugt. 'Eenline-up methode kan wél bruikbaar zijn. Naast een gevonden briefje moetendan handschriften van een groot aantal verschillende schrijvers gelegdworden met de vraag: zit hij ertussen? Dat maakt het middelhandschriftvergelijking een stuk sterker. Helaas wordt deze werkwijze inNederland nauwelijks toegepast.'

Digitaal

Prof. Lambert Schomaker, directeur van de afdeling kunstmatigeintelligentie van de Rijksuniversiteit Groningen, past deze techniek wéltoe. Digitaal. Hij ontwikkelt software waarmee handschriftanalyse aancomputers kan worden overgelaten. De computer vergelijkt een tekst metander handgeschreven werk uit een database. De computer kijkt welkhandschrift uit de database het meest lijkt op de tekst waarvan de auteurgezocht wordt. Het resultaat is een tophonderd van meest waarschijnlijkematches, vergelijkbaar met de weergave van de internet-zoekmachine Google.

Volgens Schomaker kunnen computers nauwkeuriger naar het handschriftkijken dan mensen. 'Menselijke schriftexperts verschillen nog weleens vanmening. Door gebruik van computers zal de overeenstemming groter zijn.'

Schomaker verwacht veel van de toekomstige mogelijkheden. 'Debetrouwbaarheid van handschriftanalyse ligt nog lang niet in de buurt vandie van dna, maar er zijn zeker kansen. Als we een paar regelshandgeschreven tekst hebben, kunnen we nu al met 80 procent zekerheid degoede uit een database van 250 halen. Dat is nog niet de één op 200duizend die het NFI wil, maar voor de toekomst zit er zeker muziek in dezetechniek.'

Meer over